Reisverslag oktober: Cairns, Alice Springs, Ayers rock en Darwin

Dag 142: dinsdag 1 oktober (Airlie Beach)

Vanochtend om 8 uur opgestaan voor het gratis ontbijt. Ik voelde mij vandaag goed beroerd. Ik ben duidelijk niet meer gewend om uit te gaan. 's Middags naar het reisbureau gelopen om een zeiltrip te boeken. Ik had al spijt dat ik telefonisch had geboekt. Bij het boeken moest ik mijn credit kaart nummer doorgeven voor het geval ik niet kwam opdagen. Ik had spijt omdat je bij het hostel precies dezelfde tour kan boeken en dan een gratis nacht accommodatie krijgt. Dat zei ik dus bij het reisbureau en ik kreeg zomaar A$10 korting. Ook hadden ze de zeiltrip niet gereserveerd maar ze hadden wel een andere trip in de aanbieding. Deze was zelfs beter dan de vorige die ik wilde boeken. Het kost mij nu A$ 175 inclusief een gratis duik. Nadat ik mijn zeiltrip geboekt had ben ik langs het strand terug naar het hostel gelopen. Het viel mij op dat niemand aan het zwemmen was. Totdat het plotseling duidelijk werd toen ik een waarschuwingsbord passeerde. Daar stond op dat het verboden is om te zwemmen tussen oktober en mei. In het water zitten namelijk kwallen. Box jellyfish genaamd. Als die je steekt ben je binnen 15 minuten zo dood als een pier. Onderweg nog even naar Koala backpakkers in Noosa gebeld om te vragen waar mijn cheque bleef. Ik kreeg Tracy aan de telefoon en ze zei dat ze de cheque had opgestuurd en dat ze mij ontzettend miste. Na het telefoontje heb ik nog naar OZ expierence gebeld om te zeggen dat ik zaterdag weer met de bus mee wil. Toen ik terug in het hostel was vroegen Roberto (Braziliaan) en Patrick (Nederlander) of ik mee op stap ging. Dat vond ik een goed plan. Het is hier echt een paradijs. Het stikt hier van de mooie vrouwen. Het lijkt wel of er hier een vrouwen overschot is! Omdat het nog te vroeg was om te gaan eten heb ik mijn zwembroek aangetrokken en ben ik lekker in het bubbelbad gaan zitten. Om 19.00 ben ik mijn eten gaan koken. Terwijl ik daar mee bezig was heb ik twee Nederlanders ontmoet. Ze hebben een auto gehuurd en trekken van Sydney naar Cairns. Na het eten ben ik mijn spullen gaan pakken voor de zeiltrip. Je mag namelijk je rugzak niet meenemen. Gelukkig kan ik die gratis opslaan in het hostel.

Dag 143: woensdag 2 oktober (Hook island)

Gisteren tot 02.00 uur op stap geweest. We waren naar een nachtclub geweest waar ik sinds 4,5 maand weer fatsoenlijke housemuziek kreeg te horen. Vanochtend om 8 uur opgestaan voor het gratis ontbijt en 08.30 weer terug mijn bed ingedoken. Om 10.00 uur ben ik naar de receptie gegaan om uit te checken en ben vervolgens weer naar bed gegaan en heb lekker tot 12.00 uur uitgeslapen. Vandaag ga ik een driedaagse zeiltocht maken naar de Whitsunday eilanden. We werden Ďs middags met de bus opgehaald en daarna zijn we naar de haven gereden. Onze groep bestaat uit 17 mensen, vijf mannen en twaalf vrouwen. Om 15.00 uur zijn we vertrokken uit de haven en zijn we naar Hook island gevaren waar we om 17.00 uur aangekomen zijn. Daar gingen we voor anker en met een rubberboot zijn we naar het eiland gegaan. Op het eiland aangekomen hebben we een wandeling gemaakt door het National Park. We genoten van een fantastisch uitzicht over zee. Ook hebben we een bezoekje gebracht aan een grot waar we aboriginal tekeningen konden bewonderen. Deze waren een paar duizend jaar oud. Daarna zijn we gezamenlijk naar een uitkijkpunt gegaan en hebben naar de zonsondergang gekeken. Toen de zon onder was zijn we teruggevaren naar de zeilboot. Het jacht is 50 jaar oud en 75 meter lang. Het is best wel balen, de afgelopen vier maanden hebben we best wel goed weer gehad, maar nu is het bewolkt en het regent. Aangekomen bij de boot zijn we met zijn allen gaan zwemmen in het donker. Na het zwemmen zijn we gaan eten, we kregen kipkerrie met rijst wat voortreffelijk smaakte. ís Middags toen we op de boot kwamen bleek dat de boot overboekt was. Het gevolg was dat vier man buiten moesten slapen. Ik gaf me vrijwillig op want ik vond het prachtig om onder de sterren te slapen, bovendien is de airco kapot zodat het bloedheet is in het ruim. Na het eten zijn we weer met zijn allen buiten gaan zitten en hebben we het weer op een zuipen gezet. We hebben een hartstikke gezellige groep en ik vind het een hele leuke ervaring om een paar dagen op een zeilboot te zitten. Om 24.00 uur zijn we gaan slapen. Net toen we buiten lagen begon het te regenen, maar binnen was het niet om uit te houden, zo heet was het. Na een half uur daar gelegen te hebben, heb ik mijn matras gepakt en ben ik buiten onder een afdak gaan liggen. Uiteindelijk ben ik om 02.30 in slaap gevallen.

Dag 144: donderdag 3 oktober (White Heaven Beach)

Om 04.30 schrok ik wakker want de motor van de boot werd gestart. We vaarden naar White Heaven Beach. Om 07.00 uur ben ik opgestaan en heb een kop koffie gepakt. Daarna ben ik naar het voordek gelopen waar ik ontzettend heb genoten van het uitzicht. Jammer genoeg was het nog steeds bewolkt. Om 08.00 uur zijn we aangekomen bij White Heaven Beach. Ze zeggen dat dit het mooiste eiland van de wereld is maar ik vond het tegenvallen. We gingen met de rubberboot naar het strand. Dit keer moesten we roeien. Daar had ik dus geen zin, daarom heb ik een paar flippers aangedaan en ben ik naar het strand gesnorkeld. Op het strand aangekomen zijn we gaan rondlopen. Daar heb ik een stuk of tien kaketoes gezien. Om 11.00 uur zijn we naar de duikplek gevaren waar ik met drie anderen heb gedoken. Mijn buddy is een IsraŽliŽr (Matty) die een jaar niet gedoken heeft. Op een gegeven moment, toen we 15 meter diep waren, waren we de IsraŽliŽr kwijt. Ik ben toen naar boven gegaan om te kijken waar hij was. Toen ik boven kwam was de IsraŽliŽr helemaal in paniek. Hij had problemen met zijn oren en was hevig aan zijn perslucht aan het zuigen. Nadat ik hem wat gekalmeerd had zijn we naar zes meter gegaan om daar rond te gaan zwemmen. Het was hartstikke mooi maar ik vond het in Bundaberg mooier. Al na 30 minuten was mijn zuurstoffles leeg en moesten we naar boven. Daar baalde ik wel van dus de volgende keer eens proberen om op mijn ademhaling te letten. Het is best wel raar. Vandaag was het zwaarbewolkt en toch zijn we allemaal verbrand. Om 18.00 uur zijn we naar een andere duikplek gevaren. We zouden namelijk een nachtduik gaan maken. Om 19.00 uur zijn we in het pikdonker gaan duiken. Ik vond het een van de mooiste ervaringen. Ik vond het geweldig om in het donker te duiken. Het zicht tijdens het nachtduiken is ongeveer vijf meter en we zijn tot een diepte van vijftien meter gedoken. We hebben heel veel koraal en vissen gezien. We zagen zelfs een vis van een meter. Ook hebben we een Cray fish gezien. Cray fish is een echte delicatesse en daarom probeerde mijn duikinstructeur om hem te vangen, maar ik verpeste het, want ik kon mijn drijfvermogen niet beheersen en daarom zakte ik naar de bodem. Daardoor veroorzaakte ik heel veel stof waardoor we niks meer zagen. Na een half uur duiken was mijn lucht op, ik had namelijk nog 50 bar over (van de in totaal 200 bar). We hebben de nachtduik gemaakt met vier personen. Onder luid gejoel zijn we teruggekomen aan boord. 

Het is ongelooflijk dat je na een dag zoín hechte groep wordt. Een meisje van de crew vertelde mij dat ze blij was dat we heelhuids terug waren want de duikinstructeur schijnt heel slecht te zijn. Ik zei dat ik mij goed kon redden want ik heb pas geleden mijn duikbrevet gehaald en mijn theorie zit nog vers in mijn geheugen. Als avondeten kregen we een barbecue die hartstikke goed was. Vandaag was het beter weer dan gisteren, de zon scheen af en toe en het was 32 graden. De barbecue was om 09.30 afgelopen en er gingen al mensen slapen. Daar had ik dus geen zin in. Ondanks het feit dat ik de vorige nacht maar 2,5 uur had geslapen was ik nog klaar wakker. Ik heb nog even met twee Zwitserse meiden zitten praten in hun slaapkamer benedendeks. Om 22.45 wilde ik naar boven lopen. Ik wilde de trap oplopen toen er iemand aankwam met een matras. Hij kon er moeilijk door zodat ik tegen de deur leunde van een Australisch echtpaar uit Cairns. De jongen kon er moeilijk langs zodat ik nog meer tegen de deur aanleunde. Het gevolg was dat de deur open vloog. Het echtpaar uit Cairns lag op dat moment spiernaakt een stevig wip te maken. Daar stond ik dan, ik heb vlug mijn verontschuldigen aangeboden en de deur dichtgedaan. De twee Zwitserse dames hadden het ook gezien en met zijn drieŽn lagen we in een deuk. Uiteindelijk ben ik op het bovendek aangekomen, daar lag iedereen al te slapen. Het was erg druk want beneden was het echt bloedheet. De IsraŽliŽr had de lelijkste meid van de boot versierd en hij lag daar wat te rommelen. Het meisje is de vriendin van Catherine, die hier met vier meiden waren. Ze komen uit Ierland en kunnen flink drinken.

Toen we gisteren aan boord kwamen moesten we al onze drank inleveren want alles moest gemerkt worden met je eigen naam om in de koelkast gezet te worden. Wat mij opviel was dat die meiden de meeste drank bij hadden. Ik schaamde me een beetje want ik had maar drie liter wijn bij en een paar flessen bier. Omdat ik vanavond moest duiken heb ik de hele dag niet gedronken maar de anderen waren vanmiddag om 14.00 uur begonnen. Dus ik snap wel dat ze nu allemaal liggen te slapen. De Ierse vrouwen waren nog wakker, dus daar een praatje meegemaakt. Ik maakte op een gegeven moment een opmerking dat er geen plaats meer was om te gaan slapen. Catherine bood vrijwillig haar matras aan omdat die breed genoeg was. Dat vond ik een goed plan dus ben ik mijn kussen en laken gaan halen. Toen ik terug kwam lag er inmiddels een Canadees meisje naast Catherine. Maar ze schoof op zodat ik tussen twee mooie meiden in lag. Het is hier echt een paradijs! Na een tijdje ging de Canadese ergens anders liggen omdat het veel te hard waaide. Het waaide zo hard dat de lakens bijna overboord waaiden. Uiteindelijk bleven Catherine en ik over. We hebben de hele nacht niet kunnen slapen en daarom hebben we maar de hele nacht zitten kletsen. Het waaide gewoon te hard. We hebben samen naar de sterren zitten kijken. Het was super romantisch om op een jacht te zitten in de tropen. Uiteindelijk zijn we om 04.30 in slaap gevallen.

Dag 145: vrijdag 4 oktober (Whitsunday Island)

Om 05.30 schoten Catherine en ik wakker, het anker werd gelicht en dat maakte behoorlijk kabaal. Ook de andere vrouwen die op het dek lagen werden wakker. Ik had erg behoefte aan een kop koffie en ik was niet de enige. Ik besloot dus voor mijzelf en mijn harem koffie te gaan halen. Dit viel in goede aarde bleek later, ze hebben het er heel de dag over gehad. We vaarden langs een eiland waar alle beroemde pop- en filmsterren overnachten. Een hotelkamer kost daar tussen de 2.000 en 5.000 dollar per nacht. Om 08.00 uur zijn we ergens voor anker gegaan en ze beweerde dat dit de mooiste duikplaats van de Whitsundays (Pearl Habor) is. En de op zeven na mooiste duikplaats van de wereld. Erik, de duikinstructeur, vroeg aan mij of ik nog een duik wilde maken voor A$25. Ik zei dat ik mijn geld wilde sparen en dat ik wilde gaan duiken in Cairns. Daarop vroeg hij of ik mijn advanced dive course wilde gaan halen voor maar A$80. Dat is dus spot- en spotgoedkoop, want normaal kost het A$400. Bij de advanced course leer je om dieper te duiken. Je gaat dan tot maximaal dertig meter. Ook leer je onderwater navigatie en omgaan met onderwaterstromingen. Ik was eigenlijk hartstikke moe want ik heb in twee dagen tijd maar vijf uur geslapen. Tijdens mijn duikcursus in Bundaburg hebben ze mij verteld dat ik voor een duik goed uitgerust moet zijn. De duiktabellen gaan er namelijk vanuit dat je goed uitgerust bent, dit in verband met een te hoge concentratie van stikstof in je bloed (decompressie ziekte). Maar ja, voor A$80 kon ik het niet laten.

Dus mijn zwembroek aangetrokken en in mijn duikpak gehesen. De Canadese meid ging ook haar advanced cursus doen. Ik vond het onverantwoord want ze had haar theorie van haar open water course nog niet eens gedaan. En juist deze theorie is erg belangrijk als je diep gaat duiken. Er kunnen namelijk allerlei vreemde dingen optreden als je op dertig meter diepte zit, zoals decompressieziekte. Decompressieziekte ontstaat als je eigen niet houdt aan duiktabellen. De eerste duik die we gingen maken was op een diepte van 33 meter. Terwijl dertig meter het maximum is voor een sportduiker, erg onverantwoord dus. Bij een duik van meer dan dertig meter diep moet je duiken met een andere luchtverhouding. We zijn dus gaan duiken op 33 meter en we hebben opgezocht dat we maximaal veertien minuten mochten duiken. Na twee minuten afdalen zijn we op de bodem aangekomen. Op een diepte van 20 meter kreeg ik problemen. Ik kreeg last van duizelingen, het was net of ik straalbezopen was en ik voelde me licht in mijn hoofd. Ik ben dus meteen gestopt met afdalen en na 15 seconden voelde ik me al wat beter en was het gevoel verdwenen. Op de bodem moesten we allerlei handelingen uitvoeren. Zoals schrijven, een touw om je been knopen. Het viel me op dat dat een stuk langzamer gaat. Dit komt omdat er veel stikstof in je lichaam zit. Dit is niet schadelijk zolang je maar aan de duiktabellen houdt. Eric (duikinstructeur) liet ons een blikje cola zien. Normaal heeft het een rode kleur maar nu was het grijs. De zonnestralen worden namelijk in het water afgebroken, zodoende het kleurverschil. Op de bodem zag je alleen zand en stenen, het leek wel een maanlandschap. We gingen daar wat rondzwemmen. Ik had nog 80 bar lucht over van de 200 en ik vond het tijd worden om weer naar het zeeoppervlakte te gaan. Ik liet mijn drukmeter aan Eric zien en hij gebaarde dat het goed was en zwom verder. Ik dacht dat hij gek geworden want we moesten namelijk ook nog een decompressie stop maken van drie minuten op vijf meter. Maar ik vertrouwde hem want hij was de duikinstructeur. Toen ik nog 60 bar had liet ik hem weer mijn drukmeter zien en ik gebaarde dat we naar boven moesten. Dit keer schrok hij en gebaarde dat we meteen naar boven moesten gaan. Later gaf hij toe dat hijzelf last had van stikstofnarcose en dat hij gewoon aan het rondzwemmen was zonder dat hij wist waar hij was. Het Canadese meisje had van alles geen weet omdat ze nog niet de duiktheorie bestudeerd had. We zijn dus rustig omhoog gegaan tot vijf meter waar we een veiligheidsstop van vier minuten hebben gemaakt. Uiteindelijk had ik nog maar tien bar in mijn zuurstoffles en de Canadees moest lucht krijgen van de duikinstructeur omdat ze geen lucht meer had. Teruggekomen bij de boot hebben we de duiktabel nog eens geraadpleegd. Toen kwamen erachter dat we twee minuten te lang onder water waren geweest. Als je langer onder water blijft moet je een langer stop maken, namelijk een stop van acht minuten. Dat wisten we op dat moment dus niet. Daarom mogen we volgens de duikregels zes uur niet meer duiken. Deze regels heb ik allemaal achteraf gelezen, op dat moment wist ik het niet. Eric zei dat we een uur rust namen en dat we daarna weer gingen duiken. Daarop antwoordde ik dat dat niet mocht volgens de duiktabel. Maar volgens Eric had ik verkeerd gekeken en was het veilig om na een uur weer te gaan duiken, dus ik vertrouwde hem maar. Hij was tenslotte de duikinstructeur.

Na anderhalf uur gingen we weer duiken. Deze keer kregen we een navigatieduik en een stromingsduik op Ī 15 meter diepte. Toen ik nog 50 bar had gaf ik Eric het signaal dat ik naar boven ging, maar hij wenkte mij dat ik hem moest volgen. Dat heb ik gedaan en we doken dieper, namelijk naar 18 meter. Tijdens mijn duikcursus heb ik geleerd om met 50 bar naar de oppervlakte te gaan. Dus op een gegeven moment dacht ik, bekijk jij het maar en ik ga naar boven. Dus ben ik met de Canadese naar de oppervlakte gegaan. Toen we bovenkwamen had ik nog 30 bar en zij 40. Toen we uit het water kwamen zei ik tegen haar dat je bij 50 bar naar boven moet. Zij had dit niet van Eric geleerd. Ik werd dus hartstikke kwaad op Eric. Eric had de bedoeling ons mee te nemen door een grot terwijl wij bijna door onze zuurstof heen waren. Terug aan boord zijn we teruggevaren naar de haven van Airlie Beach. De hele groep begon te klagen want we hebben een zeiltrip geboekt maar we hebben de hele tijd op de motor gevaren dus werden de zeilen gehesen maar de motor stond nog steeds aan. Wat bleek toen, de boot is te zwaar om mee te zeilen en daarom moeten ze de motor gebruiken. Plotseling verschenen er ook nog twee dolfijnen bij de boot die met de boot mee zwommen. Om 16.00 uur waren we terug in de haven en hebben we met de hele groep en bemanning om 19.30 afgesproken in de bar. Ik had er weinig zin in want ik was moe en ik zat te balen van wat er was gebeurd met het duiken (ondanks het feit dat ik mijn advanced course had gehaald). Ook voelde ik me niet lekker en ik vreesde dat ik de decompressie ziekte kreeg.

Terug in Airlie Beach heb ik ingecheckt in het hostel, pasfotoís laten maken voor mijn brevet en mijn cheque opgehaald bij Wanders Resort. Om 19.00 uur ben ik naar Beaches Bar gelopen. Daar zat de hele groep. Het was hartstikke gezellig en om 21.00 ben ik nog even met Eric meegelopen om mijn papieren in te vullen en te betalen. Voor A$105 heb ik mijn advanced duikcursus gehaald maar ik heb bijna geen theorie gekregen. Terug bij de groep gekomen zei ik tegen de groep dat bij de Magnums bar een wet T-shirt verkiezing was. Daar zijn we dus met zijn allen naar toe gegaan. De Australische vrouw (van het echtpaar uit Cairns) had zich opgegeven. Om 23.00 uur begon de verkiezing. De 35-jarige Australische was als eerste aan de beurt. Ze was hartstikke nerveus. Nadat ze water over haar T-shirt hebben gegooid heeft ze wat gedanst en aan het einde maakte ze een handstand en verdween meteen. Na haar kwamen acht bloedmooie vrouwen die dus allemaal hun borsten lieten zien en uitdagend dansten. Aan het einde kwamen ze allemaal op het podium en moest het publiek als jury optreden door hard te klappen voor de beste kandidate. Wij waren met een groep van Ī 35 man dus toen die Australische vrouw het podium op kwam begonnen we met zijn allen te klappen en luid kabaal te maken. Uiteindelijk had zij gewonnen en kreeg ze een prijs van A$100. De andere meisjes wisten niet wat ze overkwamen, ze zagen er heel goed uit maar de Australische kreeg de eerste prijs. Na de wet T-shirt verkiezing bij Magnums zijn we naar nachtclub Flicks gelopen. Catherine (waar ik een oogje op had) ging ook mee. Een jongen die werkte op de boot was op een gegeven moment hartstikke dronken, dus zijn we met zijn drieŽn naar buiten gelopen. Catherine is een verpleegkundige dus daarom maakte zij zich zorgen om zijn toestand. Nadat hij een hotdog had gekocht hebben we hem in een taxi terug naar de boot gezet. Die jongen werkt zeven dagen per week op de boot en krijgt nooit vrij, de boot is zijn Ďthuisí. Om 02.00 uur ging iedereen van onze groep naar huis en zijn Catherine en ik naar het strand gegaan waar we wat gekletst hebben en in slaap zijn gevallen. Om 03.15 schoten we wakker en zijn we naar mijn hostel gelopen. Want toen ik ís middags incheckte was er niemand op mijn kamer dus ik dacht dat ik het rijk voor mij alleen had. Maar toen we daar aankwamen bleek dat de kamer helemaal vol was. Dus zijn we teruggelopen naar het strand om daar te gaan slapen. Maar dat schoot niet echt op dus uiteindelijk heeft Catherine een taxi terug naar het hostel gepakt en ben ik om 05.00 uur gaan slapen in mijn eigen hostel.

Dag 146: zaterdag 5 oktober (Magnetic Island)

Om 07.15 schoot ik wakker, ik bleek door de wekker heen geslapen te hebben. Ik heb dus nog 45 minuten om mijn spullen in te pakken en te ontbijten voordat de bus kwam. Toen ik om 08.00 uur naar beneden liep reed de bus net weg. De receptie heeft naar Oz Experience gebeld en daar zeiden ze dat ik niet op de passagierslijst stond terwijl ik toch gebeld had. De bus is omgedraaid en heeft mij als nog opgepikt, vervolgens zijn we vertrokken richting Townsville. Ik liep er als een zombie bij want in drie dagen tijd heb ik maar zes uurtjes geslapen. Om 12.00 uur zijn we in Townsville aangekomen. Daar zijn we een berg opgereden waar we een mooi uitzicht hadden over Townsville en Magnetic Island. Daarna zijn we naar de ferry terminal gereden, waar ik een kaartje voor de veerboot heb gekocht. Ik moest A$27 betalen voor de veerboot inclusief een nacht gratis accommodatie. Om 14.00 uur hebben we de veerboot gepakt naar Magnetic Island waar we om 14.20 aankwamen. Het is hartstikke mooi hier. Toen we op Magnetic Island aankwamen werden we opgepikt door het hostel. Na het inchecken ben ik aan het zwembad gaan liggen. ís Avonds na het eten ben ik meteen om 19.30 gaan slapen. Ik was namelijk behoorlijk moe.

Dag 147: zondag 6 oktober (Magnetic Island)

Om 10.30 ben ik opgestaan, totaal dus 15 uur geslapen. Maar dat heeft me wel goed gedaan. Na het ontbijt heb ik mijn snorkel gepakt en ben gaan snorkelen. Het hostel heeft mij gewaarschuwd dat ze de laatste dagen twee box jellyfish hebben gezien en ze raden me aan om een wetsuit te dragen maar daar vroegen ze A$5 voor. Dus heb ik maar mijn pyjamabroek en T-shirt aangetrokken. Het snorkelen was hartstikke mooi, weer veel vissen en koraal gezien. Toen ik om 13.00 uur terugliep naar mijn kamer ben ik nog twee bekenden van mijn zeiltrip tegen gekomen. Het waren namelijk Matty, Stan en een Engels meisje. Ze sliepen bij mij in de kamer. Daarna heb ik een poging gewaagd om te gaan surfen want je kon gratis surfboards lenen. Het surfen lukte voor geen meter dus ben ik gaan kanoŽn. Om 16.30 gingen we een koala toer doen. We hebben de lokale bus gepakt en zijn naar het National Park gereden. Het was ontzettend mooi daar, er waren veel bunkers van de Tweede Wereldoorlog. Deze werden gebruikt als verdedigingslinie tegen de Japanners. We hebben in totaal een stuk of tien koalaís gezien. We zagen ze van heel dichtbij, je kon ze haast aanraken. Om 18.00 uur waren we terug in het hostel en ben ik gaan koken. De keuken is buiten en de possom (soort ratten) lopen gewoon rond om te schooien. Na het eten heb ik naar huis gebeld. Na het bellen liep ik terug naar het hostel en kwam daar Matty tegen. Ik zei dat ik gebeld had en hij vroeg of ik het gratis had gedaan. Ik zei dat ik het trucje kon maar dat dit nog niet gelukt was. Dus zijn we naar een telefooncel gelopen waar hij het trucje probeerde en na een minuut proberen kon ik voor A$50 gratis bellen. Toen mijn A$50 op was en na vijftien minuten lukte het weer. Dus in totaal voor A$100 naar huis gebeld. Om 00.30 ben ik gaan slapen.

Dag 148: maandag 7 oktober (Magnetic Island)

Vandaag afscheid genomen van het Engels meisje uit het hostel en ís middags ben ik met Matty het eiland gaan verkennen. We vonden een track van acht kilometer die we besloten om te lopen. We hebben in totaal 5,5 uur gelopen. Het was erg warm namelijk 34 graden. Na twee uur lopen hadden we al onze fles met twee liter water leeg. Na de wandeling zijn we het zwembad ingedoken. Na het eten zijn we naar de bar gelopen want het was happy hour. Het was helemaal niet druk maar op een gegeven moment hadden we toch een leuke groep gevonden waar we mee zaten te kletsen. Op een gegeven moment kwamen twee meiden uit Engeland erbij zitten. Een van hen had een stok kaarten bij zich dus ik vroeg wie er zin had in een drankspelletje. Vervolgens hebben we tot 23.00 uur het drankspelletje gespeeld, we moesten stoppen omdat de bar dicht ging. Dus maar besloten om met zijn allen in zee te gaan zwemmen.

Dag 149: dinsdag 8 oktober (Magnetic Island)

Vandaag lekker uitgeslapen. Net toen ik op stond kwam er een Canadese meid binnenvallen, ze was zojuist aangekomen en ze slaapt op mijn kamer. Om 14.00 uur hebben Matty en ik de bus gepakt en zijn we naar de stad gegaan. Daar aangekomen zijn we eerst naar het postkantoor gelopen om geld te halen. Bij alle banken moet je namelijk A$1 betalen als je geld wil opnemen maar bij het postkantoor is het gratis. Vanuit het postkantoor zijn we naar een uitkijkpunt gelopen, het was zweten geblazen want het was erg warm en we moesten een steile helling oplopen. Op een gegeven moment kwamen we in een hele mooi baai aan met heel veel palmbomen. Na de wandeling hebben we een paar flessen bier gekocht. Het was best wel duur voor een fles VB 750 ml betaal je A$3,80. In het hostel aangekomen ben ik gaan koken. Tijdens het koken sprak Peter (Australier) mij aan en zei dat het een fantastisch drankspelletje was gisterenavond. Overigens mijn badhanddoek is vanmiddag ook gestolen. Ik krijg dus steeds meer plaats in mijn rugzak. Toen ik terugkwam in mijn kamer ontmoeten ik weer die Canadese meid, Christine en ze vroeg of ik vanavond mee op stap ging. Om 19.30 zijn we naar de bar gelopen. Daar hebben we zitten kletsen tot 22.30 en toen hebben we de gratis bus gepakt naar een discotheek. De discotheek viel echt tegen, ze draaiden hele oude muziek. De hele avond met Christine zitten praten. Ze is 20 jaar en we zijn beide op 4 december jarig. Haar overgroot opa komt uit Nederland en ze had zelfs een Nederlandse achternaam (Van der Veld). Om 01.45 werden we met de bus opgehaald en afgezet bij ons hostel. De bus was gratis en daarom zat het propvol met backpackers. Toen ik in de kamer kwam liep Matty met een zaklamp rond, hij zei dat er een muis in de kamer rondliep. Nadat we deze muis gevonden hadden hebben we hem buiten gezet (de muis, niet Matty).

Dag 150: woensdag 9 oktober (Mission Beach)

Vanochtend om 06.20 opgestaan. Het regende buiten keihard en bij de receptie was alles onder water gelopen. Om 07.30 hebben we de veerboot naar Townsville gepakt. Daar waren we binnen twintig minuten waar we een uur op de Oz Experience bus moesten wachten. De rest van de dag heeft het keihard geregend. Om 12.30 zijn we in Mission Beach aangekomen en ik was de enige die uit de bus stapte. Het hostel ligt in het regenwoud. Het dichtstbijzijnde dorp ligt hier zes kilometer vandaan. Het hostel is erg duur, je betaalt hier A$15 per nacht. Het is wel een apart hostel, heel huiselijk ingericht. Zo staat er een hele dure stereotoren en in de kamer liggen heel veel Cdís en je bent vrij om een CD op te zetten. Na ingecheckt te hebben ben ik in een hangmat gaan liggen want ik was hartstikke moe. Bovendien was ik duizelig en ik wist niet of dit van het slaaptekort was of van het duikavontuur. Na vier uur daar gelegen te hebben heb ik de hostelbus naar het dorp gepakt om boodschappen te gaan doen. Ik had besloten om eens een keer een fatsoenlijke maaltijd klaar te maken. Voor vanavond staat er op het menu: soep, broccoli met aardappels en een pepersteak. Ik voel me vandaag echt niet lekker, voornamelijk duizelig. De duizeligheid is een van de symptomen van decompressieziekte. Het is hier een prachtige omgeving. We zitten midden in een regenwoud waar veel slangen en krokodillen zitten. Het is verboden om in zee te zwemmen want de kans is groot dat er zoutwaterkrokodillen zitten. Om 20.00 uur ben ik gaan slapen.

Dag 151: donderdag 10 oktober (Mission Beach)

Vannacht dertien uur geslapen en ik voel me alweer een stuk beter, zelfs de duizeligheid is een stuk minder geworden. Tijdens het ontbijt had ik een jongen ontmoet uit Kampen. Ik stelde voor om ís middags een wandeling te gaan maken in het regenwoud. Dat vond hij een goed plan dus hebben wij ís middags de hostelbus gepakt en zijn we naar de wandelroute gereden. Vandaag was het bewolkt en verschrikkelijk benauwd. We hebben dus flink lopen te zweten. De tocht was 15 kilometer. Toen we aan het rondlopen waren begon het te regenen. Volgens mij is het regenseizoen nu al begonnen want de afgelopen week heb ik net zoveel regen gehad als in die 4,5 maand dat ik hier in AustraliŽ ben. Op een gegeven moment kwamen we op een verharde weg uit en we besloten te liften. We werden opgepikt door een schoolbus en werden in een dorpje afgezet. Om 17.00 uur waren we terug in het hostel en we hebben een duik genomen in het zwembad. Daarna ben ik met mijn eten begonnen. Tijdens het koken heb ik twee meiden ontmoet, een uit Geldrop en een uit Oosterhout.

Dag 152: vrijdag 11 oktober (Cairns)

Om 09.30 opgestaan en een douche genomen en ontbeten. Nog even wat kaarten geschreven. Ik had er eigenlijk geen tijd voor maar ik heb er tijd voor gemaakt. Het was hartstikke benauwd en om 10.00 uur was het al 27 graden. Oz Experience zou me om 12.30 uur oppikken bij het hostel maar toen ze er om 13.00 er nog niet was heb ik maar een keer gebeld met Sydney. Die zeiden dat de bus er aan kwam. Om 14.00 uur was de bus er nog niet en toen heb ik weer gebeld. Uiteindelijk kwam de bus om 14.15 uur aan. Het was heerlijk om in de aircobus te zitten. Ik kreeg meteen een blik bier in mijn handen gedrukt. De chauffeur vertelde dat er iemand A$50 had laten liggen en daar hadden ze bier voor gekocht. Na een half uur rijden zijn we gestopt bij een regenwoud. Daar lag een mooi meertje. Net toen we uitstapten begon het weer keihard te regenen. Maar we hadden toch onze zwembroek aan dus het maakt niet meer uit. Na even lekker gezwommen te hebben zijn we weer richting Cairns vertrokken. Daar kwamen we om 17.30 aan. Onderweg mijn ogen uitgekeken. De natuur was echt schitterend gewoon. Je reed gewoon door het regenwoud. De hostels zijn hier in Cairns best duur maar ik heb de goedkoopste uitgezocht. Ik zag in de backpackerkrant ook nog een kortingsbon van A$5. Dus ik ben naar dat hostel toegegaan. Het kost A$15 per nacht en je krijgt elke avond een gratis maaltijd in een discotheek. Heel slim bekeken natuurlijk. Want na je maaltijd blijf je zitten en besteed je je geld aan drank. Het stikt hier van de mooie vrouwen dus besloten om vanavond flink op stap te gaan tot in de vroege uurtjes. Mijn duizeligheid is helemaal over. Dus volgens mij was het gewoon vermoeidheid. Dus maar eens in de gaten houden dat ik genoeg slaap.

Het is nu vrijdag en dat is de uitgaansdag in Oz. Dus ik ben van plan om vanavond goed te gaan beesten en de rest van mijn verblijf hier in Cairns te besteden aan uitrusten, uitstippelen van de reis van Alice naar Darwin en van Darwin van Perth. Ik heb weer veel huiswerk te doen. Ook moet ik nog de theorie doen voor mijn advanced duikcursus. Ik ga morgen naar de bieb om te kijken of ze boeken hebben. Toen ik het hostel uitliep stond er een busje klaar die mij gratis naar de discotheek bracht. Daar aangekomen een jug bier besteld en een biefstukschotel. In de discotheek liep een donkere man rond te rennen die allerlei spelletjes organiseerde. Hij vroeg op een gegeven moment of ik mee wilde doen. Ik kwam alleen in de discotheek aan en kende helemaal niemand daarom maar besloten om mee te doen. Dit was overigens de eerste keer dat ik tijdens mijn verblijf in OZ mij echt alleen voelde maar daar kwam vlug verandering in. Ik gaf mezelf op en ik moest een meid zoeken die mee wilde spelen. Die had ik vlug gevonden. We moesten een spelletje basketbal spelen tegen andere groepen. De prijs was gratis parachute springen. De eerste ronde lagen we er al uit. En die Engelse meid was ook gauw weer weg (bovendien had ze een vriend). Rond een uur of elf naar de Woolshed gelopen. Dat is de discotheek in Cairns, zeggen ze. Nou, ik heb nog nooit zoín klotetent meegemaakt als deze. Ten eerste moet ik A$3 entree betalen en ook nog eens A$4 voor een fles bier. Toen ik mijn bier op had ben ik maar naar het hostel gelopen. Onderweg kwam ik heel veel Aborignals tegen die dronken tegen een boom aan lagen.

Dag 153: zaterdag 12 oktober (Cairns)

Vandaag wat rondgehangen in Cairns. Vanmorgen voelde ik me niet zo goed. Ik had echt last van de warmte maar nadat ik een aspirine had genomen voelde ik me een stuk beter. Er schijnt hier de komende dagen een Reef festival te zijn. Vanmiddag een hoop toers geboekt. Morgen ga ik naar Kuranda en overmorgen ga ik een regenwoud toer maken en een dag later naar Cape Tribulation voor drie dagen. ís Middags geluncht bij de Mac Donalds. Ook nog even naar de bieb geweest om te kijken of ze boeken hadden van mijn advanced duikcursus. Deze hadden ze niet! Toen ik om 18.15 uur wat in de Lonely Planet zat te lezen kwam mijn kamergenoot binnen en vroeg of ik om 18.30 wilde werken op de kermis. Daar hoefde ik dus niet lang over  na te denken. Ik verdiende A$8 per uur en ik moest kaartjes verkopen. Ik stond bij het spookhuis. Het werk was echt makkelijk en hartstikke leuk. Jammer dat het maar voor een avond was. Maar toch A$36 verdient. Als avondeten twee softijsjes bij de Mac Donalds op. Ik was om 23.30 uur klaar met mijn werk.

Dag 154: zondag 13 oktober (Cairns)

Vandaag alweer vijf maanden in Oz. Wat gaat de tijd toch snel. Ik heb er echt geen spijt van dat ik een jaar de wijde wereld ingetrokken ben. Het is namelijk echt hartstikke gaaf. Alleen dit dagboek is nu echt een blok aan mijn been. Net een stuk of tien bekenden tegengekomen en ze vroegen of ik vanavond uit ging maar ik heb geen tijd. Morgen moet ik bovendien weer vroeg mijn bed uit. Vanmorgen hebben ze me om 09.30 uur bij het hostel opgepikt en zijn we naar Kuranda gereden. Daar was een grote markt aan de gang. De terugreis zou spectaculair verlopen. Ik zou namelijk terug gaan met een 110 jaar oude trein door het regenwoud. Ik vond het eigenlijk wel tegenvallen. Het was mooi maar niet zo spectaculair zoals ze beloofden. En deze dagtrip kost ook nog eens A$33. Het was vandaag bloedheet, zoín 32 graden en enorm vochtig. Daarom bij terugkomst in het hostel een duik genomen in het zwembad. ís Avonds naar discotheek The End of the World gegaan voor een gratis maaltijd.

Dag 155: maandag 14 oktober (Cairns)

Vandaag weer veel te vroeg opgestaan, namelijk om 07.00 uur. Om 07.45 werd ik opgepikt voor een waterval en regenwoud toer. De hele dag zijn we naar watervallen gaan kijken en hebben we door het regenwoud gelopen, letterlijk en figuurlijk. Het heeft de hele dag pijpenstelen geregend. We hadden enorm veel last van bloedzuigers. Als je niet oplet had je er zo een stuk of vijf op je been zitten. Ik had er maar twee en die heb ik gauw verwijderd. Anderen die het pas later ontdekte bloeden hevig toen ze de bloedzuigers probeerden te verwijderen. Om 19.00 uur waren we terug bij het hostel. Ik was doorweekt van de regen maar dat maakte niet uit want het was nog steeds 25 graden. Aangekomen in het hostel heb ik de toer naar Cape Tribulation afgezegd. Het koste me wel A$12 borg maar pech gehad. Ik heb even genoeg regenwoud gezien. Om 19.30 ben ik gaan slapen want ik was kapot.

Dag 156: dinsdag 15 oktober (Cairns)

Vanmorgen om 09.15 opgestaan en uitgecheckt. Ik was van plan om naar een goedkoper hostel te gaan. Toen ik die belde zeiden ze dat ik maar een taxi moest pakken omdat ze me niet op konden pikken. Ik besloot terug te lopen naar mijn oude hostel waar ik ís ochtends uitgecheckt had en heb opnieuw ingecheckt. Daarna naar Qantas gelopen om mijn vlucht te veranderen. Ik vlieg nu op 17 oktober naar Alice en op 22 februari naar Auckland. Na Qantas ben ik naar het postkantoor gelopen om mijn post op te halen. Ik had een brief en een kaart van mijn ouders, een brief van Niels en een kaart van Rachel. Bovendien kreeg ik ook mijn eerste bankafschrift in vijf maanden tijd. De kaart uit ItaliŽ en de brief van Rachel hadden er 2,5 maand over gedaan om hier te komen. Na mijn bezoek aan het postkantoor ben ik naar de bieb gelopen om af te koelen. Het was namelijk enorm vochtig, dus ik zweet mijn eigen kapot. In de bieb heb ik mijn post doorgekeken. Bij mijn hostel aangekomen probeerde de receptie mij allerlei toers ter waarde van A$2300 aan te smeren. Ze denken zeker dat ik miljonair ben of zo. Ik was eigenlijk best kwaad. Elke keer als je om informatie vraagt proberen ze je van alles aan te smeren. Daar mijn duiktrip geboekt voor A$85. Vervolgens een duik genomen in het zwembad en opnieuw naar het postkantoor gelopen om een kaart te posten voor oma. Nu 22.15 uur ga ik naar bed. Morgen om 06.00 uur op. Om 07.00 uur vaart mijn boot namelijk uit voor een Outer Reef duiktrip. Hopelijk zie ik nu wel een mooi stukje reef. Want eerlijk gezegd is het me wat tegengevallen. Vanmiddag nog een wegwerp onderwatercamera gekocht voor A$18. Morgen maar eens een paar mooie fotoís maken onder water. Vanmiddag een paar slippers gekocht voor maar A$10 (het was uitverkoop). Mijn oude slippers waren helemaal versleten. De zolen waren verbrand van de hete tegels. Ook vandaag nog een kaartje gekocht voor de airportbus bus die mij naar het vliegveld brengt (A$4,50).

Dag 157:  woensdag 16 oktober (Cairns Ė Queensland)

Vanmorgen om 06.00 uur opgestaan en om 06.45 naar de pier gelopen. Om 07.15 uur hebben we koers gezet naar de Outer Reef. Het was gelukkig lekker weer. Het was half bewolkt en een graad of dertig. Om 10.00 uur mijn elfde duik gemaakt omdat ik de enigste was die wilde duiken ging de duikinstructeur mee. De groep die op de boot zit is nogal oud. De gemiddelde leeftijd is ongeveer 40. De oudste was 72 jaar en die man heeft later op de middag ook een duik gemaakt, voor het eerst in zijn leven. Dat de instructeur meeging vond ik wel fijn, want zoín instructeur ziet meestal dingen die ik niet zie. Wat ik onder water zag was zo ontzettend mooi dat ik het dus niet kan beschrijven. Duizenden vissen en heel veel koraal. Dit keer zijn we tot acht meter gegaan en ik heb ruim 45 minuten gedoken. Nadat we terug aan boord kwamen stond er een uitgebreide lunch klaar. De omgeving was schitterend. Helder water en de koraalriffen kon je duidelijk zien. Ze raadde af om mijn onderwater fototoestel mee te nemen tijdens het duiken omdat ie maar tot 9 meter diepte kon gaan. Dus maar een paar fotoís gemaakt toen ik aan het snorkelen was. Om 13.00 uur begonnen aan mijn twaalfde duik. Opnieuw was het adembenemend mooi. Dit keer dook ik met een Zwitserse jongen. We zagen opnieuw hartstikke veel vissen. De grootste die ik zag was 3 x 2 meter. Prachtig!! We hebben gedoken op de hosting reef. De Great Barrier reef is 2000 kilometer lang. Maar het Great Barrier reef bestaat uit allemaal afzonderlijke reefs. Het was weer een gezellige dag uit. Ik vind dit mooier dan door een regenwoud hollen. Om 18.00 uur waren we terug in de haven. Terug in mijn hostel aangekomen heb ik mijn was gedaan voor A$2 en ben ik naar de End of the World gelopen voor gratis eten. Toen ik terug kwam ben ik begonnen met het schrijven van 16 ansichtkaarten. Iets over Cairns. Het is hier behoorlijk commercieel. Het stikt hier van de Jappen, een beetje hetzelfde als in Surfers Paradise. Daarom kijk ik er wel naar uit om naar Alice te vliegen. Net op tv gezien dat ze daar een flinke storm verwachten, kan nog leuk worden daar. De temperatuur voor morgen is 22 Ė 33 graden en veel regen. Het heeft daar vier maanden niet geregend en net nu ik er naar toe ga, gaat het regenen.

Dag 158: donderdag 17 oktober (Cairns)

Wat voor dag is het eigenlijk vandaag? Ik zou het eerlijk gezegd niet weten. Daarom maar even een kalender geraadpleegd. Het is dus donderdag 17 oktober en ik zit nog steeds in Cairns. Vanochtend was ik weer veel te vroeg wakker naar mijn zin, namelijk om 08.00 uur. Om 09.00 uur maar opgestaan en mijn spullen gepakt want ik moest om 09.00 uur uitchecken. Rond een uur of tien naar het postkantoor gelopen om mijn ansichtkaarten, dagboek en fotorolletje te posten. Daar hadden ze nog post voor mij liggen. Rond 11.30 was ik terug in mijn hostel en heb ik even een duik genomen in het zwembad. Het was namelijk 32 graden. Na het zwemmen mijn tas ingepakt. Om 13.40 werd ik met de airport bus opgepikt en werd ik om 14.00 uur bij het vliegveld afgezet. Waar ik nu nog steeds zit. Het is nu 16.30 uur en ik zou dus eigenlijk om 15.05 vertrekken. Toen ik aan het inchecken was zeiden ze dat het vliegtuig vertraging had en dat ik om 17.15 zou vertrekken. Zojuist stond er op het bord dat ik om 17.45 uur zou vertrekken. Het schijnt flink te stormen in Alice Springs, dus ik denk dat het onverantwoord is om naar Alice Springs te vliegen. Ik heb dus mijn boek gepakt en ben lekker buiten in het zonnetje gaan zitten. Ik moet dadelijk wel weer opnieuw door de douane. Uiteindelijk vertrokken we om 17.55 uur, het begon al donker te worden wat erg vervelend was want ik had gehoopt iets van de woestijn te zien. Aan boord was een 70-jarige vrouw uit Perth die bij haar kinderen op bezoek ging. Na een uurtje gekletst te hebben gaf ze mij haar telefoonnummer met de mededeling dat ik haar op moest komen zoeken als ik in Perth was. Doe ik misschien wel. Om 20.00 uur zijn we in Alice Springs geland en het regende weer. Het schijnt hier heel weinig te regenen. Deze regen was de eerste sinds januari. Maar ik had weer regen. Ik werd opgepikt door een airport bus. Deze keer was de bus gratis en we werden naar het hostel gebracht. Het hostel (Melankaís) was megagroot. Dus maar meteen besloten om een nacht te blijven en morgen te verkassen. Ik sliep op een kamer met 12 jongens voor A$10 per nacht. Om 23.30 uur ben ik gaan slapen. De klok heb ik ook een half uur terug moeten zetten want we zijn namelijk naar de tijd toe gevlogen. Het tijdsverschil met Nederland is nu 7,5 uur.

Dag 159: vrijdag 18 oktober (Alice Springs Ė Northern Territory)

Vanmorgen om 07.00 uur schoot ik wakker van het verkeer. Om 08.45 uur maar opgestaan en meteen mijn tas ingepakt. Om 09.30 uitgecheckt en een hostel opgebeld. Ze vroegen of ik om 10.00 uur terug kon bellen want dan wisten ze of er plaats was. Dat gedaan en ik kon komen. Het was volgens hen tien minuten lopen. Ik wist niet of ik de goede richting inliep dus ben ik maar even een winkeltje binnen gegaan om te vragen waar ik naar toe moest. Die vrouw zei dat het zoín 30 minuten lopen was. Daar had ik dus geen zin in want ik liep met mijn rugzak. Een kwartier met haar zitten praten totdat ze zei dat ze een goed hostel wist. Zij belde op en het hostel kwam mij keurig halen. Het duurde wel lang maar dat gaf niet want die vrouw had genoeg te vertellen. Weer gaf ze me 1000 folders mee van allerlei toers. Buiten maar meteen in de vuilnisbak gegooid. Maar meteen besloten om een auto te huren en de toer zelf te gaan doen. Daarom heb ik bij alle hostels briefjes opgehangen om te vragen of iemand interesse had om een Jeep te huren en dan naar Ayers Rock, de Olgaís en Kings canyon te rijden. Inmiddels heeft er al iemand gereageerd. Hij bood mij een lift aan naar Ayers Rock en Adelaide. Daar heb ik dus niks aan. Het hostel waar ik nu zit heet Ossies hostel. Het is een family guest hostel. Het is erg klein en erg huiselijk. Ik slaap met 14 mensen op een kamer en het kost A$11 inclusief ontbijt. Op mijn kamer slapen elf meisjes en drie jongens dus ik voel me hier helemaal thuis. In dit hostel heb ik een Nederlands meisje ontmoet en die had interesse om een auto te huren voor drie dagen. Normaal kost een toer voor drie dagen A$300. Als we een auto huren kost dat A$200 per persoon. Dus als we nu twee man erbij kunnen vinden dan zijn we voor A$100 klaar. Maar het is best moeilijk om twee man erbij te vinden. Cindy, het Nederlandse meisje, is hartstikke leuk en spontaan. Rond een uur of twaalf met de hostelbus naar het centrum gereden. Daar wat rondgelopen en me afgevraagd waarom ik in hemelsnaam vijf maanden langs die stomme Oostkust heb gezworven, het is hier namelijk adembenemend mooi. Hele mooi rotsformaties. Die morgen kwam ik ook nog een bekende tegen. Een meisje dat ik vijf maanden geleden in Sydney ontmoet had. Bij het postkantoor kwam ik Cindy tegen en die vertelde mij dat je bij de supermarkt krokodillen-, kangeroe- en kamelenvlees kan kopen. Wij samen naar de supermarkt gelopen en daar heb ik voor mijzelf een lap kamelenvlees gekocht. Zij kocht krokodillen- en kangeroevlees. ís Avonds de kameel op de barbecue gegooid en het smaakte goed. Het smaakt eigenlijk naar biefstuk. Krokodil smaakt naar taaie vis en Kangaroo smaakt naar een soort lever. Het stikt hier overigens van de vliegen. Na het eten nog wat met de vrouwen zitten te praten en om 22.30 uur gaan slapen want ik was hartstikke moe.

Dag 160: zaterdag 19 oktober (Alice Springs)

Vannacht goed geslapen met al die vrouwen om me heen. Nu lig ik aan het zwembad en het is bloedheet (38 graden) maar deze warmte is anders dan in Cairns. Dus het is wel uit te houden als ik af en toe in het zwembad duik. Net kwam er een Fransoos binnengevallen en hij had interesse om een auto te huren. Hij wist het nog niet zeker omdat hij het te duur vond en hij zat te overwegen om met de Greyhound gaan. Ik wacht dus maar af. Nu even een paar uur in de zon bakken en straks hostels afgaan om te vragen of er mensen zijn die interesse hebben om mee te gaan. Toen ik in mijn kamer kwam ontmoet ik een Fransman en zijn we samen de stad in gegaan. Eerst ben ik naar alle hostels gelopen om te kijken of er briefjes hingen. Ik had er een gevonden en toen naar het hostel gelopen en daar met die jongen afgesproken. Hij had interesse en we spraken af voor die avond om 22.00 uur in Melankaís bar. Met die Fransoos ben ik naar de Flying Docters gelopen. Daar was een museum over de flying docters. We kregen eerst een film te zien en daarna een rondleiding door het museum. Het was best interessant. Toen ik terug was in het hostel kwam de receptioniste me halen omdat er telefoon voor mij was. Het was de Fransman Philip. Hij had ook interesse om een auto te huren en dus spraken we ís avonds af. Na een douche en gegeten te hebben zijn we naar Melankaís gelopen. Daar stonden ze netjes op ons te wachten. Toen we drie jugs met bier besteld hadden zijn we rond de tafel gaan zitten. We waren al snel enthousiast en zijn nu met zijn vieren voor deze trip. Nadat we onze jugs leeg hadden zijn we naar een andere bar gegaan. Daar speelde een bandje en het was erg gezellig. Aan de bar zag ik een meid staan die me heel bekend voorkwam. Na twee uur gepraat te hebben (met moeite want ze was nogal dronken) bleek dat ik haar vijf maanden geleden in Sydney ontmoet heb in Alfred Park. Dat was echt toevallig. Later bleek dat ze ook in Valkenswaard gewoond heeft. Om 04.00 uur ben ik teruggelopen naar het hostel. Het was weer een hele gezellige avond!

Dag 161: zondag 20 oktober (Alice Springs Ė Ossies Homestead)

Vanmorgen om 10.30 uur met een zwaar hoofd opgestaan. Om 12.00 uur zouden we Norbert en Philiph ontmoeten, dus zijn Cindy en ik naar onze afgesproken plaats gelopen. Daar hebben we wat rond gebeld naar verhuurbedrijven. We hadden onze gedachten veranderd en wilden een Jeep (4WD) huren. Nadat we bij vijf verschillende verhuurbedrijven zijn geweest hebben we besloten om onze 4WD bij Brits Autoverhuur te huren. Het was ruim een uur lopen naar Brits want die lagen een stuk uit de stad. Het was onbewolkt en het was best heet (38 graden). In de zomer (december, januari) schijnt het hier 45 graden te zijn. Bij Brits aangekomen hebben we onze 4WD gehuurd. We waren A$180 kwijt zonder benzine, eten. De verzekering stond het niet toe om personen jonger dan 23 jaar te laten rijden. Dus dat vond ik echt gruwelijk klote. Ik heb dus tegen de groep gezegd dat ik absoluut rijd en als er iets gebeurd dat ik er helemaal voor op draai. Want het is gewoon hartstikke gaaf om met een 4WD te rijden en vooral op de gravel roads. Daarna weer een uur teruggelopen en op een terras gezeten bij een Italiaan en er een kop Cappucino besteld. Daar hebben we de geldzaken geregeld en de boodschappenlijst gemaakt en de zaken voor morgenvroeg geregeld. Norbert (24 jaar) zit pas twaalf dagen in Oz en is nog helemaal niet gewend aan het links rijden en aan het verkeer. Levensgevaarlijk dus, maar we zijn all risk verzekerd. We gaan morgen om 07.00 uur de auto halen. Philip gaat naar Qantas, hij moet zijn ticket veranderen. En Cindy (25 jaar, universitaire studie Geschiedenis) gaat boodschappen doen. Al met al zullen we proberen om 09.00 uur te vertrekken. Brits zei ook dat het A$250 kost als je een lekke band krijgt in de outback. Echt belachelijk duur dus.

Dag 162: maandag 21 oktober (Finke Gorge National Park)

Vanochtend om 07.00 uur aangelopen want ik zou om 07.30 Norbert treffen. We gingen samen de auto ophalen. Het duurde nogal lang bij Brits Australia zodat we pas om 08.45 wegreden in de landcruiser. Een hartstikke grote auto met genoeg ruimte. Nadat we naar mijn hostel gereden zijn om mijn spullen en die van Cindy op te halen zijn we naar de supermarkt gereden om Cindy op te halen. Zij had inmiddels onze boodschappen gedaan. Nadat we ook de spullen van Philip en Norbert opgehaald hebben zijn we om 09.30 naar Simpsons Gap en Standley Cham gegaan. Standley Cham ligt in aboriginal gebied zodat we A$3 entree moesten betalen. Het was onbeschrijfelijk mooi. Het was nogal warm vandaag, rond de 40 graden en een strakblauwe lucht. Vanuit Standley Cham zijn we naar Serpentine Gorge gereden. Daar wilden we gaan zwemmen in een waterhol. Na 20 minuten door de woestijn gelopen te hebben zijn we in een kloof aangekomen waar het waterhol zou moeten zijn maar hij was opgedroogd. Dus zijn we maar weer teruggelopen. Het stikte van de vliegen wat niet normaal was. Ze gaan overal op zitten en wegjagen heeft geen zin. Van daaruit zijn we naar Armstrong Gorge & Pound gegaan. Daar hebben we geluncht. Tonijn met kaas en brood. Dit zouden we de komende drie dagen dan ook eten. 

Bij Armstrong hebben we wat rondgelopen, het was een hele mooi rotsformatie. Daarna heb ik het stuur overgenomen en zijn we naar Glen Helen gereden. Bij Glen Helen aangekomen hebben we onze vergunning gehaald (A$3) om over Aboriginal land te rijden. Daar begon ook de gravel road (zand- en keienweg). Ik was gewend om daar met een flinke vaart over heen te rijden (tussen de 80 en 100 kilometer per uur). Dus toen ik het gaspedaal naar beneden stampte en 80 reed kreeg ik commentaar dat ik veel te hard reed. Zelfs Norbert trok wit weg. Maar ik zei dat ik volkomen wist wat  ik deed. Je moet alleen bij deze snelheid gruwelijk goed letten op gaten in de weg en op loslopend vee. De gravel of grid road was 300 kilometer lang. Dus ik had geen zin om langzaam te rijden. Op een gegeven moment was ik gewend aan de weg en heb dus constant 100 kilometer/uur gereden en af en toe op de rem trappen als ik een kuil zag. Rond een uur of vijf waren we in Herhamsburg. Dit is een missiepost van een Duitse missionairs (ongeveer 150 jaar geleden tenminste). Nu was het een aboriginal nederzetting. Er waren veel aboriginals, ze liepen wat rond of zaten onder een boom. In Alice Springs is een rivierbedding die in de zomermaanden droog staat. De aboriginals zitten daar de hele dag en nacht onder de bomen niks te doen. We wilden een bezoek brengen aan de missiepost maar die was al om 16.00 uur gesloten. Dus hebben we daar maar wat rond gereden. Toen we wilden gaan tanken bleek het tankstation al dicht te zijn. Gelukkig hadden we net genoeg diesel voor Kings Canyon. Bij het tankstation hebben we nog met een man staan te praten die ons meer vertelde over de geschiedenis van het stadje. Dit was hartstikke interessant maar we waren in tijdnood. Want om 19.15 is het donker en we moesten nog 1,5 uur rijden.

Om 18.00 uur hebben we koers gezet naar Finke Gorge national park waar we de nacht door zouden brengen. Toen we de afslag (nou ja, meer een zandpad) namen naar Palm Valley stond er een bord dat we hier hout moesten verzamelen voor het kampvuur voor vanavond. We moeten vanavond namelijk op kampvuur koken. Tijdens het hout sprokkelen zagen we een dingo. Een dingo is een wilde hond die 4.000 jaar geleden door de Aboriginals naar Oz is gebracht. Tegenwoordig zijn deze wilde dingoís een ware plaag. We hadden verder die dag nog heel veel roze papegaaien gezien. Nadat we hout verzameld hadden hebben we de voorwielen gezekerd en de versnellingsbak in vierwielaandrijving gezet om verder te rijden. Het was inmiddels al schemering geworden dus best gevaarlijk om te rijden. De kangaroes gaan namelijk dan eten zoeken en een ongeluk is dan zo gebeurd. Gelukkig hebben we geen kangoeroes gezien. Het was maar goed dat ik de wielen geblokkeerd had want er lag een hoop los zand. Op een gegeven moment zagen we een jeep staan zonder dat er iemand bij was. Hij stond hartstikke vast in het losse zand. Dus ik hoopte dat dat ons ook maar niet zou verkomen want het was bijna donker. Na 15 minuten gereden te hebben kwamen we een echtpaar tegen die begonnen te zwaaien. Ik dacht eerst dat ze groeten maar toen ik de 4WD stopte vroegen, smeekten ze om hulp. Wat bleek, het was hun jeep die muurvast zat en ze waren al twee uur aan het rondlopen om hulp te zoeken. Ze hadden geen water bij zich, erg onverantwoord. Ze kwamen uit Spanje en spraken bijna geen Engels. Gelukkig sprak Cindy een aardig woordje Spaans. We hebben ze toen maar een lift gegeven naar de camping. Daar hebben we onze spullen uit de jeep gegooid en zijn we samen met een buschauffeur teruggereden naar de jeep. De buschauffeur hadden we op de camping ontmoeten toen we om een stuk touw vroegen. Hij bood aan om ons te helpen. Bij de plek des onheil aangekomen zagen we meteen wat het probleem was. De achterwielen zaten een halve meter diep in de grond terwijl de  voorwielen gewoon op het zand stonden. Nadat we de voorwielen geblokkeerd hadden kwamen de achterwielen meteen los uit het zand. Ik heb een mens nog nooit zo blij gezien. Hetzelfde had ik in Noosa meegemaakt met de landcruiser. Dus ik lachte me kapot. 

Nadat we weer terug op de camping waren hebben we een flink vuurtje gestookt en ons eten gekookt. Spaghetti met rode saus, groente en vlees. Voor die anderen was het de eerste keer dat ze op kampvuur kookten. Gelukkig had ik het al eerder gedaan en was het eten best te eten. De Duitse Norbert studeert voor architect (iets met de natuur) en is heel gefixeerd op de natuur en alles er omheen. Hij is ook erg moeilijk want tijdens het eten koken begon hij al dat lust ik niet. Maar hij heeft dus pech gehad, we eten vanavond spaghetti. Philip, de Fransoos, is een gave gast. Is ook erg geÔnteresseerd in de natuur en cultuur. Hij werkt als gids in Frankrijk in de bergen. Maar je kan echt met hem lachen terwijl Norbert een serieuze pief is. Cindy is echt heel geÔnteresseerd in alles wat met cultuur en geschiedenis te maken heeft. We zijn met zijn vieren maar hebben alle vier compleet andere interesses, dat was op zich al heel bijzonder. Na het eten hebben we nog bezoek gekregen van het Spaanse echtpaar. Ze hadden niks bij zich dus hadden we ze uitgenodigd voor een kop koffie. Rond een uur of elf zijn we gaan slapen. Ik in de auto, Philip in zijn tent en Norbert en Cindy op de grond in een slaapzak.

Dag 163: dinsdag 22 oktober (Ayers Rock resort)

Vannacht nogal kort en slecht geslapen. We stonden namelijk om 05.30 uur op. Toen ik wakker werd branden het kampvuur al. Philip had dit aangestoken om er water op te koken voor de koffie. Nadat we A$2,50 per persoon betaald hadden voor de camping zijn we om 07.00 uur vertrokken naar Palmvalley. Op de camping stond een kastje waar je het geld in moest doen. Er was geen receptie of niks. Het was maar 10 kilometer naar Palm valley. Maar de weg was bar slecht, je had nu echt een 4WD nodig. De versnelling maar in L4 gezet want we reden gewoon over rotsen. Wat nogal wat stuurkunst kostte. In de valley aangekomen zijn we een uur gaan rondlopen. Het zou vandaag 44 graden worden in de schaduw. Midden in de woestijn groeien al 20 miljoen jaar palmbomen. Het heeft iets met de klimaatwisseling te maken maar hoe het precies zit weet ik niet. Ik vroeg of er iemand terug wilde rijden maar ze hadden er geen zin in. Ze hadden geen van allen ooit met een 4WD gereden. Het was best moeilijk om te rijden maar ik vond het hartstikke gaaf. Na 200 kilometer over de gravel te hebben gereden zijn we in Kings Canyon aangekomen. Daar hebben we dus getankt want onze tank was bijna leeg, het lichtje stond al te knipperen. Toen ik over de grid road reed zag ik het mooiste landschap wat ik ooit heb gezien. Het landschap veranderde voortdurend en het was adembenemend mooi. 

In Kings Canyon hebben we vier uur rondgelopen. Het was schitterend en bloed, maar dan ook, bloedheet. Voordat we begonnen met onze wandeling stond er een groot bord met een waarschuwing voor de warmte. Zo moet je een liter water per uur drinken. Geen cola of andere zoete troep maar water, het probleem met cola is dat het zoet is en dan blijf je drinken. Ook werd er een pet of hoed aangeraden maar helaas ben ik mijn pet vergeten. Ook stonden de verschijnselen van een zonnesteek op het bord vermeld. Een zonnesteek kan dodelijk zijn. De kenmerken van een zonnesteek zijn duizeligheid en gedesoriŽnteerd voelen. Dit had ik dus ook in Mission Beach en Cairns en ik maar denken dat ik decompressieziekte had. Na Kings Canyon hebben we weer een kleine 250 kilometer gereden naar Ayers Rock resort. Daar was namelijk de camping. Onderweg heel veel road trains gezien. Road trains zijn hele grote vrachtwagens, ongeveer 40 meter lang. Philip had ondertussen het stuur overgenomen en hield niet genoeg afstand. Hij reed echt als een Franse maniak. Na tien minuten, pang, een steen tegen de ruit en dus een ster. Maar goed dat we all risk verzekerd zijn. Onderweg nog gestopt om hout te sprokkelen. 

Om 20.00 uur waren we bij Ayers Rock. Toen we gisteren aan het kamperen waren was het 400 kilometer naar de dichtstbijzijnde winkel of kroeg. We zaten dus echt midden in de outback. Dit was bij Ayers Rock wel anders, het was een grote toeristische trekpleister. De camping was heel luxueus, daarom zeiden we maar dat we met drie personen waren in plaats van met vier. We moesten nog A$27 afrekenen. Bij onze plaats aangekomen vlug een vuurtje gemaakt en eten gekookt maar dat duurde nog twee uur. We aten rijst en dat moet lang koken dus moesten we het vuur af en toe flink opstoken. Rond 23.00 uur zijn we gaan slapen. Philip in zijn tentje en ik, Cindy en Norbert op een matrasje op de grond. Het was nog best warm dus hebben we de slaapzakken maar open geritst. ís Nachts schoot ik wakker en was het steenkoud (ongeveer 8 graden).

Dag 164: woensdag 23 oktober (Ayers Rock resort)

Om 04.50 opgestaan en om 5.10 uur zijn we naar Ayers Rock gereden. Daar zijn we om 05.30 aangekomen. We moesten eerst een pas kopen van A$10. Om 05.55 uur was de zonsopgang. Het was prachtig maar het was jammer dat het stikte van de mensen. Na de zonsopgang zijn we teruggereden naar de camping en hebben daar ontbeten. Na het ontbijt zijn we naar het culturele centrum van de Aboriginals gereden. De anderen waren nogal geÔnteresseerd en begonnen alles aandachtig te lezen. Na 1,5 uur had ik het wel gezien maar zij nog niet, dus maar een film gaan kijken over de aboriginals. Na 1,5 uur zijn we op koers gezet naar de Olgaís. Daar hebben we gelucht en ben ik nog een bekende tegen gekomen uit Nederland. Ik had hem eerder in Noosa ontmoet. Daarna zijn we drie uur in de Olgaís gaan rondlopen. Het was geweldig mooi maar opnieuw was het bloedheet en het stikte van de vliegen, een ware plaag. 

Rond een uur of een zijn we naar Ayers Rock gereden, zoín 40 kilometer. Het was vandaag 46 graden, mijn fles water die ik bij had Ďkookteí bijna. Daar waren we om 13.30 uur. We zijn toen een vier uur durende tocht gaan maken. Ik had 2,5 liter water bij me en ik dacht dat wel voldoende was, niet dus! Toen ik terug kwam was alles op. Ik had ook een nat T-shirt over mijn hoofd gedaan tegen de hitte. Bij een temperatuur van meer dan 38 graden verbieden ze je om de Ayers Rock te beklimmen. De klim was dan ook gesloten toen wij erlangs liepen. Ik had mijn prive gidsen bij me. Cindy en Philip waren zo geÔnteresseerd in de geschiedenis en cultuur van de aboriginals dat ze van alles te vertellen hadden. Uluru is de Aboriginal naam voor Ayers Rock. Uluru is de tempel voor de Aboriginals en het is echt een belediging voor hen als je de Ayers Rock beklimt. Ook bleek daar dat mannen en vrouwen afgezonderd werden en apart les kregen. Er waren verschillende holen in Uluru die gebruikt werden voor ontspanning, klaslokalen, keuken en slaapruimte. Erg interessant allemaal, mijn respect voor die mensen begint te groeien en ik begon me af te vragen of ik wel de Ayers Rock wilde beklimmen. Uluru betekent voor de Aboriginals ontmoetingsplaats. De andere drie zeiden al heel stellig dat ze absoluut de Ayers Rock niet wilden beklimmen. Verder werd het afgeraden tussen 10.00 en 16.00 uur de wandeling te doen omdat het vanwege de hitte onverantwoord was. Een voordeel was wel dat niemand anders zich op dit tijdstip aan de wandeling waagde. We hebben vier uur rondgelopen zonder iemand tegen te komen. Om 17.00 uur waren we terug bij de 4WD en gingen even in de schaduw zitten. Daar ontmoette we een gast die tours op Harley Davidsons verzorgde. Daar even mee gepraat en om 17.15 uur koers gezet naar de plaats waar we de zonsondergang konden zien. We kwamen daar als eerste aan, dus hadden we onze plek voor het uitzoeken. Niet lang daarna arriveerde er een busje en die begonnen tafels en flessen champagne naar buiten te sjouwen. Cindy vroeg aan hen of we een glas champagne kregen maar helaas. We zagen alle grote tourbussen, komen wat waren we blij dat we ons eigen vervoer hadden en niet in de grote bussen hoefde te zitten. De zonsondergang was mooier dan de zonsopgang. Bij de zonsondergang ontmoette we weer die Harley Davidson rijder.

Cindy gooide haar vrouwelijke charme in de strijd en vroeg of hij champagne bij had. Hij had niks bij maar kon wel iets regelen. Eerst vroeg hij op een slimme manier of Cindy een vriendje had. Dus hij zag zijn kans schoon. Hij liep naar die touroperator en regelde voor ons een fles champagne en vier blikjes cola. Ook had hij zelfs een schaal met hapjes bij zich. Het werd dus echt gezellig en een mooiere zonsondergang hadden we ons niet kunnen wensen. We lagen op de motorkap van de 4WD met een fles champagne en de Ayers Rock voor ons met de zonsondergang. Om 19.30 zijn we terug gereden naar de camping. Eerst zijn we naar de winkel gereden om boodschappen te doen. We kochten vlees want ik had voorgesteld om te gaan barbecuen. We hadden geen rooster maar ik zei dat ik daar wel iets op zou vinden. We zijn eerst nog even naar een bar gereden om een biertje te gaan drinken. Het was daar veel te gezellig maar na twee glazen toch teruggereden naar de camping. Daar aangekomen meteen naar Nederland gebeld want het was al 21.00 uur en mijn oma was jarig. Na even gepraat te hebben en beloofd te hebben dat ik probeer haar een keer gratis te bellen ben ik teruggelopen naar onze campingplaats. Daar heb ik het vuur flink opgestookt voor de barbecue. Inmiddels heb ik ook een rooster gemaakt van aluminiumfolie en hout. Het eten lieten we ons goed smaken en om 23.00 uur als een blok in slaap gevallen.

Dag 165: donderdag 24 oktober (Ayers Rock Resort)

Om 04.55 uur werd ik wakker gemaakt door Philip en 15 minuten later zaten we weer in de auto richting Ayers Rock. Dit keer vanaf de andere kant de zonsopgang gekeken. Daar was helemaal niemand dus echt genoten. Ik had besloten om de Ayers Rock te gaan beklimmen. Cindy had een sollicitatiegesprek om 09.30 uur in het resort. Daar moesten we dus met drie man op wachten. Ik had er geen zak zin in om daar op te wachten maar ja, wat doe je er tegen. Dus daarom maar besloten om mijn tijd nuttig te gebruiken en de Ayers Rock te beklimmen. Ik werd daar om 06.45 uur afgezet en om 07.00 uur ben ik met de vele andere toeristen naar boven geklauterd. Het was een enorme steile klim en ook erg vermoeiend. Ik had geluk dat ik zo vroeg was zodat ik in de schaduw van de berg liep. Na 50 minuten klimmen was ik boven en het uitzicht was adembenemend. Elk jaar vallen er hier bij Ayers Rock een paar doden. Mensen die uitglijden en naar beneden donderen of die overlijden aan een hartaanval of een zonnesteek. Na een half uur van het mooie uitzicht genoten te hebben en tientallen fotoís gemaakt te hebben voor andere mensen ben ik naar beneden gegaan. Halverwege een mooi plekje gezien en daar een uur gelegen in het zonnetje want ik had nog tijd genoeg. 

Ze kwamen me om 09.30 uur ophalen. We zijn toen naar het resort gereden om Cindy op te halen. Ze kwam om 10.15 uur naar buiten en had de baan. Ze verdiende enorm veel, tussen de A$1600 en A$2000 per maand. Ik wilde eigenlijk rijden maar de sleutels gingen naar Norbert. We zaten in tijdnood want eigenlijk wilde ik nog de Rainbow valley zien maar daar hebben we geen tijd voor gehad. Ik baalde daar flink over. Norbert begon maar 110 km per uur te rijden terwijl we in tijdnood waren. Ook zaten we een paar keer in de berm en minderde hij geen vaart als er een road train aankwam. Toen we stopten om te tanken vroeg ik aan Norbert of hij het rijden wilde delen. Hij zei dat hij helemaal niks om rijden gaf dus snel het stuur overgenomen en het gaspedaal naar beneden gestampt zoals een normale Duitser ook zou doen. De hele tijd 140 km per uur gereden op een weg nog smaller dan bij ons een provinciaalse weg. Maar er waren bijna geen tegenliggers. Dus het enige waar ik op moest letten was het loslopende vee. Het was vandaag 40 graden in de schaduw. Bij het tankstation zeiden ze nog dat het lekker warm was en dat de zomer om af te knijpen was. 

De omgeving was weer schitterend en af en toe reden we dus echt door de woestijn (zandvlakte). In totaal hebben we met de gehuurde 4WD 1685 kilometer gereden in vier dagen. Onderweg nog twee road trains ingehaald. Dat was alweer een ervaring op zich. Rond 13.00 uur waren we bij de meteoriet kraters. Duizenden jaren geleden waren daar een stel meteorieten neergevallen wat enorme kraters veroorzaakte. Daar ook geluncht. Daarna koers gezet naar Alice Springs waar we om 15.15 uur aankwamen. Hier in de Northern Territories is er geen snelheidslimiet dus je mag er zo hard rijden als je wilt. Gauw de spullen bij het hostel afgegooid en de auto gaan poetsen. Als we dat niet deden kosten het ons A$92 aan schoonmaakkosten. Ook meteen de auto afgetankt. Maar wat deed die stomme pompbediende nou, hij vulde ook meteen de tweede tank terwijl wij alleen de eerste tank moesten aftanken. Dus daar ging dan weer A$50. Nadat we de 4WD afgeleverd hadden, ze hadden overigens de ster in de ruit niet opgemerkt, zijn we naar de eerste de beste bar gegaan om daar wat te gaan drinken.

Om 19.30 teruggelopen naar het hostel om in te checken en om te eten. Ik had maar een zak friet gehaald want ik had geen zin om te koken. Om 21.30 uur teruggelopen naar de kroeg maar ik was zo moe dat ik om 00.30 uur alleen ben teruggelopen. Onderweg werd ik nog lastig gevallen door een Aboriginal. Eerst begon een vrouw naar me te schreeuwen. Ze werd aangerand door een andere Aboriginal. Ik begon op de vent in te praten want hij was stomdronken en stonk naar de rum. Hij had geen aandacht meer voor de vrouw dus zij ging er vandoor. Die vent begon tegen mij maar ik bleef er heel rustig onder. Vijf minuten later kwam de hele familie en daar heb ik ook nog een half uur mee staan te praten over van alles en nog wat. Ze waren hartstikke vriendelijk. Ze wisten niet waar Nederland lag en waar ze vannacht gingen slapen, waarschijnlijk onder een boom. Rond 01.30 was ik terug in mijn hostel en als een blok in slaap gevallen.

Dag 166: vrijdag 25 oktober (Alice Springs)

Vanmiddag om 12.15 uur mijn bed uitgekomen en ontbeten/geluncht. Daarna de was gedaan en wat rond gehangen. Tevens wat in mijn dagboek geschreven want daar had ik al vier dagen geen tijd voor gehad en vreselijk veel meegemaakt. Om 16.00 uur samen met Cindy naar de stad gelopen en mijn onderwatercamera laten ontwikkelen. De fotoís zijn wel mooi maar de kleuren vallen wel tegen. Het was een uurservice en de fotoís waren al om 17.00 uur al klaar. Daarna naar de kroeg gelopen want daar hadden we met de anderen afgesproken. Daar hebben we de film, fotoís en zonsondergang bekeken. Daar kwam ik weer een stel bekenden tegen die ik in Noosa ontmoet had en die op dezelfde dag vertrokken waren als ik. Ze hebben de hele weg tot Cairns meegereisd en nu kwam ik ze hier weer tegen. Na de zonsondergang even naar de winkel gelopen om eten te kopen. Vanavond eet ik wortelenstamp met krokodillenvlees, echt een goede combinatie. Het vlees was gigantisch duur maar wanneer krijg je de kans om dat vlees te eten. Het koste A$20 per kilo terwijl biefstuk A$6,50 per kilo kost. Daarna naar de kroeg gelopen met zijn allen voor een biertje. Rond een uur of negen teruggelopen naar het hostel om mijn spullen te pakken en eten te koken. De hele trip van vier dagen heeft zoín A$300 gekost. Best prijzig maar ik ben blij dat ik het gedaan heb want het was schitterend en hartstikke gaaf om met zoín 4WD te rijden. Rond 23.00 uur gaan slapen.

Dag 167: zaterdag 26 oktober (ergens in de woestijn tussen Alice en Darwin)

Vanmorgen weer om 05.15 opgestaan want 05.40 uur kwamen ze me ophalen. Ik heb namelijk een zesdaagse tour naar Darwin en Kakadu geboekt. Dus nu hobbelen we weer met 16 personen naar Darwin. Vandaag rijden we 900 kilometer en de volgende dagen doen we het wat rustiger aan. Het is in totaal 1600 kilometer. Op dit moment, 08.35 uur, zijn we gestopt ergens in de woestijn in een gehucht voor een ontbijt maar dat heb ik al gehad in het hostel. Dus gebruik ik mijn tijd om maar eens bij te schrijven. De chauffeur maakte daarnet in de bus nog een leuke opmerking. Hij zei dat Alice Springs het dichtste bij alle stranden lag hier in Oz. Hij heeft nog gelijk ook maar om bij het strand te komen moet je wel 1600 kilometer Noord, Zuid, Oost of West rijden. De groep bestaat alweer uit twaalf vrouwen en vier kerels. Erg veel Ierse vrouwen. Om 17.00 uur zijn we gestopt bij een plaatsje gestopt voor het avondeten. We kregen kippenschnitzel met groenvoer. Het was wel lekker maar het was gewoon te warm om te eten

Ook een Belgisch meisje ontmoet uit Namen, dat is dan de tweede Belg die ik hier in Oz ontmoet. We hebben tot 20.00 uur doorgereden en zijn in Daily Waters gestopt voor een overnachting. Toen we daar naar toe reden hebben we veel kangoeroes zien weg springen. Daily Waters is een plaatsje waar 3.000 mensen wonen en ze hebben ook een hele gezellige pub. Het is de oudste pub in de Northern Territories langs de Stuart Highway. De Stuart Highway loopt helemaal van Adelaide naar Darwin. Een tweebaansweg midden door de woestijn. De bar was al een museum op zich. Toen we aankwamen gauw onze slaapplaatsen klaar gemaakt. We kregen een paar matrassen en dat was het. We sliepen onder de sterren. Nadat ik mijn bed opgemaakt had zijn we een biertje gaan drinken met zijn allen. Rond 22.30 uur mijn bed ingedoken. Rond 01.00 uur schoot ik wakker van de muggen. Tot 02.00 uur wakker gelegen door die klotebeesten toen maar naar de bus gelopen om mijn insectenspul te halen. Dat heeft schijnbaar geholpen want ik had nergens geen last meer van. De chauffeur is een toffe vent en een echte Auzie. Hij praat van ís morgens tot ís avonds over bier. Hij vertelt ook veel over de omgeving en we stoppen ook in elke plaats die we tegen komen. Het is volgens mij best vermoeiend om in je eentje 900 kilometer te rijden onder een smalle weg in 40 graden met alleen maar rood zand, bosjes en bomen.

Dag 168: zondag 27 oktober (Katerine Gorge)

Om 05.45 opgestaan en om 06.45 zijn we vertrokken. Het is weer erg heet en het zal zo wel blijven want we zitten in de tropen. Op dit moment zit ik weer in de bus met een schitterende omgeving om me heen. Als ik naar buiten kijk zie ik heel veel termietenheuvels en bomen die verbrand zijn door bosbranden. Gisteren toen we ongeveer 900 kilometer gereden hadden zijn we zoín twintig autoís tegen gekomen. Om 09.30 zijn we in Mataranka gestopt en daar hebben we heerlijk gezwommen in een heetwaterbron van ongeveer 35 graden. Ik geloof dat er 1600 liter water per minuut uit de bron stroomt. Daar heb ik nog een jongen ontmoet uit Son en Breugel. -Hij zit ook bij mij in de bus. Om 12.00 uur een lekkere lunch gehad. Hamburgers met salade met alles erop en eraan. Op zich is alles toch goed verzorgd. ís Avonds om 17.00 in Katerine aangekomen. Katerine is de warmste plaats van de Northern Territories. Onderweg naar Katerine hebben we heel veel solar wagens zien rijden (autoís die rijden op zonne-energie). Het schijnt een of andere race te zijn. In Katerine kwam ik weer een bekende tegen, een meisje uit Venray. De chauffeur begon al opmerkingen te maken over het feit dat ik zoveel mensen ken. Van Katerine zijn we naar Katerine Gorge gereden voor de nacht. Daar aangekomen een heerlijk duik genomen. Ik voelde me eigenlijk niet helemaal veilig want er zaten zoetwaterkrokodillen in het water (Freshies). Rond 21.00 uur naar huis gebeld en weer helemaal gratis voor A$104. Lang leve Telstra (PTT). Na dit telefoontje nog een uur zitten praten met Robert uit Son en Breugel, Paul uit Canada en twee Sheilaís uit Oz. Rond 23.00 uur mijn tent ingekropen. Ik had geen zin om buiten te slapen met al die muggen.

Dag 169: maandag 28 oktober (Katerine Gorge)

Weer om 06.45 uur opgestaan want om 08.00 uur gingen we kanoŽn. Ik had als enige de eenpersoonskano, de andere tweepersoons. Ik vond het wel een voordeel want je vaart veel sneller zodat ik meer gezien heb dan de rest. Het was vier uur kanoŽn voor maar A$15. Het was schitterend, een prachtig uitzicht. Ik was op een gegeven moment helemaal alleen, dat was prachtig. Je voelde je een met de natuur. Het was zo stil. Tijdens het kanoŽn zag je de platen langs de oever staan met geen toegang omdat er krokodillen zaten. Op een gegeven moment zag ik twee mensen net voor zoín bord zwemmen. Volgens mij waren ze levensmoe. Rond 13.00 uur zijn we vertrokken naar Edith Falls. Daar hebben we gezwommen, het was heerlijk warm. Ik ben gewoon onder de waterval gaan zitten en het voelde als een warme douche. Daar nog gesproken met een knappe en leuke Ierse meid. Misschien gaan we dadelijk als ik over drie dagen terug kom uit Kakadu een 4WD huren en dan naar de Kimberlyís. Op dit moment scheuren we met 100 kilometer per uur over de grid road. Ik had geen tijd om te schrijven dus doe ik het maar in de bus maar dat valt op zoín weg nog niet mee. Om 17.00 uur zijn we nog gestopt en hebben we een bezoekje gebracht aan Charlie de Buffalo, bekend van de film Crocodile Dundee.

Om 20.00 uur uiteindelijk aangekomen in Darwin. De temperatuur vond ik wel meevallen, ongeveer 35 graden en ook de vochtigheid valt mee. Ik had me op het ergste voorbereid. In het hotel aangekomen gauw mijn spullen op mijn kamer gegooid en gegeten. Daarna samen met Robert naar de kroeg gelopen. In de bar aangekomen weer de hele groep ontmoet en flink wat bier gedronken want het smaakte goed. Het was trouwens best vreemd om drie dagen in een bus gezeten te hebben om in de beschaafde wereld te komen. In de bar kon je voor A$3 een krab kopen en meedoen aan een krabrace. De krab die als eerste de rand van de dansvloer bereikte had gewonnen en de eigenaar was A$100 rijker. Het was niet echt druk in de bar maar wel gezellig. Op een gegeven moment nog wat meegemaakt. Er stonden al de hele tijd drie vrouwen hitsig te dansen op de dansvloer. Plotseling deden ze alle drie hun T-shirt uit en gingen met ontbloot bovenlijf verder dansen. Ik wist niet wat ik zag. Rond 02.00 uur alleen gaan slapen. De kamer was net een koelkast zo koud was het (airco).

Dag 170: dinsdag 29 oktober (Kakadu National Park)

Vanmorgen met veel moeite opgestaan om 07.00 uur want om 08.00 uur kwamen ze me alweer halen voor een nieuwe driedaagse tour in Kakadu National Park. Opnieuw is de chauffeur een echte Ozzie. In het begin dacht ik dat het een eikel was want hij was niet echt vriendelijk en snauwde nogal. Maar nu na die drie dagen vind ik hem een van de beste chauffeurs die ik gehad heb. Hij wist alles te vertellen over dieren, planten, etc. De groep bestond uit 17 personen. Een paar Duitsers, twee hele leuke Australische meiden en wat Ieren en Engelsen. Het was 250 kilometer van Darwin naar Kakadu, waar we rond de middag aankwamen. Daar stopte we bij de alligator river waar we een bootcruise kregen. Er waren twee gedeeltes in de rivier, een zoetwater en een zoutwater gedeelte. We gingen eerst op het zoetwater gedeelte varen. We zagen honderden verschillende soorten vogels en ook zagen we krokodillen. Het was prachtig daar, het was net of je een natuurfilm binnen voer. Ongeveer vijf krokodillen gezien. De temperatuur was al opgelopen tot ongeveer 40 graden. Het was wel uit te houden als je gewoon heel veel water bleef drinken. Op een dag als dit drink ik bijna 6 liter water. Het is hier een andere warmte dan in Alice. Het is vochtiger dus je verliest meer vocht en zweet als een gek. Na de cruise zijn we gaan lunchen en vervolgens verder het park ingereden. 

De oppervlakte van Kakadu National Park is 20.000 vierkante kilometer. Het is een prachtig park met zes verschillende inwoners met veel cultuur. En Aboriginal tekeningen die tussen de 20.000 en 40.000 jaar oud zijn en die stomme Ozzies zeggen dat AustraliŽ een jong werelddeel is met maar 200 jaar historie. Als ze dat zeggen dan kan ik mij daar zo kwaad over maken. De Aboriginals worden hier zo gekleineerd maar ja die doen ook niks anders dan zuipen. Rond een uur of vijf ergens gaan zwemmen in een meertje. Daar stonden overal borden met waarschuwingen dat er zoetwaterkrokodillen misschien in dat water voorkomen maar onze chauffeur zei dat het veilig was. Dus er maar op gewaagd al voelde ik me niet echt veilig. Tijdens het zwemmen wat zitten te praten met de Australische meiden. Na het zwemmen zijn we gestopt bij een stel termietenheuvels van bijna vier meter hoog wat heel indrukwekkend was. Daarna naar onze camping gereden (Cooinda) waar we om 20.00 uur aankwamen. Daar sliepen we in tenten en kregen we kipcurry met rijst. Was hartstikke goed.  Daarna meteen naar de bar gehold voor een pilsje. Het was hartstikke gezellig en zitten praten met de chauffeur Paul en de Ozzies. Rond 23.00 ben ik gaan slapen.

Dag 171: woensdag 30 oktober (Cooinda)

We zouden vanmorgen om 05.30 opstaan, maar omdat ik de laatste tijd hartstikke weinig geslapen had was ik hartstikke moe. Gevolg: ik schoot om 06.40 uur wakker. De chauffeur maakte me wakker en zei dat de hele bus op mij zat te wachten. Ik dacht eerst dat hij een grapje maakte maar dat was dus niet zo. Dus snel mijn kleren aangetrokken en de bus in gesprongen. Deze morgen zouden we naar de Twin Falls gaan. Het was ongeveer twee uur rijden over een dirt road (zandpad). Bij de waterval aangekomen moesten we een kilometer zwemmen om bij de waterval te komen. Er stonden overal borden dat vooral in het regenseizoen overal zoet- en zoutwater krokodillen voorkwamen. Dus ik voelde me niet op mijn gemak, de hele groep trouwens niet. De waterval was leuk maar niet spectaculair omdat het al een half jaar niet meer geregend had. De rivierbeddingen stonden ook overal droog. Bij de waterval ongeveer vier uur gezwommen want het was verschrikkelijk heet. Toen we een stuk over het strand liepen verbrande gewoon onze voeten. Na de waterval geluncht en naar de Jim Jim Falls gereden. Het was maar goed dat we een 4WD bus bij ons hadden want er was nogal mul zand en ook moesten we een rivier oversteken die anderhalve meter diep was. Bij de Jim Jim Falls aangekomen moesten we een kilometer lopen. Het was warm en we moesten over rotsen klimmen. Toen ik halverwege was en van een rots afdenderde dacht ik bekijk het maar en ben omgedraaid. Ik heb nu een paar bloeduitstortingen op mijn heup en een paar schaafwonden, maar verder niks ernstig. Na de watervallen zijn we naar Yellow Water gereden. Daar hebben we naar de zonsondergang gekeken en krokodillen en walibies gezien. Het was prachtig. Na zonsondergang teruggelopen naar het kamp. Daar kregen we een goede barbecue en weer in de bar gehangen met die Australische meiden. We hadden met Paul afgesproken maar hij was niet in de bar. Rond 23.00 uur kwam hij aangezet met rode oogjes. Hij was zo stoned als een garnaal. Toen ik zei dat de accu van de bus leeg was interesseerde hem dat niks. We hadden namelijk te lang de autoradio aan laten staan.

Dag 172: donderdag 31 oktober (Cooinda)

Alweer de laatste dag van de tour. Vanmorgen om 08.30 uur vertrokken nadat we de bus aangeduwd hebben. Paul voelde zich niet zo lekker denk ik want we zouden dus eigenlijk om 08.00 uur vertrekken. We zijn eerst naar Boali Visitor Center gereden. Daar zag je veel informatie over hoe de Aboriginals 20.000 jaar tot heden woonde. Het was echt interessant en het was het hoogtepunt van de tour, of eigenlijk was deze hele dag het hoogtepunt van de tour. Na een paar uur wat gelopen te hebben zijn we naar een art site gegaan. Daar was een rotsformatie met heel veel en schitterende tekeningen. Paul begon te vertellen wat de tekeningen betekende. Of eigenlijk weten ze niet wat het betekend. Elke tekening heeft een mythe. Wat natuurlijk weer ongeloofwaardig overkomt maar het is leuk om die spookverhalen te geloven. Daarna zijn we naar een ander visitors centre gegaan. Daar kregen we een film te zien over de jaargetijden in Kakadu. Dat was prachtig. In het regenseizoen schijnt heel veel land onder te stromen en wegen worden ontoegankelijk. Ook worden dan in Darwin de meeste bliksemschichten geteld. Hierna zijn we naar een uitkijkpunt gelopen waar we een adembenemend uitzicht kregen over de Kakadu. Zoiets moois had ik nog nooit gezien. Op dit punt was ook de film Crocodil Dundee opgenomen. Daar hebben we naar de zonsondergang gekeken en om 19.30 zijn we terug gereden naar Darwin waar we om 22.30 uur aankwamen. Eigenlijk zouden we al om 18.00 uur terug zijn in Darwin maar Paul was zo flexibel en zelf genoot hij ook van de omgeving. Terug in Darwin weer een andere kijk op de Aboriginals gekregen. Ik ben van mening dat de Australische regering verkeerd bezig is. Maar goed, nadat ik ingecheckt heb in mijn hostel gauw een douche genomen en naar de kroeg gelopen waar we de groep weer zouden ontmoeten. Alle eettenten waren dicht dus als avondeten een snicker en een zak chips gehad en twee liter bier. Het was best gezellig maar ik was hartstikke moe. Om 03.00 uur terug naar mijn hostel gelopen. Het was nog steeds 25 graden. Met de Australische meiden en Robert afgesproken dat we de volgende dag elkaar zouden ontmoeten op de pier en daar wat gingen eten. Ook nog de vriendin van die twee Ozzies ontmoet. Dat is ook een leuke meid. Ze werkt als architect en heeft zelf ook een jaar door Europa gereisd.

Naar reisverslag november