Reisverslag Indonesië: Van Bali naar Sumatra
|
Dag 316: maandag
24 maart (Kuta, Bali - Indonesië) Om 01.30 uur zijn we geland vlakbij Denpasar. Toen ik uit het vliegtuig uitstapte voelde ik het al. Enorm heet en vochtig. Er was een lange rij bij de douane dus na een half uur was ik aan de beurt. Hij vroeg om mijn paspoort en ticket. Ik dacht: ‘Wat moet hij nou met mijn ticket?’. Hij keek erin en zei ‘No ticket, no ticket’. Ik dacht wat moet hij nou. Hij heeft toch mijn ticket voor zijn neus. Na tien minuten zei die bars: ‘Ga daar staan’. Wat krijgen we nou? Hij had alles van mij, mijn paspoort en ticket. Na een half uur daar zo gestaan te hebben, terwijl iedereen naar mij keek, wenkte hij mij. Hij gaf mijn spullen terug en zei dat het goed was. Het was inmiddels al 02.30 uur en ik was moe. Bij de bagageband stonden weer een stel Indo’s om alles van de band af te laden. Dus vlug mijn rugzak gepakt. Toen ik uiteindelijk door de douane was begon het volgende probleem: geld. Er was een pinautomaat maar die was tijdelijk buiten werking. Buiten gekomen dacht ik dat ik flauw viel, het was er zo benauwd. Ik werd meteen belaagd door Indo’s. Daar zag ik nog een bank maar die wilde mij ook geen geld geven. Dus mijn US$50 (die eigenlijk voor noodgevallen had) ingewisseld tegen een veel te lage koers. Toen ik daar zo buiten stond ontmoeten ik twee Zweedse meiden die ook niet wisten wat ze zouden doen. Dus met hen een taxi gepakt en gevraagd of hij ons bij een hostel (Losmen) af kon zetten. Het was inmiddels al 03.00 uur, Nieuw-Zeelandse tijd 07.00 uur. Dus ik was helemaal gebroken. Na een kwartier gereden te hebben kwamen we bij een bungalowpark aan. De kamer zag er goed uit. Dus daar uitgestapt. We zitten met zijn drietjes op een kamer en betalen 40.000 rupiah (15 Euro) voor ons drieën. Na een douche genomen te hebben ben ik mijn bed ingedoken maar ik was klaarwakker en kon niet in slaap vallen. Ik werd wakker gehouden door muggen en blaffende honden en het was hartstikke warm. De Zweedse dames waren ook niet echt verlegen want die lagen topless in bed met alleen een slipje aan. Dat vond ik natuurlijk niet erg! Uiteindelijk maar een uur geslapen. Om 10.00 uur opgestaan en een gratis ontbijt gehad. Een pannenkoek met banaan. Nadat we die op hadden zijn we wat rond gaan lopen. We werden voortdurend lastig gevallen door Indo’s die ons van alles aan wilde smeren: parfum, horloges, armbanden en nog meer rotzooi. Ik begon mijn geduld te verliezen! Op een gegeven moment een man uit Wales ontmoet en die heeft mij verteld waar ik naar toe moet hier in Bali. Het was een hele vriendelijke man. De vrouwen stelden voor om een brommer te huren. Dat was wel een goed idee. Dus wij een brommer gehuurd, wat achteraf een motor bleek te zijn. Maar die Indo’s geven daar niks om, als ze hun geld maar krijgen. Het kostte 15.000 Rupiahs (6 Euro) voor een dag. De tank volgegooid en gassen. De vrouwen voelde zich niet zo lekker dus na de lunch (rijst met groente en vlees) zelf op pad gegaan. Ze rijden hier als malloten maar volgens mij was ik de grootste. Ik had besloten om naar een apen bos te gaan, 40 kilometer van Kuta. Na een uur was ik daar, het verkeer was een puinhoop. Ik ben wel blij dat ik die twee meiden ontmoet heb want ik had er niet aan moeten denken dat ik vandaag alleen was geweest. Bij het apenpark aangekomen zaten de apen gewoon op straat, ik dacht, even filmen. Ik durfde het eigenlijk niet omdat de mensen hier zo arm zijn. Maar toen ik dat stomme beest aan het filmen was kwam ie naar mij toe en pakte mijn Ray Ban zonnebril. Ik kon er niet achteraan want dat beest rende keihard weg. Toen ik dus die aap achterna liep steelde een andere aap mijn landkaart. Gelukkig kwam er een opzichter aan en het lukte hem om mijn zonnebril en kaart terug te krijgen. Ik heb die man maar 5.000 rupies gegeven voor zijn hulp. Toen werd ik belaagd door een vrouw die bananen verkocht voor die beesten. Dus wat bananen gekocht en 1.000 rurpies entree was ik binnen. Daar kwam meteen een kerel langs lopen om over die beesten te vertellen. Na vijf minuten had ik het wel voor gezien. Hem 500 rupies gegeven omdat hij mij gefilmd had, hij liep lachend weg. Volgens mij was het te weinig. Dus op mijn scooter gesprongen en verder gereden en natuurlijk weer verdwaald. Ik reed door rijstvelden en zag mensen naakt een bad nemen in de sloot langs de weg. Op een gegeven moment de weg gevraagd aan een jongen. Toen hij het uitgelegd had zei hij dat kost je een paar dollar. Ik dacht, je kunt mijn rug op en ben weggereden. Na anderhalf uur gereden te hebben was ik terug. Onderweg nog een Balinese optocht gezien en veel vrouwen die topless rondliepen. In Kuta aangekomen
ben ik op zoek gegaan naar een bank want ik had geld nodig. Na tien
banken geprobeerd te hebben had ik uiteindelijk een bank gevonden waar
ik kon pinnen. Daar ontiegelijk veel geld opgenomen, genoeg voor mijn
reis door Indonesië. Ben ik niet blij mee want ze stelen hier als
raven. Dus goed op mijn spullen letten. Teruggekomen in het hostel een
douche genomen en weer uit eten geweest. Ik heb de motor een dag langer
gehuurd want het bevalt goed. Alleen als er iets gebeurd ben ik niet
verzekert. ’s Avonds van een mooie zonsondergang genoten op het
strand. Daar wat Nederlanders ontmoet. Aan hen gevraagd waar zij
verbleven in Kuta en het adres gekregen. Het was goedkoper dus morgen
daar maar naar toe. De twee meisjes vertrekken morgen ook naar een
andere plaats. Nu 23.30 uur zit ik buiten (te zweten) met een fles bier.
Het was vandaag 27 graden maar het voelde als 50 graden. Ik heb in deze
twee dagen in Azië meer meegemaakt dan een maand in Kiwi land. Dag 317: dinsdag
25 maart (Kuta) Om 07.00 uur was ik
alweer wakker en zweette mijn eigen kapot. Na weer een koude douche
genomen te hebben (warm water hebben ze niet) op de motor gesprongen en
naar Sanu gereden. Het was hetzelfde als Kuta. Na een uur daar
rondgehangen te hebben ben ik naar Denpassar gereden. Maar dat was een
vieze stad. Dus maar weer een eind rond gaan rijden. Het binnenland in
maar daar regende het. Dus maar teruggereden naar Kuta. Onderweg weer
mensen gezien die naakt aan het baden waren langs de weg. Vanmorgen voor
ik vertrok naar Sanu mijn rugzak gepakt en naar een ander hostel gegaan.
De Zweedse meisjes zouden naar Lombok gaan. De receptionist begon over
schilderijen te zeuren. Hem belooft die ’s avonds te bekijken.
Uiteindelijk een gekocht voor 50.000 rupies, hij vroeg eerst 100.000
rupies. Daarna ergens gaan eten en gelukkig wat mensen ontmoet. Daar
’s avonds mee uit geweest. Dag 318: woensdag
26 maart (Kuta) Om 09.00 uur
opgestaan en flink ontbeten. Ik heb een kamer voor mezelf voor 3,50
Euro. Toen ik aan het ontbijten was een Indo ontmoet die Nederlands
sprak. Daar een uur mee zitten te kletsen, hij probeerde mij Indonesisch
te leren. Na deze les ben ik de stad ingelopen en heb de hele dag
gewinkeld. Ik werd gek van die straatventers die van alles probeerde te
verkopen. Het was hartstikke heet en vochtig, ik zweette mij kapot. Toen
ik ergens zat heb ik een kiwi ontmoet en daar een tijdje mee zitten
praten. Hij was een kapitein van een grote tanker. Het is te heet om te
schrijven en ik heb honger. Een stuk of vijf T-shirts gekocht, korte
broeken en slippers. ’s Avonds nog ergens gaan eten met een aantal
mensen. Die gingen vroeg slapen dus weer teruggelopen naar het hostel.
Daar een Engelse jongen ontmoet en daar mee op stap geweest. Het is hier
zo goedkoop maar als je iets wilt kopen moet je afdingen. Ik dacht dat
het me goed afging maar achteraf blijk ik nog te veel betaald te hebben
voor alles. De nachtclub was hartstikke druk, daar wat cocktails
gedronken voor 2,50 Euro. Je kreeg een fles van een liter. Om 24.00 uur
teruggelopen. Onderweg werd ik aangesproken door een Balinezen en ze
vroegen of ik transport wilde. Daar een half uurtje mee staan te kletsen
en verder gelopen. Dag 319: donderdag
27 maart (Ubud) Om 11.00 uur ontbeten
en de stad ingegaan op zoek naar een bank om te pinnen want ik weet niet
of je ergens anders kan pinnen. Toen ik eindelijk een bank vond bleek ik
flink in het rood te staan want ik kreeg er maar de helft uit van wat ik
wilde. Teruggelopen naar het hostel, hevig zwetend onder de douche
gesprongen en mijn spullen gepakt. Ik zou om 13.00 uur de bus pakken
naar Ubud. Na anderhalf uur rijden kwamen we in Ubud aan. Het is hier
een stuk mooier dan in Kuta. Toen de bus stopte werden we belaagd door
mensen. Die wilde dat we in hun hotel zouden overnachten. Uiteindelijk
met iemand meegelopen. Het kost 3,50 Euro voor een nacht en ik heb een
eigen appartement met warm water. ’s Middags wat rondgelopen samen met
Magnus en ergens gaan eten voor een paar euro. Het eten was
voortreffelijk. ’s Avonds weer ergens gaan eten maar dat was minder.
Toen we eigenlijk besloten hadden om terug te lopen kwamen we langs een
plaats waar een soort bioscoop was. Daar naar binnengelopen, het was
gratis. Toen ik daar binnenkwam ontmoette ik nog twee meiden die ik in
Nieuw-Zeeland had leren kennen. Het was gaaf om weer een paar bekenden
te ontmoeten. Toen de film afgelopen was naar een andere plaats gelopen
en daar Forest Gump gekeken. Om 24.00 uur nog even naar het appartement
van de twee meiden gelopen, die zaten hartstikke luxe maar betaalde veel
meer. Ze besloten morgen te verkassen naar hetzelfde appartement als ik. Dag 320: vrijdag
28 maart (Ubud) Om 09.00 uur
opgestaan en ontbeten. Toen de Engelse meiden (Anne en Macy) hier kwamen
bleek alles vol te zitten dus zijn ze naar de buren gegaan. Met hen gaan
winkelen en zelf niks gekocht. Omdat het zweetweer was het zwembad
ingedoken. We moesten er wel 3.000 rupies voor betalen. Daar wat kaarten
geschreven en die gepost. ’s Avonds zijn we met allen naar Balinese
dansen geweest. Dat was prachtig. Ze vertoonden drie dansen. Nadat de
voorstelling voorbij was teruggelopen naar Ubud. Daar wat gegeten in ons
favoriete restaurant, het eten is daar voortreffelijk voor weinig geld.
Na het eten weer ergens film gaan kijken en om 12.00 uur mijn
tweepersoonsbed ingedoken. Dag 321: zaterdag
29 maart (Ubud) Om 07.00 uur was ik alweer wakker en maar opgestaan. Na een kop thee (die alweer klaar stond voor mijn deur) en een pannenkoek eens gaan kijken of Anne en Macy al wakker waren. We zouden vandaag een auto huren en wat rond gaan rijden. Om 09.00 uur op pad gegaan. Bij een verhuurbedrijf zeiden ze dat het 35.000 rupies was voor een jeep maar we moesten een half uur wachten. Dus maar besloten om even de ring te gaan kopen die Macy zo mooi vond. Ze vroegen gisteren 30.000 rupies maar vandaag maar 20.000. Daarna een verhuurbedrijf binnen gelopen om eens te kijken hoe duur het daar was. Ze vroegen 50.000 rupies voor een jeep met airco. Uiteindelijk afgepingeld tot 35.000 rupies. Eerst zijn we naar een tempel gereden (Olifant Cave). Daar moest ik een sarong om, het was geen gezicht maar wel gelachen. Daarna door de bergen naar een plaats gereden. Daar moesten we 5.000 rupies betalen anders kwamen we het dorp niet eens in. In het dorp heb je heel mooi uitzicht over het dal. In het midden van het dal ligt een werkende vulkaan. Het was prachtig maar overal waar we stonden werden we belaagd door mensen die ons iets wilden verkopen. Na van het uitzicht genoten te hebben verder gereden. Ik had echt het gevoel dat ik nu in Indonesië was. Het is schitterend hier, de rijstvelden, de mensen, gewoon alles. Het is wel zweten maar daar wel je snel genoeg aan. Ze zeggen dat de mensen in Oz en Kiwi vriendelijk zijn maar hier slaat het gewoon alles. Na de vulkanen zijn we verder gereden naar Lovina beach. Daar ergens wat gegeten. We hebben ons rot gezocht naar een restaurant en uiteindelijk iets gevonden. Daar saté met rijst gegeten en twee glazen drinken. Ik moest minder dan 2 Euro afrekenen. Na het eten op het strand gaan liggen. Weer werden we belaagd door Indo’s die ons sarongs, houten dolfijnen, schelpen, drinken, ijs en magic mushrooms wilde verkopen. Daar nog twee Indo’s ontmoet van mijn leeftijd die Nederlands spraken. Na even gepraat te
hebben weer verder gereden naar Tarah Lot. Dat is een tempel die midden
in de zee ligt. We moesten haasten want binnen twee uur was het donker
en we reden door een bergrijk landschap. Ik werd gek van de motorfietsen
en van al dat langzame verkeer. Op een gegeven moment zag ik het bord
Tarah Lot, dat dus maar gevolgd. We kwamen in de middle of nowhere
terecht op een zeer slechte weg vol met gaten. Eerst dacht ik dat we
verkeerd zaten maar we zaten op de goede weg. In 15 minuten tijd hebben
we echt Indonesië gezien. Gammele huizen, zwaaiende mensen,
hazengevechten en zelfs een autorally. We reden dwars door de
rijstvelden, het was onbeschrijfelijk mooi. We waren eigenlijk te laat
bij de tempel want het was al donker. Het stikte daar weer van de
winkeltjes. Na een kijkje te hebben genomen bij de tempel zijn we
teruggereden naar Ubud. Het was nog een uur rijden. In totaal 230
kilometer afgelegd en een goede indruk van Bali gekregen. Om 20.00 uur
waren we terug in Ubud en naar ons favoriete restaurant gelopen en daar
weer heerlijk gegeten voor 3,50 Euro. We werden hartelijk onthaald. Na
het eten een andere tent ingelopen en daar film gekeken. Net
teruggekomen en onder de douche gesprongen. En nu 24.00 uur lig ik op
mijn tweepersoonsbed wat bij te schrijven. Het was vandaag weer een
fantastische dag. Maar besloten om met die meiden een week naar Lombok
te gaan want ik heb absoluut geen zin om alleen te reizen. Dag 322: zondag 30
maart (Ubud) Na het ontbijt, het was inmiddels al 10.00 uur, een handwasje gedaan. Na het wassen met de vrouwen naar het zwembad gelopen. Daar een paar uur doorgebracht, het was hartstikke heet. Na wat bijgekleurd te hebben zijn we naar een restaurant gelopen waar we ’s avonds altijd film kijken. Daar geluncht en naar een film gekeken die ze speciaal voor ons op hadden gezet. Het is maar een arm land maar ze hebben wel laser disk films met dolby surround. Na de film zijn we teruggelopen naar het hotel. Anne vroeg of ik meeging naar een meditatieplaats. Daar een uur doorgebracht, het was nogal slaapverwekkend. Toen we terug waren weer onder de douche gesprongen en dadelijk gaan we weer uit eten. Het lijkt wel of ik op vakantie ben hier. Elke dag uit eten! Heb trouwens de bus en veerboot geboekt naar Lombok, was maar 7 Euro. Dag 323: maandag
31 maart (Senggigi - Lombok) Om 09.30 uur de bus gepakt naar de haven waar de veerboot zou vertrekken naar Lombok. Na een hobbelende tocht en flink gezweet te hebben daar om 10.45 uur aangekomen. Ik voelde me niet zo lekker en af toe zag ik zwart voor mijn ogen. Volgens mij komt het door de malariapillen. Ik had vanmorgen namelijk een zwaardere genomen. Na drie liter water en een bord nasi voelde ik mij beter. Om 12.00 uur vertrok de ferry, de overtocht zou vier uur duren. De boot was volgens mij van voor de oorlog maar uiteindelijk om 16.30 uur in Lombok aangekomen. Daar werden we belaagd door jongens die ons water wilde verkopen. Na tien minuten
gewacht te hebben werden we in een bus gepropt en zijn we naar Senggigi
gereden. Onderweg kwamen we een aantal parades tegen. Het waren
trouwpartijen. Het was net een carnavalsoptocht. Na een uur gereden te
hebben kwamen we hier aan. Daar werden we weer belaagd door mensen die
wilde dat we in hun hotel zouden overnachten. Maar onze gids wist hier
een hotel dus daar maar naar toe gegaan. De eerste kamer was hartstikke
goor en vol met muggen. Dus toen ik vroeg of ze de kamer konden sprayen
werd ik naar een andere kamer gebracht. Dat was een stuk beter maar het
was nog niet veel. Maar ja, het kost maar 4 Euro. Na een douche genomen
te hebben op zoek gegaan naar een restaurant. Op straat werden we
aangesproken door iemand die vroeg of we in zijn restaurant wilden eten.
Hij sprak ook nog Nederlands. We werden gratis met een busje naar het
restaurant gebracht en ook weer teruggebracht. Het restaurant was
hartstikke luxe. In Nederland zou je al snel 50 Euro kwijt zijn per
persoon. Maar ik was in totaal 7,50 Euro kwijt. Er speelde een bandje en
alles was hartstikke goed verzorgd. We kregen een gratis welkomstdrankje
en rijst en we hoefden geen tax te betalen. Na een lekkere kop soep, Mie
Goreng gehad en ananas juice en twee grote biertjes. We hebben daar de
hele avond gezeten en om 23.00 uur werden we teruggebracht. Dag
324: dinsdag 1 april (Senggigi - Lombok) Om 07.00 uur was ik
alweer wakker. Om 09.00 uur opgestaan en buiten gaan zitten om wat in
mijn dagboek te schrijven. Om 11.00 uur ontbeten, we kregen brood met
banaan en thee. Daarna weer een Indonesche les van de locals gekregen.
Om 12.00 uur met Anne en Macy naar het strand gelopen. Daar wat op het
strand gelegen maar we werden voortdurend lastig gevallen door Indo’s
die ons van alles probeerden te verkopen. Het strand was hartstikke
mooi, kristalhelder water en een strand met waaiende palmbomen. Langs
het strand liggen luxe appartementen met zwembaden. Bij een hotel een
duik genomen in het zwembad en toen we eruit kwamen kwam er een kereltje
naar ons toe en zei dat we 10.000 Rupies moesten betalen. Dus ons
handdoekje gepakt en weer naar het strand gegaan en daar in de zon gaan
liggen. Om 17.00 uur teruggelopen naar ons hotel. Daar een oude
Hollander ontmoet en daar even mee staan te praten. Hij denkt hetzelfde
over de Indo’s als ik. Het zijn mensen die overal geld uit proberen te
slaan. Ze zijn vriendelijk maar achter je rug om proberen ze je te
besodemieteren. Op het strand nog een geschilde ananas gekocht voor 1500
rupies. Kom ik terug bij het hotel, ontmoet ik een stel die 500 rupies
heeft betaald voor twee ananassen. ’s Avonds uit eten geweest langs
het strand, weer rijst met groente en vlees. Daar tot een uur of elf
gezeten. Toen we terugkwamen nog een kaartje gelegd met een Indo en een
Engelse. Dag
325: woensdag 2 april (Senggigi) Om
10.45 uur opgestaan en ontbeten. Deze keer een boterham met ananas. Na
het ontbijt zijn we naar een boekingskantoor gelopen en daar een trip
naar de Gillie eilanden geboekt. Tevens de trip terug naar Bali geboekt.
Het kostte maar 12 Euro. Rond 17.00 uur ergens een half liter bier
gedronken voor een Euro. We werden nog steeds belaagd door Indo’s die
van alles wilde verkopen. Schijtziek word ik ervan. ’s Avonds lekker
gegeten. Garnalen in een zoetzure saus met rijst voor maar 4 Euro. Na
het eten nog een kaartje gelegd met de vrouwen en een Engelse jongen die
we daar ontmoet hebben. Dag
326: donderdag 3 april (Gilli eilanden) Vandaag vroeg
opgestaan want we moesten om 09.00 uur de boot hebben naar de Gilli
eilanden. Het is eigenlijk een groep eilanden. De boot werd zo
volgeladen met mensen en rugzakken dat iedereen dacht dat we zouden
zinken. Maar dat is gelukkig niet het geval. Na een uur gevaren te
hebben kwamen we eindelijk aan. Daar een leuk appartement gevonden voor
nog geen vijf Euro per nacht. Weer een tweepersoonsbed met een matras
dat zelfs beter is dan thuis. ’s Middags weer naar het strand gegaan.
Wit strand met palmbomen en helder water. Zo’n helder water heb ik nog
nooit gezien, het is net een zwembad. Daar tot 17.00 uur gelegen. Nog
een masker geleend van iemand en wat gesnorkeld maar het koraal viel
tegen. Op verschillende plaatsen geïnformeerd wat het kost om te
duiken. Het is goedkoper dan in Oz dus besloten om nog maar een keer te
gaan duiken. Op de boot twee Engelse jongens ontmoet waarvan er een
jarig was. ’s Avonds met zijn allen uit eten geweest en naar een bar
en disco gegaan. Het was gezellig, alleen te veel bier gedronken.
Iedereen had te veel op. Ze hebben hier alleen flessen van 650 ml. Om
02.00 uur teruggelopen en gaan pitten. Dag
327: vrijdag 4 april (Gilli eilanden) Vandaag weer de hele
dag op het strand gelegen en ’s avonds ergens een stomme film gekeken. Dag
328: zaterdag 5 april (Gilli eilanden) Om 08.00 uur opgestaan en ontbeten. Om 09.00 uur zou ik bij het duikcentrum zijn. Na de duikspullen bij elkaar gezocht te hebben zijn we met de boot naar de andere kant van het eiland gegaan. We zouden met vier man duiken, twee Zwitsers en een Indo. We hebben tot een diepte van 26 meter gedoken. Plotseling zagen we een grote reefshark (haai) ergens rustig tussen het koraal liggen. Hij was zo’n 2,5 meter lang. Daar even naar gekeken en weer verder gezwommen. Het koraal was heel mooi maar als je het vergelijkt met het Great Barrier Reef dan stelt dit niks voor. Er waren wel duizenden vissen. Toen we daar zo aan het zwemmen waren zag ik een grote haai van 3,5 meter of langer in cirkels rondom ons heen zwemmen. Ze hebben mij verteld als een haai dat doet dan is ie nerveus en wil ie aanvallen. Dus ik raakte een beetje in paniek en probeerde weg te zwemmen van de haai maar hij bleef mij volgen. De groep waar ik mee dook zwom een stuk verder voor mij uit. Mijn armen gespreid want haaien vallen geen dingen aan die groter zijn dan zij zelf. Plotseling kwam de haai kaarsrecht naar mij toe. Ik dacht even dat het gebeurd was met me dus zo snel als ik kon weggezwommen en gelukkig zwom de haai weg. Na 40 minuten was de tank leeg dus moesten we weer naar boven. Daar werden we opgepikt door de boot en teruggebracht naar het vasteland. ’s Avonds zou ik
een nachtduik doen maar die was pas om 18.00 uur. Dus maar naar het
strand gegaan en de rest opgezocht. De zon was hartstikke fel en we
besloten om in een eettentje te gaan zitten. Langs het strand wat
gegeten en veel gedronken want het is nog steeds heet hier. 35 graden
overdag en enorm vochtig, ’s avonds is het rond de 25 graden. Om 18.00
uur naar de duikschool gelopen en daar gewacht tot het donker werd. Om
18.30 uur in de boot gestapt en zijn we naar de duikplek gevaren. Daar
met twee jongens uit Zweden gedoken en een instructrice uit Kiwi land.
De duik was weer schitterend. Het is onbeschrijfelijk mooi ’s nachts.
Je ziet geen bal, het enige wat je ziet is waar je met je lamp
opschijnt. Een gigantisch grote schildpad gezien. Zo’n grote heb ik
nog nooit gezien. Verder nog wat giftige vissen gezien. Ook een vis met
allemaal stekels gezien. Toen we daar onze lamp op schenen was het net
een zwemmende lampion. Ik vind het nacht duiken leuker dan een gewone
dagduik. Om 20.00 uur was ik terug en na een douche genomen te hebben
naar het restaurant gelopen. Daar weer wat bier gedronken. Plotseling
had de kroeg geen bier meer en moesten ze bier kopen bij het restaurant
van de buren. De jongens zeiden dat er ergens een feestje was dus daar
maar naar toe gelopen. Anne was nogal verbrand vandaag en ze had een
zonnesteek. Zij was daarom eerder teruggegaan naar het hostel. Het
feestje was bijna een uur lopen dus toen we daar aankwamen zweette we
ons eigen kapot. Na een biertje een glas Arak besteld maar ze hadden
alleen maar flessen. Het kostte maar 4 Euro, maar een hele fles Arak was
te veel. De fles dus gedeeld met Simon. Arak is ongeveer hetzelfde als
Palinka. Het is een sterke rijstwijn van 38% alcohol. Toen we die fles
leeg hadden was ik goed zat dus om 24.00 uur teruggelopen (gekropen)
naar het hostel. Dag
329: zondag 6 april (Gilli) Om 12.00 uur mijn bed
uitgekomen en ik voelde me goed beroerd. Maar besloten om niet te gaan
duiken om 13.00 uur. Na een flink ontbijt wat zitten kletsen met Dean,
een Indo die in het restaurant werkt. Teruggekomen weer mijn bed
ingedoken. Er werd op de deur geklopt. Het was Anne en ze vroeg of ik
mee ging om een boot te boeken terug naar Lombok. Dat dus gedaan. Toen
ik terugkwam mijn filmcamera gepakt en wat gaan filmen. Dean vroeg wat
het was want het schijnt dat ze hier nog nooit een filmcamera gezien te
hebben. Hij keek door de lens en werd halfgek toen hij zag hoe de zoom
werkte. Eigenlijk voelde ik me niet echt veilig om met dat ding over
straat te lopen. Dag
330: maandag 7 april (Gilli) Om 06.00 uur
opgestaan want om 07.00 uur moesten we de boot hebben naar Lombok. In
Lombok aangekomen hebben we de bus gepakt naar de haven. Daar de
veerboot om 10.00 uur gepakt naar Bali. Het was weer bloed- en
bloedheet. Om 15.00 uur in Bali aangekomen. Uiteindelijk om 17.00 uur in
Kuta aangekomen. Meteen naar de bank gerend om geld te halen want ik had
helemaal niets meer. ’s Avonds uit eten geweest en wat rondgelopen.
Bij een discotheek een jungle juice gedronken met Tracy. Dag
331: dinsdag 8 april (Kuta, Bali) Om 09.00 uur schoot ik wakker. Ze waren de boel aan het verbouwen en dat maakte veel herrie. Na mijn was gedaan te hebben ontbeten. Tijdens het ontbijt met iemand gesproken en die had te vertellen dat het morgen Balinees nieuwjaar is en dat alles gesloten is, zelfs de restaurants. Het is niet toegestaan om op straat te lopen, doe je dat wel dan krijg je een boete. Dus eigenlijk zit je een dag gevangen in je hotel. Eigenlijk niet te geloven, het is hier een grote toeristenfabriek en ze sluiten de toeristen op voor een dag. Dus maar besloten om vandaag nog naar Java te gaan. Na wat rondgelopen te hebben mijn reis geboekt naar Java. Toen ik terug kwam in mijn kamer werd er op de deur geklopt. Er was telefoon voor mij. Het was het boekingskantoor en ze zeiden dat de bus vol zat. Dus geannuleerd en maar besloten om hier te blijven. Maar niet in Rita’s house want ik had weinig zin om daar gevangen te zitten. Dus op zoek gegaan naar accommodatie met zwembad (uiteindelijk een gevonden). Het kost me 35.000 per nacht, normaal 10.000 in een eenvoudiger hotel. De afzetters! Op dat moment haatte ik Indonesië. Tracy en Anne vliegen morgen naar Singapore en er was geen mogelijkheid om naar het vliegveld te gaan. Het transport ligt vanwege het Balinees nieuwjaar volledig stil. Uiteindelijk hebben ze een hotel gevonden voor 80.000 die hen morgen naar het vliegveld brengt. Zelf vertrek ik vrijdag naar Yogakarta. Om 10.00 uur ’s ochtends en ik arriveer daar om 07.00 uur ’s ochtends. De bus heeft geen airco, dus dat wordt een nachtmerrie. Vanmorgen
nog naar de wc gerend want ik was aan de schijterij. Macy ook,
waarschijnlijk kwam dat door die bottle juice van gisterenavond. Om
15.00 uur naar het strand gegaan. Daar werd ik meteen weer belaagd door
een vrouw die mij wilde masseren. Ze begon met 20.000 en eindigde met
3.000. Dus daar mee ingestemd, ze haalde lotion voor de dag en dat is
5.000 extra. Ik zei nee maar ze gooide het toch op mijn rug.
Uiteindelijk 5.000 gegeven. En voortaan geen massage meer voor mij. Om
18.15 uur samen met Anne en Macy naar de zonsondergang gekeken op Kuta
Beach. Het was werkelijk betoverend mooi. Na de zonsondergang ergens
gaan eten. Ik had een Indonesische rijsttafel besteld voor nog geen vijf
Euro. Het eten was goed maar thuis is het beter. Na het eten naar
Ally’s gelopen om een milkshake te halen. Ze rekenen daar Westerse
prijzen. Om 21.00 uur van Anne en Tracy afscheid genomen want ze gingen
slapen. Dag
332: woensdag 9 april (Kuta) Om 10.45 uur
opgestaan en ontbeten. Een snee brood met jam en koffie. Daarna aan het
zwembad gaan liggen en wat gelezen in mijn Lonely Planet. En eens
gekeken wat het me kost om door Indonesië naar Maleisië te gaan.
Conclusie: ik moet weer naar de bank toe. ’s Middags begon het te
regenen. Gelukkig is het koeler nou. Net naar het restaurant gelopen en
een bordje friet besteld met een grote fles bier. Nu ga ik maar eens een
briefje naar huis schrijven. Het is zo stil vandaag, er is helemaal geen
verkeerslawaai wat ik dus absoluut niet gewend ben van Kuta. ’s
Avonds, of eigenlijk ’s middags, Gado-Gado gehad. Dat is groente met
saté saus en rijst voor nog geen twee Euro. Iedereen moet voor 18.00
gegeten hebben want het is niet toegestaan om de lichten aan te hebben.
Want volgens de Balinezen brengt dat ongeluk. Met Balinees nieuwjaar
schijnen er boze geesten in de lucht te zitten en als je buiten op staat
komt schijnen ze je aan te vallen. Nou, ik heb er vandaag geen gezien.
De Balinezen mogen vandaag ook niet eten of drinken, 24 uur lang. Maar
ik moet zeggen dat, dat pilsje vanmiddag goed smaakte. Morgen om 11.00
uur is die flauwekul afgelopen, dan mag je de straat op. Maar ik denk
dat ik wel eerder weg ben hier. Een dag is meer dan genoeg! Vandaag mijn
eigen kapot verveeld en enorm zitten balen. Ik heb een hekel aan om
alleen te zijn maar ik ontmoet onderweg wel weer iemand om mee te
reizen. Dit zijn nou de nadelen van alleen rondreizen, maar ja, het kan
niet altijd feest zijn. ’s Avonds mijn route verder uitgepland en mijn
spullen weer ingepakt. Dag
333: donderdag 10 april (Kuta) Om 11.00 uur naar een
andere accommodatie gelopen voor 10.000 per nacht. Na ingecheckt te
hebben naar het postkantoor gelopen maar die was dicht. Het was vandaag
nog steeds een nationale feestdag. Na wat boodschappen gedaan te hebben
voor morgen in de bus maar op het strand gaan liggen. Daar twee
Nederlandse meiden ontmoet. Ze zouden vandaag naar huis vliegen, op dat
moment had ik ook wel zin om naar huis te gaan. Want ik heb genoeg van
de hitte en de straatventers. Rond een uur of vier de stad ingegaan en
wat rondgelopen. Bij de Mac Donalds wat gegeten en het smaakte
uitstekend. Het was weer eens lekker om goede friet te krijgen en een
kleffe hamburger. Ook nog een heel groot warenhuis ingelopen en daar wat
rondgelopen en de prijzen bekeken. Een cd kost hier maar 12 Euro. Op de
terug weg een paar asociale Duitsers tegengekomen die vroegen of ik mee
ging naar een restaurant want daar was het happy hour. Daar tot een uur
of tien gezeten. Toen ik terugliep naar het hostel kwam ik een
Nederlands meisje tegen dat de weg kwijt was. Dus mijn Lonely Planet
gepakt en met haar rond gaan lopen. Na een half uur gelopen te hebben
kwam ze haar vriend tegen die haar aan het zoeken was. Na wat saté
gegeten te hebben bij een straatstalletje naar het hostel gelopen. Dag
334: vrijdag 11 april (onderweg naar Yogyakarta, Java) Vannacht slecht
geslapen, ik werd wakker gehouden door muggen. Uiteindelijk om 09.00 uur
opgestaan en naar de wc gerend. De saté was slecht gevallen gisteren.
Na een half uur op de wc gezeten te hebben een koude douche genomen. Ik
voelde daarna al wat beter. Om 10.00 uur zou ik met de bus opgehaald
worden maar dat werd uiteindelijk 10.30 uur. De bus was van voor de
oorlog, zo gammel was ie. Daar een Duitser ontmoet, een raar figuur maar
ik had tenminste iemand om mee te kletsen. Om 15.00 uur de veerboot
genomen naar Java. We moesten onze klokken een uur terug zetten. Nu is
het tijdsverschil met Nederland nog maar vijf uur. Op de veerboot een
leuke meid (Natalia) uit Kiwiland ontmoet. Ze gaat dezelfde kant uit als
ik maar zij gaat naar Bromo en ik naar Yogyakarta. Ze zei meteen dat ze
me in Yogyakarta op komt zoeken en dan trekken we samen verder. Dus
hopelijk ontmoet ik ze Yogyakarta. Nu, 16.00 uur, zit ik weer in een
gammele bus. De chauffeur scheurt er lustig op los. Ik ben blij dat ik
voldoende eten bij me heb want ik zit vanaf vanmorgen 10.00 uur al in de
bus en hij stopt nergens. Om 20.00 uur ergens gestopt en wat gegeten en
weer verder gescheurd. Ik dacht dat ik af en toe hard en lomp rij maar
hoe mijn chauffeur lapt echt alle regels aan zijn laars. Om 22.00 uur
zijn we van bus gewisseld. De bus was wat comfortabeler maar het was nog
steeds geen royal class. Volgens mij zijn de stadsbussen in Nederland
comfortabeler dan hier. Om 02.00 uur nog ergens gestopt voor een kop
koffie en om 05.00 uur waren we in Yogyakarta. Ik was zo gaar als
biefstuk. Daarna samen met James (Seatle, USA) een steegje ingelopen op
zoek naar accommodatie. Er liep een mannetje mee en die wees ons de weg
zonder dat we hem iets gevraagd hadden. Na drie hotels bezocht te hebben
eindelijk iets gevonden. We betalen hier nog geen 2,50 Euro met zijn
tweetjes en dat is spotgoedkoop. De kamer is niet veel maar het is
goedkoop. Na een douche genomen te hebben op bed geploft. Dag
335: zaterdag 12 april (Yogyakarta, Java) Om 11.00 uur
opgestaan en samen met James ontbeten bij een restaurant. Daarna naar
een galerie gelopen waar ze batik schilderijen maken. Daar probeerden ze
ons van alles aan te smeren. Na daar wat rondgehangen te hebben naar het
treinstation gelopen en naar een tourist center. We wilde informeren wat
het kost om met de veerboot naar Padang (Sumatra) te gaan. De een zei
dat de boot op donderdag zou vertrekken en de ander had het weer over
zaterdag. Dus een telefoonnummer gevraagd en het kantoor opgebeld maar
het telefoonnummer was niet juist. Dus zien we morgen wel weer verder.
Daarna een luxe winkelcentrum ingelopen, daar hadden ze weer van alles
te koop. Daar drie cd’s gekocht voor 12 Euro per stuk. Na een
milkshake en een zak frietjes bij Mac Donalds teruggelopen naar het
hostel. We waren verdwaald want het stikt hier van de steegjes maar
uiteindelijk toch terug gevonden. Om 18.00 uur nog naar huis gebeld,
eindelijk een telefoon gevonden waar je niet eerst 2 Euro hoeft te
betalen om de telefoon te gebruiken. Het kantoor zou om 18.00 uur dicht
gaan en plotseling deden ze het licht uit en de deur half dicht. Dus na
tien minuten met mijn ouders gekletst te hebben opgehangen. Yogyakarta
is best een leuke stad maar het stikt hier van de bedelaars. Ze hebben
hier ook riksja’s. Dat zijn fietsen met een bakje ervoor. ’s Avonds
naar een café gegaan en daar wat gedronken. Toen die dicht ging zijn we
naar een kroeg gegaan waar een band speelde. Het was barstens duur dus
na een drankje maar terug naar het hotel gegaan. Dag
336: zondag 13 april (Yogyakarta) Nog een maand te gaan en dan ben ik weer thuis. Op dit moment zie ik er naar uit maar dat komt ook wel doordat ik de luxe mis. Het gaat er hier allemaal zo primitief aan toe en ik zou wel weer gewoon kraanwater willen drinken en over straat willen lopen zonder dat ze je nakijken of willen besodemieteren. Maar als ik de keuze had tussen nog een jaar Oz of terug naar Nederland dan zou ik regelrecht naar Australië gaan want het was gewoon fantastisch daar. Vanmorgen schoot ik om 06.00 uur wakker van de wekker van James. We zouden om 07.00 uur opstaan maar hij had vergeten zijn klok een uur vooruit te zetten. Om 07.30 uur bij een restaurant ontbeten en daarna naar het boekingskantoor gelopen. We zouden vandaag met een tour een aantal tempels gaan bezoeken. De bus was weer eens een half uur te laat maar dat is normaal hier. Het was maar vijf Euro voor een dagtour. Eerst zijn we naar de grootste boedisten tempel in Zuid-Oost Azië geweest, Borobudur genaamd. Toen we de bus uitstapte werden we weer belaagd door mensen die ons van alles probeerden te verkopen. Nadat we 5.000 rupies betaald hebben mochten we de tempel zien. De Borobudur tempel is zo’n 100 jaar oud en het kostte 30 jaar geleden zo’n 12 miljoen dollar om hem te restaureren. Het was bloedheet maar toch maar naar boven gelopen waar we een mooi uitzicht hadden. Na wat rondgelopen te hebben zijn we met de bus naar een batik galerie gegaan. Daar wat rond gehangen maar buiten was het spannender. Daar stond de politie met knuppels en met geweren en gasgranaten te wachten. Er waren namelijk verkiezingen waardoor het nogal onrustig was maar er gebeurde weinig. Na een half uur
verder gereden naar de Prambanan tempel, de grootste Hindu tempel. We
moesten weer 5.000 rupies betalen om de tempel te bezichtigen. Ik vond
deze mooier dan de vorige. Weer werd ik toegelachen door de Indonesische
vrouwen. Ze zitten constant te flirten, volgens mij hebben ze maar een
wens, met een blanke te trouwen en te emigreren. Zo ook vanmorgen bij de
Borobudur tempel. Toen ik naar beneden liep werd ik aangesproken door
een achttal meisjes die met mij op de foto wilden. Ook vroegen ze om
mijn adres. Toen ik terug liep naar de bus werd ik weer aangesproken
door een aantal vrouwen of meisjes, want ze waren een jaar of zestien.
Maar de meeste vrouwen trouwen hier op deze leeftijd. Ze wilde Engels
spreken met mij. Het waren studenten die Engels aan het studeren waren.
Na een half uur gekletst te hebben wilde ze met mij op de foto en moest
ik een formuliertje invullen en een beoordeling geven wat ik vond van
hun Engels. Opnieuw vroegen ze mijn adres maar ik gaf een vals adres op.
Bij de tweede tempel had James ook een meisje ontmoet die ook zij dat ze
Engels wilde oefenen maar ze vroeg aan ons wat onze plannen waren voor
vanavond en voor morgen want ze wilde ons op komen zoeken. Maar daar
trapten wij niet in. Na de tweede tempel en een flinke stortbui hebben
we nog een zilverwinkel annex smederij bezocht. Om 17.00 uur waren we
terug en na een douche ergens gaan eten en om 20.00 uur naar het
postkantoor gelopen want ik zou daar twee mensen ontmoeten die ik twee
dagen geleden ontmoet had in de bus maar ze waren niet daar. Na het
Vredeburg museum gepasseerd te hebben kwam ik in het gebied waar de
winkels lagen. Daar kwam ik een Nederlandse bakkerij tegen maar ze
hadden niet eens chocolade bollen. Dag
337: maandag 14 april (Yogyakarta) Vandaag bijna de hele dag gewinkeld en bijna niks gekocht. Ik wilde een paar spijkerbroeken kopen en wat T-shirts maar ze hebben hier alleen maar kleine maten. Uiteindelijk een Levi’s T-shirts gekocht voor nog geen 15 Euro. Om 15.00 uur terug gelopen naar mijn hotel, daar zou ik James ontmoeten. Hij wilde vandaag wat batik gaan kopen. Net toen ik binnen was begon het hevig te regenen, een echte tropische regenbui. De regen kwam echt met bakken naar beneden en binnen de kortste keren waren de straten veranderd in rivieren, echt alles stond blank. Vanmorgen nog wat rond gelopen en wat gefilmd. Ook nog even naar het postkantoor gelopen om te kijken of ze mijn girokaarten accepteerden en dat was het geval. Ik weet namelijk niet of er banken zijn in Sumatra. Toen ik naar het postkantoor liep werd ik aangesproken door een man uit Bangkok. Althans, hij beweerde dat hij daar vandaan kwam. Hij zei dat hij op vakantie was en dat zijn zus naar Nederland zou komen. Hij was heel vriendelijk en heel stom, even vertrouwde ik hem. Hij vroeg of ik mee ging naar zijn hotel, een paar minuten van hier, zei hij. Hij stopte een taxi en zei kom. Ik dacht: ‘Ho eens even’. Dus hem bedankt en er tussenuit geknepen. Toen ik een stuk verder liep werd ik weer aangesproken door een local en zei dat ik geluk had gehad want die vent was van de maffia en probeerde toeristen naar zijn plaats te lokken en dan geld afhandig te maken. Ik dacht, daar kan deze local best wel eens gelijk in hebben want toen ik naging waar het gesprek over ging had het alleen maar met geld te maken. Hij heeft zelfs met een slimme omweg gevraagd naar mijn creditcard en andere stomme dingen. Dus ik heb geluk gehad dat ik het op tijd door had. Je moet hier steeds alert blijven want ze proberen je van alle kanten af te zetten en te misleiden. Maar ja, dit is Azië. Vanavond
voor het eerst van een kraampje op straat gegeten en het was een stuk
lekkerder dan in een restaurant, en ook een stukken goedkoper. Hopelijk
hoef ik morgen niet naar de plee te rennen. Na het eten zouden we een
meisje uit Canada ontmoeten die James die dag ontmoet had. We zouden
namelijk naar de puppet show gaan. Het was maar 4.000 ruppies maar ook
erg slaapverwekkend dus na 20 minuten weer gegaan. Het zou eigenlijk
twee uur duren. Na een lemon juice gedronken te hebben bij een
restaurant terug gegaan naar het hotel. Opnieuw 2 cd’s gekocht voor 12
Euro per stuk. Dag
338: dinsdag 15 april (Bandung) Om 07.00 uur
opgestaan en ontbeten. Nadat we naar het station waren geweest om te
kijken hoe laat de trein zou vertrekken zijn we naar de Pelni office
gelopen. Daar hadden ze te vertellen dat de boot op donderdag zou
vertrekken en dat deze vol is. Dus gaan we maar naar Jakarta en proberen
we het daar wel. Om 10.45 uur de trein gepakt naar Bandung. Het zou
negen uur duren en we betaalden voor deze reis 3,50 Euro. De trein was
zo gammel en zo smerig, iedereen gooiden gewoon alles op de grond. Het
was best grappig. Bij elk station kwamen er mensen binnen met etenswaar
om dit aan ons te verkopen. Bijna niemand sprak Engels. In de trein een
gezin ontmoet uit Bandung. Om 20.00 uur in Bandung aangekomen. Het is
een stuk koeler hier, het ligt dan ook op een hoogte van 750 meter. Het
uitzicht vanuit de trein was prachtig. Een heleboel rijstvelden en
prachtig tropische regenwouden gezien. We kwamen door kleine plaatsjes
en de mensen begonnen spontaan naar ons te zwaaien. Bandung is een
universiteitsstad. Nadat we een slaapplaats gevonden hebben zijn we door
de stad gaan lopen. We moesten hier bijna het driedubbele betalen voor
eten en het is nog niet eens een toeristische plaats. Bij een Chinees
restaurant voor vijf euro lekker gegeten en daarna wat rond gaan lopen.
Het stikte van de nachtclubs. Nog een maf ventje ontmoet in mijn losmen
(hostel). Hij sprak vloeiend Nederlands en had acht jaar in Den Haag
gewoond waarvan vijf jaar in de cel. Volgens mij is hij het land
uitgezet. Dag
339: woensdag 16 april (Jakarta) Alweer te vroeg naar
mijn zin opgestaan want we moesten de bus pakken naar Jakarta. Toen we
bij het toeristenbureau waren bleek dat het beter was om de trein te
pakken. Dus om 11.00 uur de trein gepakt naar Jakarta. We zaten business
class voor vijf euro de man. De omgeving was weer schitterend. Om 14.00
uur in Jakarta aangekomen en de tuk tuk gepakt naar het Pelni office om
een kaartje te kopen naar Padang in Sumatra. Maar het ticketkantoor was
dicht. Dus moeten we morgen weer terug. De tuk tuk gepakt naar Jalan
Jaksa waar alle hostels liggen. Eerst vroeg de tuk tuk 5.000 rupies maar
uiteindelijk mochten we voor 3.000 rupies mee. In Jalan Jaksa naar
verschillende hostels geweest maar dat was niks. Op straat kwamen we een
man tegen die een hostel had dus maar met hem meegelopen. Het lag
hartstikke achteraf in een steegje. We liepen langs open riolen en het
stonk verschrikkelijk. Het hostel was ok voor een nacht. Na een douche
en mijn was gedaan te hebben, hebben we de taxi gepakt naar Kota. In
Kota staan Nederlandse huizen en monumenten. Het verkeer was een
puinhoop. Uiteindelijk na een half uur rijden in Kota aangekomen. Het
stikte van het verkeer en de smog maar geen Nederlandse gebouwen.
Uiteindelijk een gevonden. Het was een oude gevangenis die de
Nederlanders gebouwd hadden voor de Indonesische boeven. Naar mijn
mening was het te klein want het stikt er hier van. Je wordt van alle
kanten afgezet. Toen het donker begon te worden maar weer een taxi terug
gepakt. In Jalan Jaksa ergens een hapje gaan eten en een winkelstraat
ingelopen. Het was inmiddels al 21.00 uur en nog steeds stonden er
files. Er lagen mensen langs de straat zonder benen en armen te bedelen.
Het verschil tussen rijk en arm is hier enorm groot. Nadat we daar wat
rond hebben gelopen een bar ingedoken en wat kaarten naar huis
geschreven. Om 21.00 uur zou er een film komen dus die maar gekeken en
om 24.00 uur teruggelopen. Ik had moeite om de weg terug te vinden want
het stikte van de steegjes die allemaal op elkaar lijken. Maar
uiteindelijk toch mijn hostel terug gevonden. Dag
340: donderdag 17 april (onderweg naar Padang, Sumatra) Om 07.00 uur
opgestaan en om 08.00 uur de taxi gepakt naar het postkantoor. Daar twee
girobetaalkaarten verzilverd en de kaarten gepost. Ook nog even gekeken
of er post was maar dat bleek niet het geval te zijn. James zou in de
taxi wachten maar het duurde nogal lang bij het postkantoor dus toen ik
terug kwam bij de taxi werd hij er net uitgeknikkerd. Dus een tuk tuk
gepakt naar het Pelni kantoor en ons ticket gekocht naar Sumatra. We
betalen 40 Euro voor vierde klas en de reis naar Padang duurt 26 uur of
langer met de boot. We hadden nog een uur want de boot zou om 10.00 uur
vertrekken. Dus weer een taxi gepakt en naar de haven gegaan. Daar
kregen we te horen dat de boot vertraging had en dat hij pas om 13.00
uur zou vertrekken. Dus een halfuur gewacht in de wachtkamer en om 10.00
uur werden we verzocht om in te stappen. Nu, 11.45 uur, liggen we nog
steeds voor anker. Er is gelukkig airco in onze cabine dus het is goed
uit te houden. Het is een acht persoonskamer maar er zijn maar twee
Indo’s en wij met zijn tweeën. Gelukkig hebben we kluisjes dus hoef
ik niet te vrezen voor mijn spullen. Om 12.00 uur geluncht, kip met
rijst en groente. Hetzelfde kregen we ook als avondeten. De hele dag op
bed gelegen en wat rondgeslenterd op het dek. Om 19.00 uur was er een
film. Het was een oude maar niks aan te doen. Om 21.00 uur de bar
ingedoken maar er was niks te doen, het was zelfs dicht. Daar twee
Amerikanen ontmoet die rond de wereld aan het reizen zijn en twee
Indo’s. Daar de rest van de avond mee zitten praten en vroeg mijn bed
ingedoken want er was niks anders te doen hier. De moskee hier aan boord
blèrt aan een stuk door. Buiten regent het flink en de boot gaat flink
heen en weer. Dag
341: vrijdag 18 april (nog steeds onderweg naar Sumatra) Om 11.00 uur mijn bed
uitgekomen. Om 04.00 uur schoot ik al een keer wakker want de moskee was
alweer volop aan het blèren. Ontbijt had ik gemist maar daar zat ik
niet mee want ze hadden eieren met rijst gehad. Om 12.00 uur geluncht en
weer kleffe kip gehad met rijst en groente. Ze zeiden dat we om 16.00
uur aan zouden komen. Dus hopelijk zijn we op tijd. Uiteindelijk om
18.00 uur in Padang aangekomen. Daar de taxi gepakt naar de stad. In
totaal 32 uur op de boot gezeten. Altijd beter dan de bus want dat
duurde 54 uur. In Padang uiteindelijk een hotel gevonden. Na onze
spullen in de kamer gegooid te hebben de stad ingegaan en wat
rondgekeken en wat gewinkeld. Morgen gaan we naar Bukittinggi. Dag
342: zaterdag 19 april (Bukittinggi, Sumatra) Alweer een dag voorbij in het mooie Indonesië en weer een dag dichterbij dat ik terug naar huis moet. Ik heb er echt spijt van dat ik een open jaar ticket heb en dat ik perse 12 mei naar huis moet. Net een paar Australiërs ontmoet uit Adelaide en over Australië zitten te kletsen. Ik heb meer heimwee naar Australië dan naar het koude en stresserige Nederland. Net nog een stuk van mijn film over Australië gekeken en ik weet een ding zeker. Ik ga absoluut nog een keer terug. Vannacht zeer slecht geslapen want het was bloedheet op onze kamer. Plotseling schoot ik wakker en ik zag iemand door onze kamer lopen. Vlug James wakker gemaakte en het licht aan gedaan, maar die persoon was vertrokken. Om 07.00 uur opgestaan en een koude douche genomen. Daarna een gratis ontbijt gehad maar dat was niet veel. Om 09.00 uur naar het busstation gelopen waar we net op tijd waren voor de bus. Na drie uur in de bus gezeten te hebben en af en toe gevreesd te hebben voor ons leven want de buschauffeur reed als een malloot in Bukittinggi aangekomen. Daar een lemo gepakt voor nog geen tien Eurocent die ons naar het centrum bracht. Een lemo is een smal busje. Bukittinggi is een stuk koeler dan Pandang. Het ligt dan ook op een hoogte van 750 meter. De mensen zijn zeer vriendelijk. De kinderen lachen en zwaaien naar je of ze nog nooit een blanke hebben gezien. In het dorpje aangekomen ergens gaan eten en wat gepraat met de locals. Jim
zei dat hij alleen verder wilde. Dat vond ik best want ik vind hem een
rare gozer. Hij is eigenlijk de meest vreemde gozer waar ik ooit mee ben
opgetrokken. Het is trouwens ook geen backpacker want hij heeft een
koffer op wieltjes. Hij is journalist voor een krant in Seatle. Ik mag
de Aussies en Kiwi’s meer dan de Amerikanen. Ik weet niet waarom maar
de Amerikanen die ik ontmoet heb zijn zo serieus en saai. Dus na de
lunch (rijst met kip) mijn rugzak gepakt en op accommodatiejacht gegaan.
Na vijf hotels bekeken te hebben terug gegaan naar de eerste. De ene was
te duur, de ander had geen douche, alleen een mandi. Een mandi is een
bak met water met een klein bakje. Het kleine bakje moet je vullen en
over je heen gooien, maar dat is mij te primitief. Een ander hotel had
weer een hurk wc dus dat vond ik ook niks. Eerst wilde ze mij in een
dorm doen voor 3.500 per nacht maar dat vond ik niks, dus maar een
tweepersoonskamer gepakt voor 7.000 rupies. Na een douche en de was
gedaan te hebben de omgeving gaan verkennen. Het stikt hier van de
moslims en de moskees dus gegarandeerd dat ik morgen weer om 04.00 uur
wakker ben. Op een gegeven moment was ik de weg kwijt dus een
toeristenbureau binnen gelopen om naar de weg te vragen. Daar maar
meteen een tour geboekt voor morgen voor acht euro. Ben ik tenminste
weer onder de pannen morgen. Om 17.00 uur naar een restaurant gelopen en
daar voetbal gekeken. Het was een live verslag van Liverpool –
Manchester. Die gekeken en wat gegeten. Daar twee Aussies ontmoet die
pas begonnen zijn met hun wereldreis. Wat over Oz zitten praten en om
21.00 uur teruggelopen en in mijn dagboek gaan schrijven. Dag
343: zondag 20 april (Bukittinggi, Sumatra) Weer de hele dag in de bus gezeten. Om 08.00 uur zou de bus mij oppikken maar ze kwamen pas om 08.30 uur aangescheten. Het was een klein busje met drie jongens uit Delft en een maffe Duitser. Eerst zijn we naar een dorpje gereden in de middle of nowhere. Het was hartstikke mooi daar. Rijstvelden, houten huizen en de gids vertelde hoe de bananen groeiden in gebrekkig Engels. Na een half uur daar rondgehangen te hebben weer verder gereden naar een andere plaats waar ze koffie aan het maken waren. Dat was een leuk gezicht. Daarna naar een soort huis gereden dat speciaal gebouwd was voor trouwpartijen. De bedoeling daarvan was mij niet helemaal duidelijk maar alles gaat er hier vreemd aan toe. Na een uitvoerige en slaapverwekkende uitleg van bijna een uur wat rond gaan lopen. Daar wat Indonesische meisjes ontmoet die hun Engels wilden oefenen. Dus daar maar even een praatje mee gemaakt. Rond 13.00 uur ergens
gegeten. We moesten aan een tafel gaan zitten en er werden
schaaltjes gebracht met eten zonder dat we het besteld hadden.
Wat bleek, wat we aten moesten we apart afrekenen. Daar weer wat
kippenpoten met rijst gehad. Het komt echt mijn neus uit nu. Daarna weer
wat dingen bezichtigd en tenslotte naar een meer gegaan. Daar een pilsje
gedronken en een kaartje gelegd met de Hollanders. Om 17.00 uur waren we
terug in het centrum. Daar maar meteen de bus geboekt naar Lake Toba.
Weer 13 uur in de bus maar hier is verder ook niks te doen. Na een
ijskoude douche genomen te hebben wat rondgelopen op zoek naar een
restaurant. Ik zit nu in de Cosy Cave Café wat te schrijven. Toen ik de
menukaart kreeg bleek dat ze friet speciaal en friet oorlog op te menu
hebben staan. Ik wist niet wat ik zag. Maar een kop soep besteld en
rijst met vlees. De soep was lekker maar de rijst met vlees was minder.
Toen ze door hadden dat ik een Nederlander was zetten ze Doe Maar op.
Omdat ik nog honger had maar een friet oorlog besteld. Dus daar zat ik
dan met een bord friet voor mijn neus met uien, mayonaise, tomaten,
ketchup en saté saus en Doe Maar op de achtergrond. Ik had even het
gevoel dat ik in Nederland was. De friet was uitstekend. Nog wat zitten
praten met het personeel. Dag
344: maandag 21 april (Paparat) Om
07.30 uur de bus ingesprongen naar Paparat. Na 13 uur rijden
uiteindelijk om 20.30 uur daar aangekomen. De buschauffeur scheurde als
een gek. Onderweg nog gestopt bij een garage want de uitlaat viel er
bijna onderuit. Die hebben ze dus maar even aan elkaar gezet. De bus
stonk enorm naar de uitlaatgassen. Toen ik op een gegeven moment eens
ging kijken waar die stank vandaan kwam bleek er een gat in de vloer te
zitten waar de uitlaatgassen de bus in kwamen. Mij T-shirt zag gewoon
zwart van de uitlaatgassen. Na een douche ergens gaan eten met de mensen
die ik ontmoet heb op de bus. Twee Zweden, een Koreaan en ik. We hadden
Nasi Goreng voor weinig geld. Rond 23.00 uur gaan pitten. Dag
345: dinsdag 22 april (Lake Toba) Om
06.00 uur schoot ik wakker en ik verrekte van de buikkrampen. Ik dacht
dat ik het eerste vliegtuig naar Singapore moest pakken voor een blinde
darm operatie. Maar nadat ik twee uur! op de wc had gezeten voelde ik me
stukken beter. Dus terug mijn bed ingedoken en om 11.00 uur opgestaan en
om 12.00 uur de veerboot gepakt naar Samosir island. Op de boot
ontmoette ik een Zwitsers koppeltje. Daar wat mee zitten kletsen. Na een
goede slaapplaats gevonden te hebben met warm en koud water en een eigen
wc opnieuw mijn bed ingedoken om wat te slapen. Rond 18.00 uur wat rond
gaan lopen. Ik had de hele dag nog niks gegeten en ik was eigenlijk ook
bang om iets te eten want het eten van gisteren zag er best goed uit
maar toch was ik er ziek van geworden. Of was het een koolmonoxide
vergiftiging wat ik misschien had opgelopen in de bus?. Toen ik daar zo
rond liep hoorde ik iemand mijn naam roepen. Het bleek Natalia te zijn
uit Nieuw-Zeeland die ik op de bus naar Yogyakarta ontmoet had. Ze was
blij mij te zien want ze had problemen gehad met de Engelse waar ze mee
rond aan het trekken was. Natalia zit vol met rare streken en is in voor
feesten en maffe dingen. ’s Avonds met haar gaan eten en wat andere
mensen ontmoet. Het was een hele gezellige avond en bier is het beste
medicijn voor maagproblemen. Na drie flesjes bier had ik geen buikpijn
meer. Die avond een Oostenrijker ontmoet die professioneel musicus is.
Hij speelt voortreffelijk gitaar, piano en didgeridoo. Rond een uur of
drie teruggelopen. Dag
346: woensdag 23 april
(Lake
Toba) Vandaag samen met
Natalia een motor gehuurd. Ze was bang om te rijden dus is ze maar bij
mij achterop gaan zitten. Toen we aan het ontbijten waren zei Berrie dat
hij met ons mee wilde. Dat vonden we goed. Het was een mooie dag en het
uitzicht dat we af en toe hadden over het meer was schitterend. De weg
was ontzettend slecht. Het stikte van de gaten in de weg en de bruggen
die we passeren waren geen bruggen te noemen. De bruggen waren bedekt
met planken en sommige planken ontbraken zelfs. Het was heel gevaarlijk
om over te steken. Na vijf uur gereden te hebben kwamen we aan bij een
thermaal bad. Daar eerst even gegeten en een duik genomen. Het water was
erg heet maar het was aangenaam. Het was al donker toen we terugkwamen.
We waren ook nog verdwaald maar uiteindelijk waren we om 21.00 uur
terug. ’s Avonds een biertje gedronken en wat zitten praten. Dag
347: donderdag 24 april (Lake Toba) Om
12.00 uur werd er op de deur geklopt, het was Natalia. Ze vroeg waar ik
bleef want we zouden met zijn allen ontbijten. Na een magic ontbijt met
paddestoelen hebben de anderen wat muziek gemaakt en de rest van de dag
wat rond gehangen bij het meer en weinig gedaan. ’s Avonds gaan eten
met Natalia. We wilden even alleen zijn want de anderen waren hartstikke
druk. Na een lekkere pizza en een paar flessen bier de anderen weer
ontmoet en daar wat mee zitten kletsen. Nog een echte traveller ontmoet.
Hij kwam van een eiland uit Indonesië en had als bagage een waterpijp
en een pijl en boog en zijn motor. Hij was een zeer interessante
persoon. Dag
348: vrijdag 25 april (Lake Toba) Vannacht slecht geslapen. Ik sliep om 04.00 uur nog niet en om 07.30 uur was ik alweer wakker. Opgestaan en mijn spullen gepakt want ik zou naar Natalia’s losmen gaan. Want ik zat daar meer dan in mijn eigen losmen. Na twee tickets geboekt te hebben naar Bukit Lawang richting de losmen gelopen. Onderweg Natalia en Berie ontmoet en die zeiden dat ze een auto gingen huren en niet met de bus gingen dus mijn ticket geannuleerd. Ik moest 2.000 rupies betalen voor het telefoontje. De rest van de dag op autojacht gegaan, maar ze vragen veel te veel. Uiteindelijk teruggegaan naar het eerste verhuurbedrijf. Daar spraken we iemand anders en die ging akkoord met 500.000 rupies voor een week. Na dit betaald te hebben moesten we wachten op zijn collega want die had de sleutel. Natalia en Berrie waren teruggelopen om hun spullen te pakken en ik zou wachten op die collega. Toen hij terug kwam begon hij te zeuren dat 500.000 veel te weinig was en ook begon hij over de verzekering want de auto was nog niet verzekerd. Daar was ik niet blij mee maar de anderen interesseerden dat niet. Maar de deal ging dus niet door. Op dit moment is
Berrie alleen op zoek naar een auto. Het hele idee om een auto te huren
staat mij niet aan. Het liefst pak ik de bus in plaats van de auto. Toen
we aan het meer lagen te bakken kwam Berrie terug. Hij had het voor
mekaar gekregen. Hij had drie uur met die man zitten te praten, een hoop
geld achtergelaten en zijn paspoort. Ik dacht, shit, ik wil helemaal
niet mee met de auto. Eigenlijk wel met de auto maar niet met Berrie.
Hij is een grote eikel. De verhalen die hij verteld gaan over zijn
drugservaringen en zijn reizen door Azië. Volgens mij is hij niet 100%
want hij heeft van de ene op de andere dag besloten om naar Sumatra te
gaan en alles achter te laten. Zelfs zijn werk heeft hij niet geïnformeerd.
Maar Natalia wilde heel graag dus dacht ik dat het allemaal wel mee zou
vallen. Niet dus! ’s Avonds ergens gaan eten. En voor de eerste keer
in lange tijd goed gegeten. We werden zelfs met een busje teruggebracht
naar het hotel. Daar naar een telefoonkantoor gelopen om naar huis te
bellen. Ik moest eerst twee Euro betalen om de telefoon te gebruiken.
Maar helaas niemand thuis. Gelukkig maar want ik had geen andere
mogelijkheid dan om met de Indonesische operator te bellen en dat was
barstens duur. Wij zijn vroeg gaan slapen. Plotseling zag ik een vette
rat door de kamer lopen. Ik dacht wat nu weer? Het licht aangedaan en op
rattenjacht gegaan. Uiteindelijk dat beest opgesloten in de badkamer en
gaan slapen. Een half uur later was dat beest weer in de kamer. Hij had
een gat in de deur gevreten. Uiteindelijk de rat buiten gewerkt. Dag
349: zaterdag 26 april (ergens in de auto in Sumatra) Vannacht bijna geen oog dicht gedaan en om 06.30 uur opgestaan. Om 08.00 uur uiteindelijk met zijn drieën vertrokken. De route die we reden was prachtig. We reden door een bergrijke omgeving met een uitgestrekt regenwoud. Overal waar we stopten kwamen mensen naar ons toe en keken ons stom aan. Ik voelde me niet echt comfortabel, ik had er zelfs een hekel aan. Toen de tank bijna leeg was ergens bij een hutje gestopt en de tank volgegooid met loodvrij. Ik zei nog dat het super moest zijn maar volgens Berrie had ik ongelijk. Nadat we vijf minuten gereden hadden begon de motor te pingelen. Berrie in paniek en ik had plezier. Voorzichtig teruggereden naar het benzinestation. Hij wilde eerst gewoon verder rijden. Hij zei dat er niks aan de hand was. Uiteindelijk de tank leeggemaakt en er super ingegooid. Het hele dorp was uitgelopen en stonden allemaal om de wagen heen. Nadat Berrie betaald had weer verder gescheurd. Hij reed als een gek met piepende banden door de bocht en dat met een onverzekerde auto. ’s Avonds in een dorpje gestopt om te eten en daar begon de ellende. Want toen begon Berrie zijn plannen te vertellen. Die kwamen dus niet overeen met de onze want wij moeten vrijdag de boot hebben naar Maleisië. Dus hij was goed over de zeik en begon ons uit te kafferen. Natalia had haar woordje al klaar maar ik wist niet wat ik moest zeggen of ik wist het wel maar om het in het Engels te zeggen hoe ik erover dacht was moeilijk. Toen we het eten afrekenden verwachten die hufter van mij dat ik de rekening zou betalen. Ik dacht val dood! Gisteren zei hij nog dat hij veel geld bij zich had en niet op budget was en dat hij rekening met ons zou houden. Niet dus. Het begon al donker te worden dus ik stelde voor dat we (Natalia en ik) in de auto sliepen en hij in een hotel. Maar toen ik dat zei viel hij helemaal tegen mij uit. Hij zei dat hij al 50.000 rupies had moeten betalen voor de extra benzine en dat ik te beroerd was om de rekening te betalen en dat ik geld had. Ik dacht val kapot! Met mijn kwade kop in de auto gestapt. Hij begon weer te zeuren dat hij marihuana en bier nodig had. Bier is hier niet te krijgen omdat er allemaal moslims zijn hier. Uiteindelijk een
mooie slaapplaats langs het strand gevonden. Maar toen we rond keken
bleek dat we op een kerkhof stonden. Hij wilde met zijn drieën in de
auto slapen. Ik dacht echt niet, vooral niet met jou. Er was een hutje
met een betonnen vloer. Dus een paar rieten matten op de vloer gelegd en
wat losse kleren en toen was mijn bed klaar. Natalia vond hem ook een
hufter. Toen ik zei dat ik een gedeelte van mijn geld terug zou pakken
en er tussen uit wilde knijpen zei Natalia dat ze dat ook wilde doen. Om
20.30 uur gingen zij al slapen. Ik ben op mijn rieten matje gaan liggen
en boze plannen gaan smeden. Ondertussen keek ik naar de palmbomen en de
donkere hemel met sterren. Het bliksemde maar er was geen donder. Het
was best spectaculair. Morgen maar eens met Natalia praten wat we gaan
doen. Het is stom maar gisteren had ik al het gevoel dat het zo zou
gaan. Maar Natalia zei dat het wel mee zou vallen. Toen ik daar zo
alleen lag dacht ik aan de wilde dieren die hier leefden. ’s Middags
hadden we nog een slang kapot gereden. In het noorden van Sumatra leven
wilde tijgers. Ik voelde mij daardoor niet echt op mijn gemak maar
uiteindelijk toch in slaap gevallen. Dag
350: zondag 27 april (
Banda Aceh) Om 06.15 uur werd ik met veel kabaal door Berrie wakker gemaakt. Hij zei dat ik op moest schieten want hij wilde gaan. Hij zei het nogal bars en ik dacht val dood. Toen ik mijn spullen had gepakt lag die mafkees op het strand. Kon ik tenminste even alleen zijn met Natalia. Daar even mee zitten praten over de situatie. Om 06.45 uur vertrokken. Toen ik mijn spullen aan het pakken was stond er een Indo mij stom aan te gapen. Kun je het zien, dacht ik nog. Toen ik daar in de auto een grapje over maakte zei Berrie dat ik een vuile racist was. Het was maar goed dat het nog zo vroeg was en dat ik nog half sliep anders had ik hem aangevlogen. Nu 08.00 uur zit ik in de auto wat bij te schrijven. Buiten regent het en we rijden door rijstvelden, tropisch regenwoud en dorpjes met houten huizen. De sfeer aan boord is grimmig. Als Berrie nog een keer iets zegt vlieg ik hem aan. Ik doe deze trip voor de lol, niet om afgezeken te worden door die valse kwal. De hele dag gereden en om 14.30 uur in Banda Aceh aangekomen. De grootste moslimstad van Sumatra. Het stikt van de hoofddoekjes en moskees. Het
plan was om rond 15.00 uur de veerboot te pakken naar een eiland. We
hadden nog een half uur om bij de haven te komen die 35 kilometer buiten
de stad lag. Berrie reed als een bezetene en ik vreesde voor mijn leven.
Met 120 km/u reed hij door dorpjes met loslopende koeien, honden en
spelende kinderen. Onverantwoord! Om 15.00 uur kwamen we bij de haven
aan en de boot was al om 14.30 uur vertrokken. Berrie zei dat het hem
niks interesseerde wat wij zouden doen maar morgen wil hij de veerboot
pakken en wij moesten maar zien hoe we vrijdag in Medam komen. Natalia
werd vreselijk kwaad en begon hem op zijn kiwi’s uit te kafferen.
Eigenlijk had ik dat wel willen want ik haat die vent. Maar ik had hem
75 Euro gegeven voor de huurauto. Dus het is moeilijk om te zeggen dat
ik de bus pak. Maar op dat moment heb ik besloten om de bus te pakken
naar Medan. Op ons gemak teruggereden naar Banda Aceh en op hosteljacht
gegaan. Het was nogal duur en de kamers waren vies. Uiteindelijk een
hostel gevonden. Na een koude douche op zoek gegaan naar een fles bier.
Uiteindelijk iemand ontmoet die vertelde dat er een bar in de stad is
die bier schonk. Daar ’s avonds naar toe gegaan. We moesten
belachelijk veel betalen, namelijk vier euro voor een fles van 600 ml.
Het was een karaoke bar. Dus op een gegeven moment waren wij aan de
beurt om een liedje te blèren. Natalia bleek een ontzettende goede stem
te hebben. Na een paar flessen bier zijn we op zoek gegaan naar een
restaurant. Uiteindelijk beland bij een straatkraampje waar ze saté
hadden. Daar wat zitten te schransen en uiteindelijk om 22.00 uur gaan
pitten. Het was bloedheet in de kamer en ik zweette mij kapot.
Uiteindelijk rond een uur of vier in slaap gevallen. Dag
351: maandag 28 april (Palau We) Om 08.00 uur was ik alweer wakker en om 09.10 uur de auto ingesprongen om naar het postkantoor te gaan en daar een girobetaalkaart verzilverd. Van daaruit naar de het toeristenbureau gereden om te vragen hoe laat de ferrie ging. Het ging er nogal onbeschoft aan toe binnen dus ben ik maar naar buiten gegaan. Het is wat met die Engels sprekende mensen, ze verwachten dat iedereen Engels spreekt. Als ze dat niet doen worden ze kwaad en beginnen ze te schelden. Deze trip is mijn grootste fout van het jaar geweest. Misschien dat ik morgen de bus pak naar Medan. Dan verlies ik maar 50 Euro maar hier heb ik geen zin in. Buiten twee meisjes ontmoet die Engels wilde oefenen. Ik was blij om wat andere mensen te ontmoeten dus daar wat mee staan te kletsen. Ik moest opschrijven wat ik dacht over Indonesië. Weer vroegen ze om mijn adres dus maar een vals adres opgegeven. Het duurde nogal lang daar binnen dus maar eens een kijkje gaan nemen. Ze hadden een Zweed ontmoet die schrijver was. Hij had net een boek geschreven over de Aceh provincie. Hij gaf me een boek en het was gratis. Ze zeiden dat de veerboot om 14.00 uur zou gaan maar tegen mij hadden ze 14.30 uur gezegd. Na het toeristbureau koers gezet richting de haven. Ik voelde me niet zo goed. Dus maar op de achterbank gekropen en mijn ogen even dicht gedaan. Na een uur gereden te hebben dacht ik, zijn we er nou nog niet, want het was maar 35 kilometer. Toen ik wat rond keek zag ik dat het de verkeerde weg was, maar zij zeiden dat ik ongelijk had. Uiteindelijk de weg gevraagd en toen bleek dat ik gelijk had. Dus maar omgedraaid en hij begon weer als een mongool te scheuren en weer vreesde ik voor mijn leven. Het was in een keer mijn schuld omdat ik had liggen slapen. Ik dacht opnieuw, val kapot. Ik haat die vent zo erg. Het enige waar hij over praat met zijn Londens accent is over zijn Fucking Great England en Londen. Hier zakt mijn broek echt van af. Om 14.00 uur bij de
haven aangekomen en Berrie zei dat ik de kaartjes moest kopen. Echt
niet! Hij wilde de auto meenemen op de ferry en dat kost 20.000 extra.
Die was ik dus niet van plan om te betalen, bovendien had ik het hostel
al betaald. Het eiland is al in zicht dus stop ik maar met schrijven.
Het is hartstikke heet en vochtig en mijn T-shirt is nat van het zweet.
Op het eiland aangekomen zijn we wat gaan rondrijden en eindelijk op de
plaats van bestemming aangekomen. Het was heel primitief, er was geen
douche of wc en er stonden alleen maar hutjes. Natalia en ik hadden
besloten om samen een hut te delen zodat we de kosten konden delen. Er
lagen twee matrassen op de grond met een muskietennet. Als douche hadden
we een put die we met het hele dorp moesten delen. Na een ‘douche’
wat gaan eten voor weinig. Een paar blikken Heineken gedronken en vroeg
gaan slapen maar de hele nacht geen oog dicht gedaan want we werden
wakker gehouden door blaffende honden. Dag
352: dinsdag 29 april (Palau We) Vroeg
opgestaan en een frisse salade gehad als ontbijt. Daarna met zijn allen
wat snorkelspullen gehuurd. Maar in het water stikte het van de kleine
kwallen. Het was niet echt comfortabel dus na tien minuten had ik het
wel gezien en ben ik op het strand gaan liggen. Natalia wilde alleen
zijn en een brief schrijven naar haar vriendje in Denemarken. Op 1 juni
komt ze naar Amsterdam voor een dag dus gaan we daar flink feesten en
hopelijk komt ze in Nederland werken. Ze heeft een tweejarig visum voor
Europa. Toen ik daar op het strand lag kwam Berrie naar mij toe en begon
wat te zeveren. Hij was in heel vriendelijk. Na twee uur gepraat te
hebben in het restaurant weer een bordje noodles besteld. Daar ook een
Zwitserse meid ontmoet waar ik de rest van de dag mee heb zitten
kletsen. ’s Avonds ergens gaan eten. We hadden voor een euro vis met
rijst en groente, soep vooraf en een kop thee. Na lekker gegeten te
hebben naar een ander restaurant gelopen en daar samen met een Indo een
fles brandy burgemeester gemaakt. Uiteindelijk veel te laat gaan pitten. Dag
353: woensdag 30 april (op de boot naar Banda Aceh) Vandaag is het koninginnedag in Holland en ik zit hier nu (11.45 uur) op de boot kapot te zweten. Het is niet te geloven zo vochtig is het hier. Ik zit op een stoel wat te schrijven en het is net of ik in de sauna zit. Maar ik kan er alleen maar van genieten want over veertien dagen ben ik thuis. Bah, bah, ik moet er eigenlijk niet te veel over nadenken. Om 06.00 uur opgestaan want om 07.00 uur zouden we naar de haven gaan voor de boot naar Banda Aceh. Toen we daar aankwamen bleek de veerboot om 11.00 uur te gaan dus moesten we drie uur wachten. Ergens een kop koffie gaan drinken met Natalia. Bij de haven nog twee Aussies ontmoet die een lift wilden hebben. Ze mochten mee als ze een tank benzine zouden betalen en dat vonden ze goed. De sfeer was een stuk beter in de auto en ik vond het weer fijn om het Australisch te horen. Het klinkt stukken beter dan dat zeikerige Engels. Natalia en de Australische vrouw voelde zich niet zo lekker maar Berrie bleef scheuren als een bezetene. Het was weer een mooie route door rijstvelden, kleine dorpjes met prehistorische huizen. Om 20.00 uur uiteindelijk bij een meer aangekomen in de bergen. De laatste paar uur
van de rit was het begonnen met regenen en hij bleef maar scheuren,
terwijl de banden in slechte staat waren. Natalia en ik zouden weer een
tweepersoonskamer pakken maar voordat we konden inchecken had Berrie al
betaald voor een driepersoonskamer. Hij commandeerde meteen dat Natalia
op het eenpersoonsbed sliep en hij en ik op het tweepersoonsbed. Val
kapot, dacht ik, ik slaap wel in de auto.
Natalia was naar bed gegaan want ze was hartstikke ziek. (Twee
maanden later bleek dat ze Malaria had opgelopen). Ze had buikkramp,
volgens mij waren het de koekjes die we vanmorgen gehad hadden in de
koffieshop. Ik zei dat ik ergens wat ging eten en Berrie ging mee. Toen
we het restaurant inliepen begonnen ze mij weer te bedonderen. Ik begon
te pingelen en Berrie werd woest. Dus even een heftige woordenwisseling
gehad. We moesten de auto een dag langer huren en hij vroeg of ik samen
met hem de kosten wilde delen. Dus echt niet, ik heb al 100 Euro betaald
voor deze klote week. Toen ik dat zei begon hij dat ik genoeg geld had
anders had ik mijn camcorder of fototoestel niet kunnen kopen. Het is
een grote kwal. Dag
354: donderdag 1 mei (ergens in Sumatra) Natalia voelde zich gelukkig wat beter dus na een ontbijt in een duur hotel (want dat wilde Berrie) weer op pad gegaan. We moesten vandaag 500 km afleggen wat eigenlijk onmogelijk was want de weg was hartstikke slecht en smal. Het was opnieuw een mooie route want we reden dwars door de jungle en als we stopten om foto’s te maken hoorden we allerlei tropische vogels en apen. We hadden bijna geen benzine meer toen we in een klein dorpje aankwamen. Dus daar meteen de tank volgegooid. Het regende af en toe pijpenstelen en Berrie bleef gewoon als een bezetene rijden. Net toen we weer door de bergen reden gebeurde het waar ik de rit al voor gevreesd had. We reden een berg op en namen een bocht. We kwamen een oud busje tegen die de binnenbocht nam en bang. Eigenlijk kon Berrie de auto makkelijk ontwijken maar hij stuurde er recht op af. Met als gevolg dat de hele rechterkant van de auto in elkaar zat en Berrie werd helemaal gek van woede. De auto is namelijk niet verzekerd en het was niet zijn fout maar hoogstwaarschijnlijk kon die vent van het busje de schade niet betalen. Berrie flipte helemaal door, wat hij allemaal zei zal ik maar niet schrijven maar als hij een geweer bij zich had, dan had hij de chauffeur van het busje dood geschoten. Nadat we de auto weer aan de praat hadden zijn we naar het politiebureau gereden. Daar begon die Indo een heel verhaal op te hangen. Gelukkig ontmoeten we iemand die goed Engels sprak. Dus de politie had al gauw door dat het niet onze fout was. Na een uur doorgebracht te hebben op het politiebureau zijn we naar een hotel gereden waar ze ons afgegooid hebben. Berrie moest nog terug naar het politiebureau. Ik stelde voor om vanavond nog te vertrekken naar Medan. Zo gezegd, zo gedaan. Ik vertikte om Berrie geld te geven voor de benzine want hij wilde van Natalia namelijk ook geen geld hebben. Dus waarom dan wel van mij. Na een douche en een pilsje gedronken te hebben met Berrie, samen met Natalia om 19.00 uur op de nachtbus naar Medan gestapt. Het was een oude gammele bus. Na een lange en vermoeiende rit kwamen we om 06.00 uur aan in Medan. Daar een lemo gepakt naar de haven. Daar moesten we vijf uur wachten want de veerboot zou pas om 11.00 uur vertrekken. Terug naar reisverslagen Naar reisverslagen Maleisië & Singapore |