|
Voor een Euro krijg je ongeveer 10 yuan op dit moment.
Dag 591:
zondag 16 oktober (Hong Kong – Beijing)
Vandaag stappen we onze eerste Chinese trein binnen en dat gaat er heel
anders aan toe dan in India. De treinen zijn veel smaller met maar aan
een kant bedden. Wij hebben (zoals we ook in India deden) de twee bovenste
bedden gereserveerd en dan kun je overdag met zijn drietjes op het onderste
bed zitten. Niet in China dus! Daar is het ieder voor zich en ligt men
dus allemaal 24 uur lang op zijn eigen bed. Gelukkig hebben wij twee
lieftallige Chinese dames onder ons wonen die hun bed wel willen delen
met ons, zodat we niet helemaal 24 uur moeten liggen. Ze zijn opgegroeid
in Indonesie, wonen in Londen en reizen naar Beijing om vrienden te
bezoeken waarmee ze jaren geleden in Beijing gestudeerd hebben. Afijn,
het zijn echte Chinese wereldburgers en een van de twee spreekt Engels
dus kunnen we toch een gesprek voeren. China is een vreemd land. Als
je uit het raam kijkt zie je moderne gebouwen en industrie, terwijl
een paar kilometer verderop een boer zijn land staat te begieten met
twee enorme gieters, gewoon ouderwets handwerk! We eten ‘s avonds in
het restaurant waar Marcel de plaatselijke rijstwijn probeert (56% alchohol)
die Anouk in het Chinees bestelt (tot groot leedvermaak van de overige
passagiers). We lopen nog een Rus tegen het lijf die een paar woorden
Duits en Portugees spreekt. Hij heeft nog een tijdje in Nederland gewoond
waar hij heel veel bier heeft gedronken met Aukje van Grinsven toen
ze in 1996 kampioen skischansspringen was geworden. Dat is tenminste
wat wij uit zijn verhaal opmaken!
Dag 592:
maandag 17 oktober (Beijing)
Na 24 uur treinen arriveren we 2500 kilometer verderop, in Beijing.
De eerste taxi wil ons wel wegbrengen, weliswaar voor 5x de normale
prijs. De tweede taxi zet inderdaad zijn meter aan maar zet ons op de
verkeerde plaats er uit. Na lang zoeken vinden we uiteindelijk Far East
Hostel waar we na heel lang praten een kamer krijgen voor 180 yuan.
Maar dit keer kunnen we tenminste wel ons achterwerk keren. Het hotel
ligt in een hartstikke leuke wijk, een van de weinige oude hutongs die
nog overeind staan in Beijing. In de wijk stikt het van de Pekinezen,
van die oerlelijke hondjes met een snuit alsof ze tegen een deur gelopen
zijn en een ondergebit wat naar buiten steekt. Maar de Chinezen zijn
gek met hun huisdier, ze vervoeren het in hun fietsmandje, of dragen
het beest overal mee naar toe. Na maanden in de tropische vochtige warmte
te hebben doorgebracht hebben we in Beijing wat aanpassingsproblemen.
Droge lippen, droge mond en constant dorst en beide snipverkouden door
het temperatuurverschil (het is nog maar 15 graden in Beijing).Hotel
Far East: 180 yuan (normaal vragen ze 280 yuan, even onderhandelen dus).
Taxi Beijing: 15 – 25 yuan
Dag 593:
dinsdag 18 oktober (Beijing)
We gaan vandaag naar de verboden stad, op loopafstand van ons hotel.
Eerst passeren we Tianmen Square, het plein van de Hemelse vrede en
tevens het grootste plein ter wereld. Het is druk, bomvol met Chinezen
die staan te wachten totdat het mausoleum van Mao open gaat. Bij de
verboden stad is het nog drukker. 500 jaar lang was het de gewone Chinees
verboden de stad te betreden, daar stond de doodstraf op. De Chinezen
zijn rijk, erg rijk. Nog maar 10% van de bevolking leeft onder de armoedegrens.
Dat is naar Westerse begrippen misschien nog veel, maar in vergelijking
met buurlanden als Laos, Vietnam, etc. is dit erg weinig. En wat doen
die Chinezen met al dat geld? Daarmee gaan ze de toerist uithangen in
eigen land. Het is stampvol met Chinese toergroepen in de verboden stad.
Gekleed in rode hesjes, gele petjes of blauwe buttons lopen ze achter
hun gids aan (die met een vlag of microfoon voorop loopt). De verboden
stad is niet voor niks de grootste attractie van Beijing. De gebouwen
zijn prachtig onderhouden en er ligt een mooie tuin achter de gebouwen.
Marcel probeert de hele tijd foto’s te maken zonder gele petten in beeld
maar dat is bijna onmogelijk (tot grote frustratie van Marcel en grote
hilariteit van Anouk). Na een paar uur houden we het voor gezien, we
hebben er genoeg van door de mensenmassa te moeten slenteren en overal
herriemakende Chinese toeristen tegen het lijf te lopen. We wandelen
terug naar het hotel over Tianmen Square waar de toeristenhordes zich
aan het opmaken zijn voor het wisselen van de wacht. En terwijl de een
nog in zijn maopakje loopt, loopt de ander met de nieuwste mobiele telefoon.
We gaan wat eten bij de plaatselijke Chinees. We kunnen kiezen uit donkeymeat,
pig ear, five fragrance of dogmeat. We houden het maar bij een peking
eendje en een zoetzuur varkensvlees. Dat is bekend en veilig!Entrée
Verboden stad: 60 yuan
Eten in Beijing: 15 – 20 yuan (en dan krijg je echt een vol bord)
Dag 594:
woensdag 19 oktober (Beijing)
Beijing heeft er vandaag voor een dag een attractie bij, we huren namelijk
een fiets. Dit tot grote hilariteit van de Chinezen. Het zadel is hard
en doet na vijf minuten fietsen al pijn aan je billen, de trappers staan
scheef waardoor we al snel wiebelknieeen krijgen en zeeziek worden op
ons fietsje en bij Marcels fiets loopt maar liefst 5x de ketting er
af. Maar we moeten niet zeuren, voor een hele dag fietshuur betalen
we twee Euro en daarvoor kun je in Amsterdam je fiets nog niet eens
in de bewaakte fietsenstalling zetten. De verkeersregels in China zijn
ook iets anders dan wij gewend zijn. Wat groter is heeft voorrang, een
bus gaat dus voor een fiets (ook als die fietser groen licht heeft).
Er zijn fietspaden (breder dan in Nederland) en iedereen fiets aan de
rechterkant van de weg, maar als je daar zin in hebt kun je ook tegen
het verkeer in gaan fietsen. Als voetganger steek je allemaal tegelijk
het zebrapad over als er een fietser aankomt (of doen ze dat alleen
bij Anouk, zodat Anouk hopeloos klem komt te zitten tussen een vracht
Chinezen). Dan is er nog een belangrijke laatste regel, als je gaat
inhalen kijk je vooruit maar nooit of te nimmer achteruit. Je zwenkt
gewoon plotseling naar links zonder op of om te kijken. Fietsen in Beijing
is dus een hele beleving (voor zowel ons als de inwoners van Beijing,
die ons soms met verbazing aan zitten te kijken). We fietsen eerst naar
Jingshan Park van waaruit je een prachtig uitzicht hebt op de verboden
stad, normaal gesproken dan, want vandaag is het behoorlijk mistig en
we zien helemaal niks! We lopen Rachel tegen het lijf die we hebben
leren kennen in de Filipijnen (en die net als wij heimwee heeft). We
gaan samen lunchen en fietsen daarna met zijn drietjes door Beijing,
door de paar hutongs die nog overeind staan. Tegen de avond begint het
koud te worden omdat de zon weg is en we besluiten terug te fietsen
naar het hotel. Daarbij moeten we door een hutong fietsen waar het stervensdruk
is met Chinezen die geen meter opzij gaan voor een fietsbel. We reopen
heel hard oioioioioi en zitten te slingeren op ons fietsje en dan gaan
ze van schrik, plezier of verbazing opzij. Misschien betekent oioioioioi
wel zweetvoeten in het Chinees? We hebben geen idée, maar het
werkt wel. Terug in het hotel willen we transport naar de muur regelen
maar de bus zit vol. En zo belanden we dus eigenlijk bij toeval bij
een klein reisbureau precies tegenover ons hotel waar het ook nog eens
drie Euro goedkoper is. En opnieuw zijn de jeugdhostels niet zo voordelig
als ze ons altijd willen laten geloven.Fietshuur: 20 yuan (200 yuan
borg)
Entrée park: 2 yuan
Dag 595:
donderdag 20 oktober (Beijing)
Vandaag dus naar de muur, een van de wereldwonderen. Altijd gedacht
dat er maar acht waren maar ze lijken er in elk land wel acht te hebben.
De bus is te laat, alle passagiers moeten bij elkaar gezocht worden,
systeem chaos, kortom: we zijn weer in Azie en voelen ons helemaal thuis.
Sommige dingen veranderen nooit, ook niet in een verwestert land als
China! We hebben besloten naar de muur bij Jinshanling te gaan, 120
kilometer buiten Beijing. Hier is (nog) geen kabelbaan en dus ook (nog)
geen troepen rode hesjes, gele petjes en blauwe button Chinezen. De
muur is op dit stuk ook nog niet helemaal gerestaureerd en we moeten
tien kilometer lopen (maar meestal klauteren) naar Simatai. Het is een
behoorlijk steile klim maar zeker de moeite waard. Helaas werkt het
weer niet helemaal mee, het is mistig en het regent een beetje, maar
dat geeft de muur meteen iets heel mysterieus. Prachtig zoals die muur
zich door het landschap kronkelt. Vanaf het begin worden we gevolgd
door een horde Chinezen (in een land van 1,3 miljard inwoners ben je
sowieso nooit alleen) en de bedoeling is ons niet helemaal duidelijk
maar na vijf kilometer, halverwege het traject, komt de aap (of beter
gezegd, de souveniers) uit de mouw. Ze verkopen t-shirts, boeken, cola,
flesjes water, etc. Het is grappig dat ze daarvoor tot halverwege de
wandeling mee lopen, maar een Chinees wil nu eenmaal graag verkopen!
En het werkt, want sommige mensen voelen zich schuldig dat die mensen
zo lang zijn meegelopen en kopen iets (ja, ook Marcel kon zich niet
bedwingen en kocht halverwege de muur al een t-shirt met de tekst: I
climbed the Great Wall). Halverwege wordt de wandeling nog zwaarder,
we gaan namelijk dalen en dat is een behoorlijke aanslag voor je knieeen.
Anouk heeft het helemaal zwaar, die heeft nog steeds last van de nasleep
van een griepje uit Hong Kong. Maar na vier uur lopen halen we het eindpunt.
Lijkt lang, vier uur lopen over tien kilometer, maar we hebben de nodige
stops gehad onderweg. Die Chinezen hadden namelijk weer een systeem
bedacht waarbij je zoveel mogelijk mensen tegelijkertijd aan het werk
houdt. In Jinshanling kopen we een ticket voor 30 yuan, halverwege moeten
we weer een ticket kopen voor de tweede helft van de muur en als we
er bijna zijn moeten we ook nog eens vijf yuan voor de hangbrug betalen!?
Kan dat niet allemaal in een ticket?! Om half vijf vinden de meeste
mensen het tijd om te vertrekken en wekken we de chauffeur om te zeggen
dat we klaar zijn om terug te gaan naar Beijing. Er is echter een probleem,
we passen niet meer in het busje met zijn allen. Er wordt geschoven,
tien mensen eruit, vijf in de ene bus, nog twee mensen er uit, nog twee
uit een andere bus plukken, nog meer schuiven, weer terug in onze eigen
bus. Om een lang verhaal kort te maken, we zijn al ruim een kwartier
aan het schuiven, het regent, we zijn moe en we zijn het beu. We gaan
verhaal halen bij onze gids maar die spreekt twee woorden Engels en
die kan ons niet uitleggen wat het probleem is. We gaan met zijn allen
in de oorspronkelijke bus zitten en dan blijkt daar een ouder Zweeds
echtpaar te zitten dat niet in onze bus thuis hoort maar geen fatsoenlijke
zitplaats heeft in hun eigen bus. De twee Engelse jongens die nu niet
meer bij ons in de bus passen moeten van de Zweden maar in de andere
bus gaan zitten en in Beijing een taxi pakken. Dit levert zo’n stortvloed
van (scheld)reacties op dat de Zweden eieren voor hun geld kiezen en
toch hun eigen bus gaan zitten! Met een brede Engelse woordenschat en
Europese directheid lukt het ons wat de gids niet lukt, maar het mannetje
lacht tenminste weer. En de chauffeur, die krijgt een daverend applaus
als we eindelijk tegen vijven de motor starten en vertrekken. We klagen
soms over Indiase riksjaws of Indonesische verkopers die het ons lastig
maken, maar sommige toeristen kunnen het zichzelf (en anderen) ook knap
lastig maken.Entrée muur: totaal 65 yuan
Dag 596:
vrijdag 21 oktober (Beijing)
Voordat we vandaag eerst naar het zomerpaleis vertrekken, moeten we
eerst een treinkaartje kopen naar Xian. En dat valt reuze mee, de man
achter het loket spreekt twee woorden Engels. Wij wijzen aan waar we
naar toe willen (onze reisgids heeft Chinese karakters) en ze verstrekken
zogenaamde servicekaarten waarop in het Engels en het Chinees staat:
Breng me aub naar het station, ik moet een trein halen. Vijf minuten
later staan we dus alweer buiten. Met de metro en de bus vertrekken
we naar het zomerpaleis, ook een peulenschil, bij de buspaal staat aangegeven
naar welke attracties of bezienswaardigheden de bus rijdt (in het Engels).
Het zomerpaleis valt een beetje tegen. Vanwege Beijing 2008 staat een
van de belangrijkste gebouwen in de steigers voor een restauratie. Veel
paden zijn afgezet en hele groepen toeristen (ja, ook de Chinzen met
hun rode hesjes, gele petten en blauwe buttons zijn weer in grote getallen
aanwezig) moeten zich over smalle paadjes wurmen. De zonsondergang over
het meer is prachtig dus genieten we daar maar van. Entrée zomerpaleis:
30 yuan ppDag 597: zaterdag 22 oktober (Beijing – Xian)
Om half zes vanavond gaat onze trein naar Xian. We slapen dus uit, gaan
wat internetten, op ons gemak eten en dan is het alweer tijd om naar
het station te gaan. Eigenlijk zijn treinreizen in China maar saai.
De trein vertrekt op tijd, zitten niet volgeladen, geen verkopers die
constant voorbij komen (India) en niemand die een kletspraatje komt
maken (Filipijnen). Wat wel weer grappig is, is dat je nergens mag roken.
Overal hangen bordjes: verboden te roken. Maar het is altijd even afwachten
wie het startsein geeft en dan paffen ze allemaal vrolijk weg. Dit keer
geeft de kok het startsein als hij even vijf minuten pauze heeft en
uit de keuken komt gewandeld met een peuk in zijn mond. Nog geen minuut
later zit alle Chinezen in het restaurant te roken. In Nederland zouden
niet-rokers daarover klagen (wat overigens hun goed recht is), in China
is er niemand die er van op kijkt of er iets van zegt. We ploffen pas
laat ons bed in, we hebben de bovenste bedden en niet in de gaten gehad
toen we tickets kochten dat we daarmee ook bij de speakers liggen (en
Chinese muziek is geen feest voor deze gevoelige Nederlandse oortjes).Treinkaartje
Xian: 256 yuan (hardsleeper)
Dag
598: zondag 23 oktober (Xian)
Na een zeer oncomfortabele nacht slapen boven de wereldkampioen Chinees
snurken arriveren we om half zes 's ochtends in Xian. De touts zijn
al wakker en eentje brengt ons naar hotel Ludao, recommended by Lonely
Planet!! Vol met backpackers en behoorlijk prijzige kamers waar zelfs
in het laagseizoen nauwelijks valt over te onderhandelen. Een eindje
verderop in de straat vinden we bij hotel Royal een enorme kamer voor
een mooie prijs, na onderhandeling, wat hier dus wel mogelijk is. Ze
spreken geen woord Engels maar we spelen de hele dag hints en pictionary
met ze en dat vinden ze prachtig. Waarschijnlijk vullen ze daarom nooit
het toiletpapier bij zodat Anouk elke dag moet gaan uitleggen dat het
toiletpapier op is (hetzij met een lege toiletrol, het laatste velletje
papier of met een afveeggebaar langs het achterwerk). We duiken nog
een paar uurtjes ons bed in en 's middags gaan we de stad verkennen.
Xian is geen bijzonder mooie stad maar heeft een paar mooie bezienswaardigheden
zoals de bell tower en nog wat pagodes. Uiteindelijk belanden we in
de moslimwijk rondom de moskee. We bezichtigen gratis de moskee, door
gewoon achter een Franse groepsreis aan te lopen. Die Chinezen vragen
voor de meeste simpele pagode al belachelijk veel entree. En ze zien
echt het verschil niet dus twee Nederlandse kaaskoppen en een heleboel
Fransosen. De moskee lijkt in niks op de moskees zoals we die gezien
hebben in Istanbul of Maleisie, het heeft meer weg van een Chinese beeldentuin.
Alleen de gebedshal herkennen we, voor de rest is er niks herkenbaars.
Geen minaret, geen arabisch tapijt. Na het bezoek aan de moskee dwalen
we nog even door de wijk waar ze kebab met pitabroodjes maken, vrouwen
gesluierd rondlopen en mannen op weg zijn naar de moskee. We kopen nog
wat souveniers bij een van de vele kraampjes rondom de moskee. Chinezen
durven hoog in te zetten maar er valt goed met ze te onderhandelen,
1/5 van de prijs is de gangbare norm. Bovendien, alles is 'Made in China'
en kost dus toch al helemaal niks om het te maken.
Hotel Royal: 120 yuan
Dag 599: maandag
24 oktober (Xian)
We gaan op weg naar het Terracottaleger vandaag, met het openbaar vervoer.
Dat is een uitdaging want in wezen is het heel simpel, je gaat naar
het busstation, pakt bus 306 (daarop staat al een afbeelding van het
terracottaleger) en die zetten je voor de deur af. Maar Xian is behoorlijk
toeristisch dus voor we de bus bereikt hebben lopen er al een paar mannetjes
achter ons die ons in een klein minibusje willen zetten voor heel veel
geld! Mooi niet dus, we lopen lekker eigenwijs door en vinden al snel
bus 306. Daar komt een Chinese mevrouw naar ons toe, waarom wij geen
taxi naar het terracottaleger nemen. De bus doet er maar liefst 40 minuten
over. Beste mevrouw, we hebben meer tijd dan geld, dus wij stappen graag
voor 40 minuten in de bus. Dat begrijpt ze niet! Ze begint weer over
de taxi. Uiteindelijk laat Anouk de binnenkant van haar lege broekzakken
zien en zegt: no money. Nou, dat begrijpen zelfs de Chinezen die zich
inmiddels om ons heen verzameld hebben, want die beginnen ook te lachen.
In de bus ontmoeten we Femke en Jet, twee Nederlandse meiden die via
Moskou met de trein naar Beijing zijn gereisd en nu dus in Xian zitten.
Met zijn vieren gaan we het terracottaleger bezoeken. Pas in de jaren
'70 hebben ze de terracottabeelden bij toeval ontdekt, omdat een paar
boeren een waterput gingen bouwen. De beelden zijn al 2000 jaar oud
maar nog in opvallend goede staat. Het terracottaleger was gebouwd om
de tombe van Qin Shi Huang te beschermen. We gaan eerst de film bekijken,
die tip hadden we gekregen van iemand. Ze hebben een indrukwekkende
panoramafilm gemaakt (Engelse taal) en dat geeft een beter inzicht in
het verhaal achter de terracottasoldaten. Na een paar uurtjes rondkijken
houden we het voor gezien. Het stikt er bovendien van de rode hesjes,
gele petjes en blauwe buttons Chinezen en die zijn op zijn zachts gezegd
niet echt vriendelijk te noemen. Eerst wordt Marcel opzij geduwd als
hij over het balkon hangt, kan gebeuren denkt hij nog. Even later staat
Anouk in het gangpad en wordt ze door een Chinese mevrouw zonder pardon
aan de kant geduwd omdat mevrouw een foto wil maken van haar vriendin.
Toeval, denkt Anouk ook nog. Maar als we later Femke en Jet weer tegen
komen blijken zij ook een paar keer zonder pardon opzij te zijn geduwd
door Chinese toeristen. We zijn al in veel landen geweest en zijn gewend
aan het voordringen bij het postkantoor, het duwen op een boot of bus
maar zoals dit hebben we het nog nooit meegemaakt. Vandaag vinden we
China en de Chinezen even wat minder!
Entree Terracottaleger: 90
yuan pp (incl. museum en film)
Bus: 5 yuan pp (ter vergelijking, een toer kost 280 yuan)
Dag 600: dinsdag
25 oktober (Xian)
Tijd om uit Xian te vertrekken vandaag, we hebben het terracottaleger
gezien, de moslimwijk en andere bezienswaardigheden en verder is er
in Xian niet veel meer te beleven. We besluiten dus vanavond de trein
te pakken naar Lanzhou, om vanuit daar verder te reizen naar Xiahe,
aan de grens met Tibet. Maar voordat het zover is moeten we eerst met
Anouk naar de dokter. Na de griep in Hong Kong en Beijing heeft Anouk
nu al twee dagen last van haar keel en is haar keel ook een beetje opgezet.
We vinden een Chinese hotelmedewerker die Engels spreekt en die gaat
met ons naar de dokter, aan de overkant van de straat. Nou ja, dokter
is misschien een groot woord. Er staat een bed, een bank en een bureau
met daarachter een kastje met medicijnen. We nemen beide plaats op de
bank, de hotelmedewerker, de vrouwelijke Chinese dokter en haar twee
verpleegkundigen komen met zijn vieren om ons heen staan. Anouks probleem
wordt uitgelegd aan de dokter, die pakt Anouk bij haar keel en knijpt
waarop Anouk zo hard gilt dat de man die drie straten verderop Pekingeend
in stukjes staat te hakken, nu ook weet dat Anouk keelpijn heeft. Zo,
dat is duidelijk. Er wordt wat heen en weer gepraat en dan komt het
vertaalwerk: Je hebt antibiotica nodig, wil je een infuus? En terwijl
Marcel van de bank rolt van het lachen, Anouk visioenen ziet van zichzelf
met infuuspaal terwijl ze onder de voeten wordt gelopen door duizenden
Chinezen met rode hesjes, gele petjes en blauwe buttons, zijn de twee
verpleegkundigen met een infuuspaal op en neer aan het rijden om vooral
maar aan ons duidelijk te maken wat de bedoeling is. Ja, ik wil best
antibiotica maar zou ik eerst mogen weten wat ik mankeer?! Anouk blijkt
dus een flinke keelontsteking te hebben. Na nog wat vertaalwerk van
de hotelmedewerker lukt het ons tabletten te krijgen in plaats van een
infuus. Anouk is dus nu in het bezit van een hele vracht medicijnen
voor het luttele bedrag van vijf Euro! 's Avonds stappen we in de trein
richting Lanzhou. Marcel heeft gisteren treinkaartjes gekocht voor de
hardseats in plaats van de hardsleeper, foutje bedankt! Anouk is inmiddels
behoorlijk ziek van de medicijnen (waarschijnlijk een te hoge dosering)
en als we de trein in stappen zinkt de moed ons in de schoenen. We zullen
dus de hele nacht moeten hobbelen op een keiharde stoel tusen rokende
en schreeuwende Chinezen. Normaal zouden we ons hand hier niet voor
omdraaien maar nu Anouk zich zo belabberd voelt besluiten we toch een
upgrade te doen. Dat zou heel makkelijk zijn, melden bij de balie in
de trein en zij kijken dan wat er nog beschikbaar is. Zo eenvoudig gaat
het echter niet als je een hele vracht Chinezen hebt die als motto hebben:
ikke, ikke, ikke en de rest in China kan stikken!! Marcel staat al een
tijdje te wachten, heeft al aangegeven bij de medewerker wat hij wil
en dan blijkt dus even later dat er nummers uitgedeeld worden. Omdat
Marcel dit niet meteen in de gaten heeft dringen er een hele vracht
Chinezen voor en de medewerker is Marcel ook uit het oog verloren. Kortom,
na anderhalf uur wachten heeft Marcel nummer 50 gekregen, terwijl hij
echt als een van de eerste bij de balie stond. Het mogen duidelijk zijn,
alle bedden zijn weg en we zijn genoodzaakt de hele nacht in deze wagon
te blijven zitten. Marcel gaat nog eens met het mannetje praten en dan
blijkt dat ze nog een privekamer hebben met twee bedden, die kost wel
4x zo veel als de stoel die we nu hebben maar Anouk voelt zich zo ziek
dat we besluiten dit toch maar te doen. Marcel betaalt en brengt Anouk
de nieuwe tickets, waarop drie Chinezen voorover buigen om te kijken
wat wij hebben. Mooi niet dus, gauw het ticket in de broekzak stoppen.
Eerst allemaal voordringen en nu allemaal nieuwsgierig naar wat wij
geregeld hebben! Marcel loopt vast naar de volgende wagon en terwijl
Anouk op staat om haar tas te pakken staat er alweer een Chinees te
duwen omdat hij op haar lege stoel wil zitten. Ligt het aan ons of worden
de Chinezen steeds minder leuk!!
Dag 601: woensdag 26 oktober (Xiahe)
Na een heerlijk nachtje slapen in ons eigen kamertje komen aan in Lanzhou.
Daar treffen we een hele aardige Chinese man (ja, ze bestaan nog, ons
vertrouwen in de Chinese mensheid is weer hersteld) die ons helpt een
treinkaartje naar Chengdu te boeken voordat we naar Xiahe verder reizen.
Een treinkaartje kopen in Lanzhou is namelijk nog niet zo eenvoudig.
Normaal doen we dat gewoon op het station maar dat lukt hier niet omdat
je als toerist een of andere vage verzekering af moet sluiten. We moeten
dus naar een reisbureau om een treinkaartje te kopen plus verzekering.
Niet dat je iets kunt met die verzekering, je kunt er niks op claimen.
Het is gewoon weer een extra zakcentje voor de overheid. Het lukt ons
uiteindelijk om met onze nieuw gevonden vriend een treinkaartje te kopen
en hij helpt ons ook nog in de taxi naar het busstation. Bij het busstation
blijkt de rechtstreekse bus naar Xiahe al weg te zijn, dus pakken we
de bus naar Linxia waar we overstappen in een klein busje naar Xiahe.
De weg naar Xiahe is ontzettend slecht, het regent en het is een groot
modderpad. De omgeving is bergachtig en droog, niet echt bijzonder rond
deze tijd van het jaar. We passeren kleine dorpjes vol met moslim chinezen.
Dit is een heel ander China dan we tot nu toe gezien hebben, mijlenver
weg van moderne steden als Hong Kong en Beijing. In Xiahe vinden we
een kamer bij het Overseas Tibetan Hotel. Een leuk hotel met een goed
restaurant. Op de bergen rondom Xiahe ligt sneeuw, het is ijskoud is
buiten en binnen brandt de kachel. We hebben het idee dat we op wintersport
zijn, in China!
Overseas Tibetan Hotel: 120
yuan.
Dag 602:
donderdag 27 oktober (Xiahe)
Xiahe is een geweldig leuk dorp, het bestaat uit een Tibetaans en een
Chinees gedeelte. Het Chinese gedeelte is vooral veel beton en hoogbouw,
het Tibetaanse gedeelte van Xiahe is prachtig. Het lijkt in niks op
China, meer op Tibet. Ze rijden nog met kar en ezel rond, geen verharde
wegen buiten de hoofdweg en de mensen zijn ontzettend vriendelijk en
echte praatjesmakers (al verstaan wij er helemaal niks van). Xiahe heeft
een van de grootste kloosters in China en dit klooster schijnt echt
de moeite waard te zijn, dus gaan we vandaag maar eens kijken. We bereiken
echter nooit het klooster omdat we verdwalen en het is toch echt gewoon
aan het eind van de straat. We wandelen richting het klooster en passeren
een paar monniken in lange rode gewaden. Plotseling begint er iets te
rinkelen onder dat rode gewaad en komt de mobiele telefoon te voorschijn.
De moderne mobiele tijd heeft ook het klooster bereikt, waarschijnlijk
een directe lijn met de Dali Lama. Aan de linkerkant zien we een tempel
waar iedereen naar binnen gaat en nieuwsgierig als we zijn volgen we.
We gebaren naar een aantal monniken in de tempel of we rond mogen kijken
en meteen komen ze op ons afgeholt in hun rode jurk. Wat blijkt, eentje
spreekt er Engels en vraagt ons het hemd van het lijf (ook namens de
rest van de club). We mogen op ons gemak rondkijken en volop foto’s
maken. Als we willen vertrekken tikt er een Tibetaanse vrouw op Marcels
arm en ze wijst naar Marcels fototoestel. Dat is duidelijke taal, mevrouw
wil graag op de foto! Als Marcel een foto wil maken zwaait ze plotseling
‘nee’. Vreemd, ze gaf net toch echt aan dat ze op de foto wilden?! Ondertussen
is ze maar met haar jas bezig en wringt ze zich in allerlei bochten.
Marcel probeert het nog 1x maar weer zwaait ze van nee. Dan maar het
fototoestel opbergen. Maar ook dat is niet goed, wat weer begint ze
hevig te gebaren. Eindelijk hebben we het door, ze is zichzelf aan het
opknappen voor de foto! Ze is 70 jaar, geen voortanden meer in haar
mond maar ze wil als een echte dame op de foto. Het resultaat mag er
uiteindelijk zijn, het is een prachtige foto geworden. We wandelen de
tempel uit en zien dat er aan het eind van de straat een markt is. We
vergeten spontaan het klooster en gaan naar de markt. Bij de markt zien
we alle lokalen een pad ingaan wat achter het klooster loopt. We zijn
helemaal niet nieuwsgierig en lopen snel achter al die mensen aan en
zo belanden we dus in een soort bedevaartstocht. Het is een bonte stoet
van mensen: monniken in rode gewaden, Tibetanen met jassen met veel
te lange mouwen, Tibetaanse vrouwen in traditionele kleding en daaronder
sportschoenen. Wij zijn een beetje vreemde eenden in de bijt, maar ze
vinden het prachtig. Ze willen allemaal op de foto, zijn nieuwsgierig
naar de videocamera en maken allemaal een praatje. Weliswaar praten
ze in hun eigen dialect waarop wij gezellig in het Nederlands terug
kletsen, zij beginnen te lachen om ons grappig taaltje, waarop wij weer
lachen omdat zij lachen en zo hebben we met zijn allen de grootste lol.
Aan het eind van de dag belanden we dan toch in het klooster via een
achterdeur. Nu hebben we wel per ongeluk het ticketoffice omzeilt en
zonder kaartje lopen we rondom het klooster. Meteen komt er een agent
op ons afgeholt, oeps, problemen! Maar nee hoor, hij zwaait met een
fotocamera en wil met ons op de foto. En of we ook met zijn vader op
de foto willen en met een aantal kinderen die los rondlopen. Het wordt
onderhand een hele bruidsrapportage. Erg grappig! Via allerlei paadjes
rondom het klooster wandelen we terug naar ons hotel waar de kachel
al brandt, Xiahe ligt op 2.000 meter boven zeeniveau en het is erg koud.
Dag
603: Vrijdag 28 oktober (Lanzhou)
Vanuit Xiahe is het een helse rit terug naar Lanzhou en aangezien onze
trein morgen om 16.00 uur naar Chengdu vertrekt, durven we het risico
niet te nemen langer in Xiahe te blijven. Jammer, we hadden graag nog
een dag langer rondgekeken hier (en het klooster bezocht). Het hotel
regelt voor ons een speciale trip naar Lanzhou. Of te wel, de hotelbus
rijdt leeg naar Lanzhou om gaste op te halen en wij mogen mee voor 45
yuan (bijna hetzelfde bedrag als het openbaar vervoer). En dat is nu
precies de reden waarom China over een paar jaar een wereldeconomie
is. Omdat elke Chinees geld ruikt, een echte handelaar is en bereidt
is er hard vor te werken! In Lanzhou vinden we een driesterren hotel
voor de prijs van een jeugdhostel. Ons hoor je niet klagen, we laten
het bad vollopen en nemen een lekker warm bad!
Hotel Hualian Binguan:
128 yuan (incl ontbijt)
Dag 604:
Zaterdag 29 oktober (Lanzhou – Chengdu)
De trein gaat om 16.00 uur dus om 12.00 uur checken we uit en gaan we
maar even een paar uur internetten om de tijd te doden. Lanzhou is geen
geweldige stad. Net als veel Chinese steden is het vooral veel beton
en veel getoeter. En van datzelfde getoeter werden we dus vanochtend
om zes uur al wakker! Nog snel even wat eten, waarbij we veel te veel
soep bestellen. Soep in China is namelijk een enorme kom die je met
iedereen deelt en dus niet het kleine kneuterige kommetje soep wat je
in Nederland krijgt. We stappen in de trein naar Chengdu waar in welgeteld
een Engelssprekende Chinees zit. Hij wil natuurlijk zijn Engels oefenen
met ons. Maakt Anouk ook nog de fout door te beginnen over de afvallige
provincie Taiwan, wat wij als een apart land beschouwen. Dat vinden
die Chinezen minder leuk en we krijgen meteen een hoop commentaar. We
zullen onze mening over Tibet maar voor ons houden!
Treinticket Lanzhou
– Chengdu: 270 yuan (hardsleeper)
Dag 605:
Zondag 30 oktober (Chengdu)
Na een treinrit van bijna 20 uur door saai landschap zijn we om 13.00
uur eindelijk in Chengdu. We willen naar Sim’s cosy Guesthouse, een
tip die we gekregen hebben van Han en Christa (www.wereldreis-jordaan.nl).
We hebben echter alleen de naam in het Chinees en de straat kennen de
meeste taxichauffeurs niet. Een aantal vriendelijke Chinese dames willen
Marcel wel uit de brand helpen. Ze spreken redelijk goed Engels en we
leggen ze uit dat we naar een guesthouse willen vlakbij de Wengshu tempel.
Ze vertalen dit voor de taxichauffeur die ons naar de Wengshu tempel
brengt. De chauffeur vraagt even rond en dan blijken we niet ver weg
te zijn. Vijf minuten later staan we voor de deur! We krijgen een mooi
kamertje met tv en dvd-speler dus de rest van de dag rusten we lekker
uit en doen helemaal niks! Even bijkomen van het reizen!
Sim’s Cozy Guesthouse:
120 yuan (staat niet vermeldt in de Lonely Planet, waarom niet is ons
ook een raadsel?). Je kunt eventueel boeken via het internet.
|