|
Genoemde
prijzen zijn in US$ of Zambiaanse Kwacha. 1 Euro is ongeveer 5.000
Kwacha.
Dag 142: zondag 18 juli
(Livingstone)
Vandaag dan eindelijk naar Zambia. Om 09.00 uur steken we de grens tussen
Namibië en Zambia over en na het nodige zoekwerk (het douanekantoor ligt
namelijk niet aan de doorgaande weg, het blijft Afrika) vinden we de
douane. Het loopt allemaal niet zo soepel, ons visum is niet geregeld en
we moeten ook nog een autoverzekering afsluiten en dan kost ons ruim een
uur. Maar gelukkig is Livingstone vanaf de grens niet zo ver meer rijden
en om 15.00 uur komen we aan in Livingstone. We rijden naar Jollyboy's
omdat we daar een reservering hadden en zij zouden ook ons visum voor
Zambia geregeld hebben. Wij dachten in eerste instantie dat onze mail niet
aangekomen was en hebben zelf een visum voor Zambia gekocht aan de grens.
Echter, bij aankomst bij Jollyboy's blijkt dat onze e-mail helemaal niet
in behandeling is genomen. Volgens de jongen achter de balie is dit geen
probleem en kunnen we dit wel oplossen. We zetten onze tent op, blazen de
luchtbedden op en als we net klaar zijn staat hij weer achter ons. De
eigenaresse is terug en volgens hem is er toch een probleem. Volgens haar
moeten we gewoon het visum zelf betalen en kan ze verder niks voor ons
betekenen. Ze is een echte bitch en ze is niet eens bereid op naar een
oplossing te zoeken. De manier waarop ze tekeer gaat tegen ons is niet
normaal en we besluiten onze tent weer op te pakken en een ander hostel te
gaan zoeken. We belanden in Fawlty Towers, Guecko's Guesthouse blijkt niet
meer te bestaan. Fawlty Towers blijkt een veel betere optie dan Jollyboy's
te zijn. Het stikte bij Jollyboy's van de overlanders, het kampeerterrein
was behoorlijk krap en de keuken was zo smerig dat wij verbaasd waren dat
er geen kakkerlakken rondliepen. Achteraf horen we meer negatieve verhalen
over Jollyboy's. Bij Fawlty Towers zitten diverse mensen die een nacht bij
Jollyboy's door gebracht hebben en daarna verkast zijn naar dit hostel.
Nadat we opnieuw de tent opgezet hebben gaan we een poging wagen om geld
te pinnen. Helaas accepteren ze in Zambia alleen Visa card en wij hebben
Mastercard, daar kunnen we dus niet mee pinnen. Terwijl wij bij de
pinautomaat staan gaan twee jongens onze auto wassen. Anouk vraagt maar
liefst 3x of ze daar mee op willen houden omdat we toch geen geld hebben
om ze te betalen maar ze gaan gewoon door, alsof ze doof zijn. Als we
terug lopen naar de auto beginnen ze om geld te zeuren maar plotseling
zijn wij beiden stokdoof. We eten 's avonds in het restaurant bij Fawlty
Towers, Hippo's. Het eten is goed maar je geduld wordt wel op de proef
gesteld, wij moeten maar liefst 1,5 uur wachten op ons eten.
Visum
Zambia: 25 US$
Autoverzekering Zambia: 50 ZAR of N$
Camping Fawlty Towers: 3 US$ pppn
Eten Hippo's: 25.000 Kw
Dag 143: maandag 19 juli (Victoria
Falls)
Omdat we gisteren niet konden pinnen is onze eerste prioriteit vandaag de
bank. Geduld is ook hier een schone zaak. Anouk blijft op de auto passen
terwijl Marcel gewapend met creditcard en paspoort de bank binnen stapt.
Maar gelukkig is Anouk niet alleen. De twee jongens die gisteren al de
auto voor niks hebben staan te wassen komen het vandaag weer een keer
proberen. Anouk vraagt of ze er aub mee op willen houden. Een ding hebben
we al geleerd in Afrika, je kunt beter gewoon nee zeggen zonder opgaaf van
reden. Als je namelijk tegen ze begint te praten blijven ze zeuren en
bedelen. De autowassers blijven bedelen en als Anouk uiteindelijk: Fuck
off!! roept tegen ze, gaan ze weg. Onnodig misschien om te zeggen maar de
rest van ons verblijf in Livingstone hebben ze ons niet meer lastig
gevallen. Marcel heeft inmiddels kans gezien (na anderhalf uur wachten) om
zijn paspoort en creditcard in te leveren bij de balie. Nu moeten ze nog
even naar Zuid-Afrika bellen om het een en ander te controleren en dan kan
Marcel zijn geld ophalen. Marcel besluit even naar de auto terug te lopen
om een sigaret te roken en al snel krijgen we weer gezelschap. Dit keer
een zwerver die eens op zijn gemak gaat kijken wat er allemaal in de auto
ligt. Omdat we niet zeker weten of hij iets van plan is met de auto of
gewoon nieuwsgierig is, blijven we hem gewoon vijf minuten aanstaren met
zijn tweetjes. Na vijf minuten voelt hij zich toch niet helemaal op zijn
gemak en druipt af. Marcel keert terug naar de bank waar hij nog even mag
wachten (ruim een uur) op zijn geld en we besluiten meteen maar door te
rijden naar de Victoria Falls. Daar voor zijn we tenslotte naar
Livingstone gekomen. Helaas is het regenseizoen net voorbij en staat het
water erg hoog. Door de hoge waterstand ontstaat er veel nevel waardoor de
watervallen zelf bijna niet te zien zijn. Sommige uitkijkposten zijn door
de nevel glad geworden en niet bereikbaar. Na een uurtje rondgekeken te
hebben bij de watervallen kopen we buiten de poort nog wat souvenirs. We
krijgen ze na flink afdingen voor een fractie van de vraagprijs, van
150.000 naar 30.000 Kw (1/5 deel voor de snelle rekenaars). We rijden
terug naar Livingstone waar we bij Bundu Adventures een raftingtrip voor
morgen boeken. Omdat we rechtstreeks bij hen boeken betalen we 85 US$ ipv
de gebruikelijke 95 US$.
Tip:
Later horen we via via dat de hostels 25 $ commissie krijgen op elke
raftingtrip die via het hostel geboekt wordt. Je bent dus beter af als je
zelf via Bundu Adventures of Extreme (andere raftingcompany) boekt.
Entree Vic Falls (Zambia): 10 US$ (het is mogelijk te betalen in Kwacha
maar dan berekenen ze een hele slechte koers).
Dag 144: dinsdag 20 juli (Raften Zambezi)
Helaas is het ook het verkeerde seizoen om te gaan raften, vanwege het
hoge water beginnen we bij Rapid 10 en gaan we door tot Rapid 25. Normaal
begin je bij Rapid 1 maar vanwege het hoge water is dat nu dus niet
mogelijk. Om 08.00 uur worden we opgehaald en we rijden naar de Zambezi
river, waar de Vic Falls in uitkomen. We moeten eerst bijna 400 meter naar
beneden klimmen, de canyon in. Deze klim naar beneden is niet echt leuk te
noemen, het duurt bijna een uur voordat we beneden zijn. Sommige stukken
zijn behoorlijk steil. De dragers die alle spullen naar beneden sjouwen
doen dit in ongeveer zes minuten, dus oefening baart kunst! We krijgen een
wetsuit en een windjack aan, geen overbodige luxe want het water is
ijskoud. De eerste rapid gaat goed, we komen er doorheen zonder te
flippen. Al heeft een van de vrouwen in de raft een bloedneus en een ander
bezeert haar rug. Anouk heeft het er ook heelhuids vanaf gebracht al kon
ze het niet nalaten om snel nog even over de rand te kijken terwijl we
onderin de boot moesten gaan liggen. Een enorme golf water en een nat pak
is het enige wat Anouk er aan overhoudt. Er volgen nog een paar heftige
rapids maar we komen goed weg, zonder te flippen. Tussen de rapids door is
het water behoorlijk rustig en we zien zelfs kans om een sigaret te roken
in de boot. En ondertussen genieten van het uitzicht, want dat is
prachtig. De canyon steekt 400 meter boven ons uit en is supergroen nu,
net na het regenseizoen. Na rapid 21 stoppen we bij een strandje voor een
rustpauze en we vervolgen ons weg naar rapid 25, de laatste rapid. We
komen zonder kleerscheuren en zonder te flippen door alle rapids heen en
dan begint de klim naar boven weer. Er wordt hier wel een kabelbaan naar
boven gebouwd voor de toeristen maar die is pas volgende maand klaar (in
Afrika is dat dus volgend jaar). Boven krijgen we een lunch en een koud
pilsje aangeboden voordat we weer in de auto stappen richting Livingstone.
Terug in het hostel koken we ons eigen potje eten en we besluiten even
naar het internetcafé te wandelen. Daar aangekomen krijgt Marcel steeds
meer last van zijn voet en die begint ook behoorlijk op te zwellen.
Gelukkig zit er twee deuren verder een ziekenhuis dus we gaan daar maar
even voor de zekerheid langs. Er blijkt een zwelling rondom Marcels
enkelspier te zitten die zeer doet. De dokter geeft Marcel medicijnen mee
en wil ook nog een spuit zetten. Een spuit in Afrika, nee dank je! Ons
Menneke heeft ook ineens veel minder pijn als de dokter over die spuit
begint..... We besluiten alleen de medicijnen mee te nemen maar als we
terug zijn in het hostel ontmoeten we een Nederlandse die wel verstand
heeft van medicijnen. Ze valt steil achterover als ze ziet wat Marcel mee
heeft gekregen, dit soort medicijnen krijg je in Nederland voorgeschreven
als je een zware operatie hebt ondergaan, maar hier worden ze uitgedeeld
als snoepjes. Die medicijnen slikken we dus ook maar niet meer.
Raften Zambezi: 85 US$ per persoon (rechtstreeks geboekt bij Bundu)
Dag 145: woensdag 21 juli (Lusaka)
We gaan op weg naar Lusaka, de hoofdstad van Zambia. We moeten hier ons
visum voor Tanzania regelen en nieuwe schokbrekers laten plaatsen. Maar
eerst hebben we onderweg nog een paar hindernissen. Tien kilometer buiten
Livingstone staat een politiecontrole. In Zambia is het verplicht om
gevarendriehoeken bij je te hebben maar voor die twee weken dat wij in
Zambia zijn denken wij daar wel onderuit te komen. De agent vraagt of wij
driehoeken hebben en wij kijken elkaar aan alsof we niet weten wat
driehoeken zijn. Hij begint een heel verhaal op te hangen dat die
verplicht zijn bij de wet, dat je een boete krijgt als je ze niet hebt,
etc. Ondertussen komen er mensen zonder uniform bij staan die ons
rijbewijs willen zien. Omdat we de zaak niet vertrouwen vragen we hem om
een identiteitsbewijs en het enige wat hij ons kan tonen is een pas met
daarop het woord Identity, geen naam, geen nummer, geen foto. Daar trappen
we dus niet in vriend en we roepen de agent in uniform terug. Volgens hem
zijn die mensen van de douane en hij ziet weer kans over die boete te
beginnen. Anouk is het gezeur beu en legt de man uit dat zij voor de
overheid werkt en dat haar diplomatiek paspoort gestolen is en dat we
vandaag nog naar Lusaka moeten om een nieuw paspoort op te halen. Hij
gelooft de smoes niet helemaal maar wil er niet verder over discussiëren
en geeft onze paspoorten terug met de opmerking: Lady, if you can keep
this story up all the way to Lusaka, it's fine by me. Have a nice day!
Maar het is ons vandaag niet gegund want nog geen tien kilometer verder
ziet Marcel een verkeersdrempel over het hoofd. Niet zo moeilijk om die
dingen hier over het hoofd te zien want er staat geen bord bij en ze
worden ook niet met een aparte kleur aangegeven op het wegdek. Gevolg is
wel dat onze linker schokbreker, die al gebroken en gelast was, nu echt
helemaal doormidden breekt. Twee locals helpen ons de schokbreker er
onderuit te halen en met maar een schokbreker in de auto rijden we
langzaam richting Lusaka, waar we rond 17.00 uur aankomen. Lusaka is een
grote mierenhoop, het krioelt hier van de mensen en auto's en alles loopt
en rijdt door mekaar. Er lijkt geen structuur in deze chaos te zitten. We
rijden naar Chachacha Backpackers en zetten onze tent op in de tuin.
Terwijl we de tent opzetten komt Marcel al bekende tegen, de Kiwi in de
tent naast ons kent Marcel nog van de bank in Livingstone. Drie uur
wachten bij de bank op je geld schept nou eenmaal een band!
Camping Chachacha Backpackers: 3,5 US$ pppn
Dag 146: donderdag 22 juli (Lusaka)
Vandaag hebben we veel te regelen, nieuwe schokbrekers en een visum voor
Tanzania. Alles heeft zijn tijd nodig in Afrika dus we trekken er heel de
dag voor uit. We brengen ons paspoort naar de Tanziaanse ambassade samen
met 50 US$ en we kunnen ons paspoort vanmiddag tussen 14.00 en 15.00 uur
alweer ophalen. Dat is nog eens snel, en dat voor Afrika. We rijden door
naar een garagebedrijf om de autoruit te laten repareren, daar hebben we
namelijk een steen tegenaan gekregen en die ruit moet gerepareerd worden
voordat hij verder gaat scheuren. In eerste instantie vragen ze 100.000 Kw
maar na wat onderhandelen krijgen we het voor 75.000 Kw. Zelfs over dit
soort dingen moet je hier onderhandelen. We rijden terug naar het hostel
en doen even onze was. Over een uur kunnen we namelijk onze visum ophalen
en in die tijd heb je hier geen nieuwe schokbrekers. Om 14.00 uur dus weer
richting de Tanziaanse ambassade waar ons paspoort keurig klaar ligt.
Onderweg passeren we het gebouw van de Verenigde Naties, een parkeerplaats
vol met gloednieuwe Jeep Cherokees. Ons volgende doel zijn de
schokbrekers. Bij de garage hebben ze geen Opel schokbrekers op voorraad,
maar wel BMW schokbrekers. Ze proberen die in de auto te wringen en Marcel
zegt herhaaldelijk dat deze niet passen. Maar ze gaan gewoon door totdat
wij de baas erbij halen. Als die zegt dat ze niet passen houden ze
eindelijk op. We rijden terug naar het hostel, dit keer helemaal zonder
schokbrekers. Maar het lukt, met 20 km per uur. Morgen weer een poging.
Visum Tanzania: 50 US$ pp
Dag 147: vrijdag 23 juli (Lusaka)
Om 09.30 uur melden we ons weer bij de garage. Mr Gary, de baas van de
werkplaats, herkent ons meteen en groet ons. Vervolgens is hij een half
uur spoorloos verdwenen en niemand kan ons vertellen waar hij naar toe is.
Als hij terugkomt blijkt hij naar de winkel te zijn geweest. Ze hebben de
schokbrekers op voorraad en wij kunnen ze daar gaan kopen. Zucht, had dat
dan meteen gezegd, dan hadden we mee kunnen gaan! Het blijft Afrika (dit
zeggen we gemiddeld wel 5x per dag tegen elkaar). We gaan nieuwe
schokbrekers kopen, de garage plaatst ze in de auto en anderhalf uur later
zijn we terug in het hostel. Rodney en Emily, in de tent naast ons, willen
naar Manda Hill, de shopping mall in Lusaka. We besluiten met zijn vieren
te gaan om weer eens wat Westerse beschaving op te snuiven. Wij laten een
reservesleutel voor de auto maken maar ook dat is weer een moeilijk
verhaal. Die sleutel kan pas morgen om 10.00 uur klaar zijn. Uiteindelijk
blijkt dat ze geen plastic hoesje hebben voor over de sleutel en dat die
morgen pas binnen komen. Nou, dan maar een sleutel zonder plastic. Als de
sleutel klaar is zegt Anouk dat ze de sleutel goedkoper wil, er zit nu
namelijk geen plastic kapje op. Hij gaat akkoord met een prijs van 40.000
Kw en steekt het geld meteen in zijn eigen broekzak. We halen met zijn
vieren vlees bij de supermarkt voor de barbeque vanavond en proberen terug
te rijden naar het hostel. Dat valt nog niet mee, Marcel zet zijn
knipperlicht uit om naar de linkerbaan te gaan maar niemand laat ons voor.
Pas als we ons raam opendraaien en ons arm uit het linkerraam steken mogen
we er tussen. De verkeersregels in Afrika zijn toch iets anders als thuis.
We vervolgen ons weg naar het hostel, luid toeterend, midden op straat
stoppen om rechts af te slaan en ondertussen maar met ons handen uit het
raam hangen.
Dag
148: zaterdag 24 juli (Chipata)
Om 09.00 uur vertrekken we naar Chipata, een tussenstop op weg naar South
Lungwa National Park. We laten de groep overlanders (die heel de dag
praten over waar ze die dag naar toe zullen gaan en vervolgens nergens
komen) en het Peace Corps (die 4.000 dollar sparen om hier in de townships
huizen te gaan bouwen terwijl de lokale bevolking werkloos onder een boom
zit toe te kijken) in Lusaka achter ons. De omgeving is schitterend, groen
en heuvelachtig. We stoppen regelmatig om van het uitzicht en van de
stilte te genieten. Onderweg zwaait iedereen naar die twee Mzunga's
(letterlijke vertaling: wit persoon). Kinderen gebruiken fietsvelgen als
hoepels en iedereen loopt weer midden op de weg. We weten nu ook waarom,
op die manier worden hun schoenen niet stoffig. Maakt geen verschil want
zodra ze het dorp inlopen waar ze wonen is de weg weer onverhard. Om 17.00
uur komen we aan in Chipata waar we overnachten bij Chachacha Backpackers
(inderdaad, zelfde eigenaar als in Lusaka). Als Anouk 's avonds in de
keuken eten staat te koken raakt ze aan de praat met een Nederlands stel
dat ook op wereldreis is. Zodra ze Marcel de keuken in zien komen beginnen
ze te lachen. Ze kennen elkaar al.........van de bank in Livingstone!
Camping Chachacha Backpackers: 3 US$ pppn
Dag 149: zondag 25 juli
(South Luangwa)
Voordat we naar het National Park vertrekken wisselen we geld op de zwarte
markt. Ze proberen ons te belazeren maar ze hebben niet op Anouk gerekend.
We willen 20 dollar wisselen voor 96.000 Kw. Hij wil minder geven maar
uiteindelijk worden we het eens en hij geeft keurig 96.000 kw aan ons. Als
hij vervolgens het dollarbiljet ziet wil hij dit niet accepteren omdat het
gescheurd is. Wij hebben hier voorheen nooit problemen mee gehad in Afrika
dus dit lijkt ons stug. Hij probeert ons heel de tijd over te halen ons
portemonnee te pakken om meer te wisselen of een ander dollarbiljet te
pakken, maar daar trappen we niet in. Anouk besluit het geld terug te
geven en ergens anders te gaan wisselen. Hij pakt de Kwacha's terug en wil
ineens wel wisselen. Hij geeft het geld terug en wordt ineens heel
zenuwachtig. Geef me die dollars, geef me die dollars. Even wachten
vriend, dit gaan we dus nog een keer natellen. Ons vermoeden klopt, hij
heeft ons 20.000 kw te weinig gegeven. Hij gooit ze in de auto en wij
tellen nog eens alles na voordat we hem 20 dollar overhandigen. Kwaad
loopt hij weg. Het is ook altijd iets met die lui, je kunt ze nooit
helemaal vertrouwen. We rijden naar South Luangwa, ongeveer op 130 km
afstand van Chipata. Dit zouden we dus in twee uur kunnen rijden. Maar,
surprise, de eerste twee km is verhard, de rest van de weg is een complete
puinhoop. We doen er zes uur over om bij South Luangwa te geraken.
Onderweg zwaait iedereen vriendelijk naar ons en vervolgens steken ze hun
hand uit voor eten en geld. Hallo zeg, we zijn niet van het World Food
Program. Rijden we soms een gloednieuwe landrover of zo? Om 16.00 uur
arriveren we bij camping Flatdogs, deze camping ligt direct aan het park
en direct aan de rivier waar de olifanten oversteken en de nijlpaarden
rondzwemmen. Op de camping zelf zitten heel veel apen, die stiekem je eten
weghalen als je even niet oplet. We informeren nog even naar de slechte
toestand van de weg, maar volgens de locals komt dat door het
regenseizoen. Het regenseizoen, dat is toch al twee maanden geleden?! We
zeggen het nog 1x: het blijft Afrika! Na het avondeten duiken we vroeg ons
bed in want we zijn beide behoorlijk moe van al dat reizen. We hebben
speciaal voor deze camping gekozen omdat je 's nachts de beesten zou
kunnen horen. Maar Anouk valt als een blok in slaap en slaapt overal
doorheen. Marcel ligt 's nachts een uur wakker van de nijlpaarden die rond
de tent struinen.
Camping Flatdogs: 5 US$ pppn
Dag 150: maandag 26 juli (South Luangwa)
Het entreeticket voor het park is 24 uur geldig en we besluiten pas om
12.00 uur naar het park te gaan. Op die manier hebben we een middag en een
ochtenddrive. We slapen 's ochtends eerst uit en om 12.00 uur rijden we
het park in. Bij de entree zien ze ons in een 2WD stappen en niemand zegt
iets. Wij gaan er dus vanuit dat we overal in het park kunnen komen met
deze auto. Meteen vooraan zien we een leeuwin met jong maar als ze ons
ziet wandelt ze weg. We rijden een heel eind het park in maar de weg is
ontzettend slecht. We moeten door een rivierbedding die droog staat maar
het zand ligt zo hoog (door de sporen van de jeeps) dat Marcel uit moet
stappen om het zand met een lat opzij te schuiven. We zien onderweg geen
dieren meer, die zijn allemaal met hun middagdutje bezig. Tegen vier uur
komen we een parkranger tegen die met een kapotte auto midden op de weg
staat. Wij leggen uit dat we een rondje willen rijden maar volgens hen is
dat onmogelijk. De wegen zijn niet geprepareerd en zelfs met een jeep doe
je er drie dagen over. We moeten omdraaien om weer naar de ingang terug te
kunnen keren. De ranger zal voor ons de ingang waarschuwen dat wij
waarschijnlijk zes uur (zonsondergang) niet halen. We rijden terug door de
rivierbedding, zonder problemen dit keer. Onderweg zien we buffalo's en
diverse olifanten. We belanden weer op de hoofdweg maar er staat geen bord
voor de gate. Bang om in het donker de weg kwijt te raken besluiten we een
zijpad te kiezen dat langs de rivier loopt. Niet slim, want na tien
kilometer rijden zien we in het donker iets bewegen, een kudde olifanten
midden op de weg. We volgen ze maar ze gaan niet van de weg af en we
moeten omdraaien. Het is echt donker inmiddels en we zien geen hand voor
ogen. We belanden weer op de hoofdweg en in de verte zien we al de
zoeklichten van de nachtsafari. Tegen zevenen zijn we weer bij de gate
waar ze al van onze vertraging op de hoogte zijn. We keren terug naar de
camping en om van de schrik te bekomen duiken we maar de bar in. We koken
's avonds ons eigen eten en duiken vroeg onze tent in. Morgen willen een
ochtenddrive gaan maken. 's Nachts maakt Marcel Anouk wakker, er lopen
weer nijlpaarden rondom onze tent.
Entree South Luangwa: 20 US$ (te betalen in cash of travelers cheque)
Auto South Luangwa: 15 US$
Dag 151: dinsdag 27 juli (South Luangwa)
Om 06.00 uur staan we buiten onze tent en er is commotie op de camping. Er
loopt namelijk een olifant rond om de vuilnisbakken te legen. Hij staat op
ongeveer 15 meter afstand van ons. Als hij niks eetbaars kan vinden
vertrekt hij weer. We rijden het park in en zien de leeuwen langs de kant
van de weg liggen. Ze slapen nog en hebben geen zin om op te staan. Verder
zien we vandaag weinig, het is ook veel te heet. In het meertje zien we
nog een aantal nijlpaarden en als we besluiten terug te rijden naar de
camping staat er een mannetjesleeuw bij de waterplaats te drinken. Heel
bijzonder, want later komen de gidsen van de nachtsafari ons vragen waar
we de leeuw gezien hebben, hij laat zich namelijk niet zo vaak zien. De
rest van de dag doen we het rustig aan, de camping heeft een heerlijk
zwembad. De apen op de camping vermaken zich overigens ook prima. Ze
gebruiken een van de koepeltentjes hier als trampoline. We koken ons eigen
potje eten 's avonds en moeten razendsnel alles afwassen. De olifant is
namelijk terug, op zoek naar meer eten. Het koken was ook al geen feest,
Marcel ziet namelijk iets bewegen op drie meter afstand van onze tent. We
halen er een van de wachten bij en het blijkt een Black Mamba te zijn die
daar zijn hol heeft.
Dag
152: woensdag 28 juli (Kasungu)
We worden vandaag vroeg gewekt, de apen hebben onze tent ontdekt en zijn
daarmee aan het spelen. Om half negen verlaten we de camping, we willen de
komende dagen proberen naar het noorden van Tanzania te rijden om daarna
op ons gemak naar het zuiden af te zaken. Daarom rijden we vandaag vanuit
Zambia naar Malawi en dan meteen door naar Tanzania. Dit keer gaat de weg
naar Chipata iets gemakkelijker, 130 km in drie uur tijd, een record! Via
Chipata rijden we naar de grens met Malawi waar we om 14.00 uur aankomen.
De afhandeling bij de douane gaat snel en ze vragen voor het eerst in vijf
maanden naar ons medisch paspoort. We rijden nog twee uurtjes door Malawi
naar Kasungu en daar overnachten we omdat we voorlopig geen grote plaats
meer tegenkomen. Marcel probeert nog wat geld te wisselen bij de bank maar
die is dicht, we zijn een minuut te laat! We nemen een kamer in Kasungu
Lodge en duiken daar 's avonds even de bar in. Hier blijkt meteen de
gastvrijheid van de Malawische bevolking. Iedereen komt een praatje maken
en een van hen koopt zelfs twee sigaretten voor ons. Hij kan ons geen
biertje aanbieden omdat hij niet zoveel geld heeft dus biedt hij maar
sigaretten aan.
Kasungu Lodge: 700 Mkw (110 Mkw = 1 US$)
Zambia in
het kort!
| Hoogtepunt |
South
Luangwa National Park en
vooral de
camping Flatdogs.
|
| Dieptepunt
|
De
schokbrekers van de auto.
|
| Internet
|
25.000
kw per uur, niet overal beschikbaar.
|
| Telefoon
|
Duur,
het is goedkoper om een simkaart te kopen voor je eigen mobiel
toestel dan via een telefoonwinkel te bellen.
|
| Hotel/Camping
|
3
– 3,5 $ pppn (bij de parken is het iets duurder)
|
| Coca
Cola
|
3.000
– 4.000 kw
|
| Bier
|
6.000
kw
|
| Taxi
|
Eigen
vervoer, geen taxi gebruikt.
|
| Bankzaken
|
Pinnen
is alleen mogelijk met Visa Card. Met Mastercard kun je wel geld
ophalen maar dat heeft ons wel drie uur gekost bij de bank.
Contant dollars wisselen is makkelijker en beter. Wel even de
koersen bij de bank en de diverse wisselkantoren checken, die
willen nog wel eens verschillen. Het is niet mogelijk om met je
creditcard dollars op te nemen bij de bank. In dat geval moet je
eerst kwacha opnemen en die vervolgens bij een Bureau de Change
wisselen. Met travellercheques kun je de entrée van de parken
betalen.
|
| Eten
|
Wij
hebben zelf gekookt maar in de lokale restaurants kun je goed en
goedkoop eten.
|
| Benzine
|
4.500
kw per liter
|
| Algemeen
|
Zambia
is een geweldig mooi land, erg groen. De mensen zijn vriendelijk
en behulpzaam. We hebben maar een paar plaatsen bezocht in Zambia,
meden vanwege het feit dat de wegen niet overal even goed zijn en
wij met onze 2WD niet overal konden komen.
|
|