Reisverslag februari: Noord-India

Delhi, Jaipur, Bikaner, Jaisalmer, Jodhpur

Op dit moment is een Euro ongeveer 56 rupees.

Dag 345 : Zaterdag 5 februari (Amsterdam)
Na de tsunami hebben we toch besloten onze reis voort te zetten en vertrekken we vandaag weer richting Schiphol (het begint voortaan een gewoonte te worden). Zonder noemenswaardige problemen bereiken we Schiphol, al maakt Marcel nog wel even een omweg via lang parkeren. We hebben een e-ticket en moeten via een pilaar inchecken, helemaal nieuw voor ons en we staan er dan ook als twee analfabeten bij. We drinken nog even met de familie koffie voordat we richting de gate vertrekken voor onze vlucht naar Londen. Keurig om 17.00 uur stappen we in en na twee uur wachten op Londen Heathrow stappen we over in een toestel van Gulf Air naar Muscat, Oman. Het toestel van Gulf Air is stukken beter dan dat van KLM, we hebben meer beenruimte dan bij welke andere luchtvaartmaatschappij dan ook, twee stoelen bij het raam dus we hoeven over niemand heen te klimmen als we naar de wc willen en we zitten nog niet eens business class. Superrelaxed dus!

Dag 346: Zondag 6 februari (Delhi)
We hebben in Muscat een overstaptijd van maar liefst vier uur maar nu heeft onze vlucht ook nog eens twee uur vertraging. In totaal moeten we dus zes uur wachten in Oman en er is op de luchthaven echt helemaal niks te beleven. Vooral veel IndiŽrs op het vliegveld en nauwelijks theedoeken te bekennen zoals tijdens onze vorige overstap in het Midden-Oosten. De IndiŽrs werken vaak hier in het Midden-Oosten, ze doen hier de smerigste baantjes en vertrekken na een paar jaar weer terug naar India. Ze verdienen hier meer dan ze in hun eigen land zouden verdienen. Om 19.00 uur plaatselijke tijd komen we eindelijk aan in Delhi. Er zijn drie kantoren die prepaid taxiís verzorgen en zoals altijd pakken wij het kantoor waar men het minst hard schreeuwt. We moeten de verkoper nog wel even wakker schudden en ondertussen schiet er een muis uit zijn typemachine, welkom in India! De taxi brengt ons naar de Main Bazaar in Delhi, vlakbij het New Delhi treinstation. Het gebied is te vergelijken met Koh San Road, alles voor de backpacker is aanwezig, internetcafeís, hotels en vooral veel winkels. Maar het heeft nog wel een zekere charme gehouden, hier wonen ook nog steeds mensen en ook de lokale bevolking komt hier gewoon zijn boodschappen halen. Voor de eerste nacht in Delhi overnachten we in hotel Sai Palace. Het hotel van onze keuze was vol dus brengen ze ons voor een nacht ergens anders onder.

Airport taxi: 220 rs (incl. bagage)
Hotel Sai Palace: 300 rs (erg basic, geen aanrader)

Dag 347: Maandag 7 februari (Delhi)
Om 10.00 uur wisselen we van hotel, we hebben nu een kamer in hotel Starview, een veel betere keus dan het hotel wat we afgelopen nacht hadden. Door de Tsunami zijn wij al onze bagage kwijt geraakt maar we hebben besloten niet alles in Nederland te vervangen, een hoop dingen zijn namelijk ook hier in India te koop en vaak veel goedkoper dan in Nederland. We begeven ons dus naar Connaught Place, het winkelgebied van Delhi. Helaas is Delhi op dit moment een grote bouwput vanwege de aanleg van de metro. Het metrosysteem is in 2010 klaar maar dat zal wel langer gaan duren, alles in India heeft zijn tijd nodig. We kopen nieuwe contactlenzen en een nieuwe zonnebril voor Marcel. Als we terugkeren naar ons hotel besluiten we een keer door de Main Bazaar te wandelen. Het is maar een vies straatje maar alles is makkelijk bij de hand, dus voor ons ideaal. Er zijn alleen geen echte uitgaansgelegenheden zoals je die bijvoorbeeld in Thailand vind, eigenlijk hebben we die tot op heden nergens in India gevonden. 23.00 uur is het maximum en dan wordt de tent gesloten. Bier is wel verkrijgbaar maar wordt vaak onder de tafel gezet zodat het uit het zicht staat. Het barst in de straat ook van de (heilige) koeien en regelmatig hebben we een bijna frontale botsing. Het weer werkt ook niet mee, het regent pijpenstelen en regelmatig staan we tot ons enkels in de drek. Noord-India is echt veel smeriger dan Zuid-India.

Starview Hotel: 400 rs (een aanrader, nette kamer, vriendelijk personeel)
Riksja: 40 rs maar wel stevig onderhandelen.
Voor het eten zijn we in Delhi ongeveer 100 rs pp kwijt, nog geen 2 Euro dus.

Dag 348: Dinsdag 8 februari (Delhi)
Na het shoppen van gisteren is het vandaag tijd voor wat culturele bezigheden, we kunnen tenslotte niet elke dag gaan shoppen (al is het wel spotgoedkoop hier). We vertrekken naar het Rode Fort in Delhi waar weer ontelbaar veel mensen op ons staan te wachten en ons proberen te overtuigen dat wij een gids nodig hebben. Onze ervaring leert ons dat negen van de tien gidsen niet meer kunnen vertellen dan wij zelf kunnen zien, dus wij lopen lekker eigenwijs zelf het gebouw binnen. Het Rode Fort is gebouwd in 1648 door Shah Jahan. Het is best een indrukwekkend gebouw en ook goed onderhouden, dat is op zich al een meevaller want vaak zie je de prachtigste gebouwen die zo slecht onderhouden zijn dat het niet leuk is om er in rond te dwalen. Vanuit het fort besluiten we een fietstaxi te pakken naar de Jama Masjid Moskee te pakken. Het is op loopafstand maar aangezien we met dure cameraspullen niet door deze wijk willen slenteren besluiten we een fietstaxi te nemen. Natuurlijk flink onderhandelen en uiteindelijk wil het kleinste en magerste mannetje ons wel voor 15 rs wegbrengen. De weg loopt een beetje omhoog en achterin twee van die zwaargewichten, hij moet zich te pletter werken voor zijn geld. Uiteindelijk vinden we het zo sneu voor hem dat we hem40 rs geven waarbij hij ons vreemd aankijkt. Eerst afdingen en dan 3x zo veel betalen, geen wonder dat ze hier niks van die toeristen snappen. De Jama Masjid Moskee is door dezelfde Shah Jahan gebouwd (degene die ook het fort gebouwd heeft). Het is opnieuw een indrukwekkend gebouw, destijds wisten ze wel hoe ze iets moesten maken, of had het meer te maken met de slavenarbeid? Op de binnenplaats van de moskee kunnen wel 25.000 mensen staan. Als we naar buiten lopen worden we Ďbetraptí. Ze vragen hier namelijk belachelijk veel geld voor foto- en videocameraís dus de halve tijd zeggen we gewoon dat we niks bij hebben. Er komt een IndiŽr naar ons toe die maar liefst 300 rs (= 6 Euro) wil vangen voor het gebruik van een fotocamera. Daar trappen we dus niet in, we zeggen dat we een ticket hebben gekocht en doen net of we het kwijt zijn. Vervolgens gaan we met zijn tweetjes ruzie staan te maken wie nu eigenlijk het ticket heeft. Dit tot grote hilariteit van de Indiase bevolking want die gaat massaal staan te kijken. De IndiŽr geeft het maar op en loopt weg, op zoek naar een nieuw slachtoffer. Wij maken dat we snel weg komen hier! 

Entree Red Fort: 100 rs pp

Dag 349: Woensdag 9 februari (Delhi)
Vandaag slapen we lang uit want Anouk voelt zich ziek. Ze heeft last van een flinke verkoudheid en zit tegen een griep aan. Tel daarbij op de duizenden uitlaatgassen van een stad als Delhi, dat is natuurlijk ook niet echt bevorderlijk. Ďs Middags maken we een tour door New Delhi. Het verschil met Old Delhi valt meteen op. De straten zijn breder opgezet, het is een stuk schoner en er zijn zelfs parken. Maar tegelijkertijd is het ook een stuk saaier dan Old Delhi, waar op elke straathoek wel iets te beleven valt en waar je van de ene verbazing in de andere valt. Onze eerste stop is het Indira Gandhi museum (inderdaad, dochter van de wereldberoemde Gandhi). Ze is een tijdlang president geweest in India en was mateloos populair, maar in 1984 is ze vermoord door haar eigen lijfwachten. Het museum is behoorlijk indrukwekkend vooral omdat Indira zelf altijd gevoeld heeft dat ze niet lang zou leven en dit ook in vele brieven en dagboeken heeft geschreven. We bezoeken nog wat andere monumenten in New Delhi o.a. de India Gate en de parlementsgebouwen. Natuurlijk brengt onze chauffeur ons weer naar een van de commissiewinkeltjes waar Anouk heel de boel weer even op zijn kop zet. Alle sjaaltjes uit het rek halen, alle beelden verplaatsen en als de puinhoop groot genoeg is weer vertrekken. Als we instappen bij de riksja chauffeur wil hij weten of we nog iets gekocht hebben. Och nee, we hebben een mooi beeldje gezien voor 10.000 rs (waar hij dus een percentage commissie van krijgt) maar we gaan morgen wel even op ons gemak terug. Die chauffeur ligt dus de komende dagen constant voor ons hotel. De oplichter opgelicht! Na afloop geven we 250 rs (voor een afstand van zoín 50 km lijkt ons dat ruim voldoende) maar hij vind het weer eens niet genoeg. Die Indiers zijn ook nooit tevreden. 

Dag 350: Donderdag 10 februari (Delhi)
We slapen weer uit want Anouk voelt zich nog steeds ziek en is nog steeds flink aan het snotteren en aan het hoesten. We lassen dus even een rustdag in waarin we niet veel doen. We gaan naar Connaught Place om nog wat boodschappen te halen zoals medicijnen maar zijn al snel weer weg. Het stikt er van de bedelaars en de touts en vandaag is dat even allemaal te veel. We wandelen naar het treinstation waar we een kaartje kopen voor de trein naar Jaipur. Dit gaat ook niet zonder slag of stoot want buiten het station stikt het van de touts die ons naar een toeristenbureau willen loodsen om daar een veel duurder treinkaartje te kopen. Uiteindelijk belanden we in het treinstation op een kantoortje waar de kaartjes voor toeristen worden verkocht. Er zitten twee mensen achter een bureau kaartjes te verkopen, een bureau verderop zitten twee dames mooi te wezen en er zit ook nog een supervisor met zijn voeten op het bureau. Het is maar goed dat arbeid niet duur is in India. We worden op een aantal banken en stoelen neergezet die in een u-vorm staan en elke keer als er iemand aan de beurt is staan alle toeristen gelijk op en kunnen we weer een of twee stoelen doorschuiven. Grappig systeem en maar goed dat wij zoín volgzame types zijn, bij die IndiŽrs zou het niet werken. Alles wordt ook dubbel genoteerd hier in India. Onze namen worden in de computer gezet op een soort passagierslijst maar ook wordt het nog eens apart in een boek genoteerd. Achter het bureau liggen duizenden van deze boeken waar waarschijnlijk geen hond meer naar kijkt, maar wat maakt het uit. Het houdt het personeel lekker van de straat. Ďs Avonds komen we Toon en Talitha tegen van www.papelard.nl. We gaan met zijn vieren een biertje drinken met servetten om het glas dat men maar vooral niet ziet dat wij aan het bier zitten.

Treinticket Jaipur: 350 rs 

Dag 351: Vrijdag 11 februari (Jaipur)
Om 15.00 uur vertrekt de trein naar Jaipur, er is ook een trein Ďs ochtends maar die is maar liefst 3x zo duur. We kiezen dus voor de goedkope opties en komen dus pas Ďs avonds in Jaipur aan. Het wordt een gezellige maar lange treinrit want we hebben weer eens onnoemelijke vertragingen onderweg en komen dus pas twee uur later op onze reisbestemming aan. Alle buitenlanders worden vaak bij elkaar gezet op een bank dus we zitten gezellig tussen de Japanners en een Amerikaan. Hij beklaagt zich over de traagheid en bureaucratie in India en een tijd later begint hij over de kernbommen die India heeft. Och, zeggen wij, zou me daar maar niet te druk over maken. Eer ze hier klaar zijn met alle formulieren invullen en goedkeurig hebben van alle supervisors is die oorlog al lang voorbij. Het landschap wat we onderweg voorbij zien komen is niet echt bijzonder, het is niet echt groen en vooral smerig, India is de grootste afvalberg van de wereld. Om 22.00 uur zijn we eindelijk in Jaipur waar we door maar liefst 20 touts achtervolgd worden. Een man is al naar ons toegekomen toen we uit de trein stapten en neemt ons mee naar zijn riksja, dat wordt natuurlijk vechten met de anderen want hij heeft niet op zijn beurt gewacht. Anouk stapt er even tussen en stuurt ons mannetje naar zijn riksja terug en de rest naar binnen. En die  luisteren ook nog, ondanks het feit dat vrouwen in India eigenlijk niks te vertellen hebben, maar Anouk maakt schijnbaar zoín indruk dat ze allemaal wegstuiven. We hebben pech met het vinden van een kamer in Jaipur, er zijn namelijk drie Hindoestaanse bruiloften aan de gang, alle hotels zitten dus bomvol. Uiteindelijk belanden we in hotel Kartikey waar we voor veel te veel geld een redelijke kamer vinden. We gaan wat eten in het restaurant/bar van het hotel waar alweer een verkoper annex riksja chauffeur tegen ons begint te praten. Zodra hij zijn verhaaltje begint over familie op een dorp en geld sturen en toertjes begint Anouk met feiten te strooien: Weet jij hoeveel mensen er in Nederland wonen? Welk land in het grootste op aarde? Wat is de hoogste berg? Na tien minuten houdt hij het voor gezien en vertrekt hij eindelijk. Nee zeggen in India is niet voldoende, kwaad worden helpt niet, negeren of kletspraat verkopen werkt vaak nog het beste.

Hotel Kartikey: 500 rs (waardeloos hotel)

Dag 352: Zaterdag 12 februari (Jaipur)
We hebben slecht geslapen vannacht, de kamer naast ons zat vol met IsraŽliŽrs die keihard muziek aan het draaien waren. We hebben zelf een keer aangeklopt maar uiteindelijk maar naar de receptie gebeld en een klacht ingediend. Uiteindelijk waren ze om 03.00 uur Ďs nachts eindelijk stil, staat Ďs ochtends het hotelpersoneel om 08.00 uur te kloppen, of we misschien ontbijt willen? Wat denk je nou zelf, Ďs nachts nauwelijks geslapen en nu al ontbijten? Om 09.00 uur kloppen ze weer op de deur, of we misschien nog wasgoed hebben? Dit is de druppel, we pakken snel onze tas in en vertrekken, zonder ontbijt en zonder wasgoed achter te laten. We verkassen naar hotel Pearl Palace, dit hotel zit ook bomvol maar ze hebben nog een bezemkast met een tweepersoonsbed vrij. We besluiten dit maar te nemen omdat er niks anders op zit. Ďs Middags bezoeken we de Old City of Pink City. Jaren geleden zijn hier leden van het Engels koninklijk huis op bezoek geweest en toen hadden ze besloten heel de stad roze te schilderen voor het hoogstaand bezoek. Maar goed dat Wilhelmina of Juliana hier nooit geweest is in Rajastan, anders hadden we nu vast en zeker ook een oranje stad gehad. In de Old City is net een parade aan de gang met kamelen, olifanten en paarden. Het doel van de optocht wordt ons niet helemaal duidelijk maar prachtig is het wel. India is heel kleurrijk, vooral Rajastan staat bekend om zijn vele kleuren. De vrouwen in prachtige gekleurde sariís, de olifanten helemaal beschilderd en behangen met diverse kleuren en dan op de achtergrond die roze stad. In een woord, prachtig!

Hotel Pearl Palace : 250 rs (zonder badkamer).
Dit hotel is echt een aanrader, het eten is supergoed, vriendelijk personeel en het dakterras is heerlijk relax. Oh ja, ze zijn zo trots op hun brandschone keuken dat ze die aan iedereen laten zien. Ook apart hoor, een rondleiding door een schone Indiase keuken.

Dag 353: Zondag 13 februari (Jaipur)
We vertrekken weer naar de Old city met een Riksja, die ons nog even dubbel wil laten betalen als we uitstappen. Bovendien zet hij ons nog af bij het City Palace terwijl wij naar het Wind Palace willen. Een straatjochie wijst ons de weg en uiteindelijk belanden we bij Hal Mahal, het windpaleis. Supermooi gebouw van buiten maar van binnen zijn ze het aan het restaureren. En dat gaat op de Indiase manier, met heel veel potten witte verf en vooral niet binnen de lijntjes kleuren. Het is wel leuk om even uit de kleine raampjes te kijken waar vroeger de vrouwen zaten om naar buiten te kijken. Zij mochten zich namelijk niet op straat vertonen en keken dus vanuit de kleine raampjes in het paleis naar het leven buiten op straat. Met de lokale bus gaan we naar het Amer Fort, ongeveer tien minuten rijden buiten Jaipur. De bus zit overvol en Anouk zit met een kind op schoot terwijl de baby bij de vrouw naast haar via via wordt door gegeven aan de zus van de vrouw. De Indiase bevolking is wat dat betreft een van de makkelijkste in de wereld, overvolle bussen geen probleem, kinderen van een ander doorschuiven in de bus, doen we gewoon even. Bij het Amer Fort hebben we weer zoín typisch Indiase moment, dat gebeurt ongeveer 1x per dag. Ook al zijn er slechte dagen waar het soms 2 tot 3x kan gebeuren, maar er gaat nooit geen dag voorbij in India zonder zoín typisch moment. Zoín moment dat het allemaal te veel wordt, dat je die hele Indiase bevolking wel even met de koppen tegen elkaar wil slaan en wil zeggen: grote oetlummel dat je daar staat! Zoín moment dat je helemaal uit je vel springt en zij met een gladgestreken gezicht tegenover je staan, allemaal op een rij, allemaal met hun kopje staan te schudden. Mensen die door India hebben gereisd herkennen dit soort momenten. We lopen het Amer fort binnen waar een trap naar boven loopt, een behoorlijke steile en hoge trap, dus wel even klimmen. Bovenaan de trap zit iemand kaartjes te controleren en vraagt ons om een ticket. Dat blijken we dus beneden te moeten kopen, daar beneden waar geen bordje staat, waar je een hoek om moet en vervolgens een raampje vind om een kaartje te kopen. Ok, geen probleem, ze zijn ook niet slimmer dus wij weer naar beneden om een kaartje te kopen. Als we vervolgens weer naar boven lopen blijken we het verkeerde ticket te hebben gekregen. We hebben betaald voor een ticket voor buitenlanders maar hebben een Indiase ticket meegekregen. Of we nog even naar beneden willen lopen om het ticket te wisselen. Marcel weet Anouk er nog net er van te weerhouden dat die man wordt gewurgd en nadat Anouk even heel haar longinhoud op deze aap heeft leeggebruld rent een ander aapje snel naar beneden om het ticket te wisselen. Eind goed, al goed. Maar het blijven stomme apen! De rest van de middag kijken we rond in het Amer fort, mogen weer met verschillende IndiŽrs op de foto en keren met een iets minder volle bus terug naar het hotel waar we lekker neerzakken op ons dakterras. Heerlijk, even rust, geen riksja, geen touts, en geen stomme ticketverkopers die je twee keer naar beneden willen sturen.

Entree Hal Mahal (Wind Palace) : 5 rs
Entree Amer Fort: 75 rs (incl. Camera)
Bus Old City Ė Amer Fort : 5 rs pp
Riksja Jaipur: 30 Ė 40 rs (veel toeristen, onderhandelen is moeilijk)

Dag 354: Maandag 14 februari (Bikaner)
We hebben inmiddels de belangrijkste dingen wel gezien in Jaipur en aangezien Jaipur net als een Delhi een grote, drukke stad is, besluiten we naar Bikaner te vertrekken. We gaan vol goede moed naar het treinstation om een kaartje te kopen, sluiten rustig aan in de rij en boem, luik dicht. Lunchpauze! Wij zouden iemand anders op die plek zetten maar nee hoor, hier moeten we gewoon twintig minuten wachten totdat het mannetje klaar is met zijn lunchpakketje te veroberen. We besluiten het toeristenloket voor gezien te houden en gewoon binnen een kaartje te kopen, dit kan gemakkelijk omdat we dezelfde dag nog willen vertrekken dus er is geen sprake van reservering. Gewapend met een treinkaartje gaan we terug naar het hotel, pakken onze spullen in en stappen in een riksja naar het treinstation. Deze denkt slim te zijn en zet ons 100 meter voor het station af, de rest kunnen we wel lopen. Kan ik even 20 rs vangen? Weer zoín typisch moment in India en dus trekt Anouk weer even haar mond open en worden we toch nog dichterbij het station afgezet. De treinrit verloopt zonder problemen en om 22.30 uur komen we aan in Bikaner. We hadden al een kamer vooruit geboekt en dus worden we opgehaald van het station, wel net zo relax.

Treinticket Jaipur Ė Bikaner: 105 rs pp
Hotel Harwer Haveli: 300 rs 
Riksja Bikaner: 15 Ė 20 rs

Dag 355: Dindag 15 februari (Bikaner)
Een beetje een verloren dag vandaag. We zijn laat uit bed doordat we nogal moe zijn van de treinreis van gisteren. En als we uit het raam kijken belooft het ook al niet veel goeds. Er is een zandstorm aan de gang, Bikaner ligt midden in de woestijn, en het zicht is niet meer dan 50 meter. We gaan nog wel even de stad in maar daar is niks te beleven. Indiase steden zijn druk, vuil en vol met smog, tel daarbij een zandstorm op en je snapt waarom wij ons de rest van de dag in het hotel hebben opgesloten. Het hotel is helemaal een ramp, de service is waardeloos. Maar wel 5x per dag vragen of we op kamelensafari willen. Het gebouw waarin onze kamer zich bevind is pas een maand geleden opgeleverd en van de drie ramen in onze kamer sluit er geen eentje. En dat is zo typisch India en tegelijk ook weer zo grappig!

Dag 356: Woensdag 16 februari (Bikaner)
Jaren geleden hebben we eens een keer een aflevering van Lonely Planet op tv gezien over Rajastan (India). Daarbij lieten ze ook de rattentempel in Bikaner zien en sindsdien hebben we altijd gezegd dat we dat zelf een keer met eigen ogen willen aanschouwen. De tempel Karni Mata (zie ook de website www.karnimata.com) bevind zich in Deshnok, 30 kilometer buiten Bikaner. Het verhaal gaat dat de ratten incarnaties zijn van personen en dat is dus de reden voor de lokale bevolking om ze volop te voeren. Met als gevolg dat er dus duizenden ratten rondlopen. Helaas als wij er komen zijn de ratten het beu, er zijn er niet zoveel als dat je zou verwachten en de paar ratten die er zitten, zitten volgevreten in een hoekje naar ons te kijken. Als iemand ze eten voor de neus houdt eten ze het niet eens op. Men gelooft hier ook dat het eten van voedsel waar de ratten hun behoefte op hebben gedaan erg goed is. Wij nemen dit klakkeloos aan en proberen het maar niet zelf uit. We keren terug naar Bikaner waar we trachten in het restaurant bij ons hotel wat te eten te krijgen maar als we naar boven lopen, loopt het personeel net het restaurant uit en komt niet meer terug. We zijn het zo beu, heel de dag zeuren over een kameelsafari maar een simpel colaatje serveren kunnen ze nog niet, dat we besluiten naar Jaisalmer te vertrekken de volgende dag. Als we bij het reserveringskantoortje aankomen, blijkt echter dat de bus voor morgenvroeg vol zit en we besluiten nog meteen dezelfde avond te vertrekken. Om de tijd te doden gaan we nog even bij het fort in de stad kijken wat best indrukwekkend is en goed onderhouden. Maar na drie forts beginnen die ook je neus wel uit te komen! Er hangt in het fort een overzicht van het aantal bezoekers per jaar. In 2002 zie je dat het aantal buitenlanders sterk is teruggelopen ivm de aanslag van 11 september. Wel zie je hier duidelijk dat de Indiase bevolking in eigen land steeds meer op vakantie gaat.

Bus Deshnok: 8 rs pp
Entree fort: 100 rs/50 rs voor studenten

Prive bus naar Jaisalmer : 110 rs

 

Dag 357: Donderdag 17 februari
Na een onrustig busrit met heel weinig slaap arriveren we om half zes 's ochtends in Jaisalmer. Meteen staan er vier riksja chauffeurs om ons heen te springen maar als we zeggen dat we al een reservering hebben gemaakt (leugentje om bestwil) zijn er meteen drie verdwenen. Jaislamer staat bekend om de vele touts die hier op de toeristen liggen te wachten en ze kunnen behoorlijk hardnekkig zijn, maar we hebben er meteen drie uitgeschakeld. Bij hotel Paradise (in het fort zelf) hebben ze om 09.00 uur wel een kamer vrij voor ons en we krijgen zolang een bezemkast aangewezen met een bed erin. Het lukt ons toch nog om even te slapen en om 09.00 uur wisselen we van kamer. De eigenaar van het hotel verkoopt ook kamelensafari's en hij mag van ons 1x zijn verhaal vertellen en daarna moet hij niet meer zeuren. Wij beslissen wel wanneer we op kamelensafari gaan. 's Middags wandelen we door het fort en kopen wat nieuwe kleren. Al onze spullen zijn verloren gegaan tijdens de tsunami en we hebben vanuit Nederland het minimale meegebracht, de rest kopen we hier in India wel. Dat is stukken goedkoper dan in Nederland. In de winkel vinden ze ons niet echt aardig. Hun verkooptechniek is om zoveel mogelijk uit de kast te halen en alles uit te spreiden in de winkel, veel mensen zijn dan geneigd toch maar iets te kopen. Wij wandelen de deur uit met maar twee t-shirts en een broek. Waarover we ook nog eens flink onderhandeld hebben. De verkoper klaagt dat hij alles op moet ruimen maar een simpele opmerking van onze kant dat dat nu eenmaal zijn werk is laat hem inzien dat hij hier met een heel ander soort toerist te maken heeft dan hij gewend is. De meeste toeristen die hier komen zijn onderdeel van een groepsreis en hebben maar liefst tien minuten om iets te kopen voordat de bus vertrekt, terwijl wij gerust de hele middag uit kunnen trekken voor het kopen van twee simpele t-shirts. 's Avonds eten we bij The Refreshing Point, het restaurant recht tegenover ons hotel. Een echte aanrader want het eten is heerlijk en de kaart behoorlijk uitgebreid. We ontmoeten Donna en Jeff hier, een Engels stel dat zes maanden door India trekt op zoek naar vogels. India is een van de beste plekken ter wereld om vogels te kijken maar dat dit niet zonder slag of stoot gaat mag duidelijk zijn. Elke keer als ze een mooi vogeltje spotten komt er weer zo'n IndiŽr tussendoor: Riksja, schoolpen, rupee, country, etc. Ook stenen gooien naar vogels om ze uit de boom te lokken of het aan de andere kant in de telescoop kijken zijn inmiddels bekende taferelen voor hen. Wij lachen ermee maar zij kunnen er vaak behoorlijk van balen. 

Hotel Paradise: 350 rs (incl. bad). 
Enkele dagen na onze aankomst begon het Dessert Festival, de prijzen van de hotelkamers waren dus al iets hoger al was Hotel Paradise een van de weinige hotels in het fort die de prijzen niet verdubbelden. 

Dag 358: vrijdag 18 februari (Jaisalmer)
Na een stevig ontbijt wandelen we naar de Gadi Sagar watertank. Deze tank (een hele grote vijver) voorzag vroeger de hele stad van water, nu ligt er vooral veel vuil in. India lijkt soms een grote vuilnisbelt. Maar het is een heerlijk rustpunt. Er zijn weinig lokale mensen, een paar tempels en (nog wel het meest belangrijke) geen toeterend verkeer. We genieten van het uitzicht, wandelen even rond en keren terug naar het fort. Via allerlei smalle straatjes met bedelende mensen, straatverkopers en de nodige koeien lopen we terug naar het fort. Onderweg maken we foto's van straattaferelen zoals de fruitstalletjes langs de kant van de weg en de koeien. Dat levert hilarische taferelen op want als Marcel staat te filmen staan er maar liefst vier IndiŽrs achter hem om te kijken wat hij wel niet aan het filmen is. Zij snappen niet dat wij foto's van een koe maken maar voor ons is dit gewoon heel bijzonder en zo typisch India. Een ander bekend gezicht in Jaisalmer is de vele militairen, Jaisalmer ligt op ongeveer 50 kilometer van de Pakistaanse grens en is een van de grootste legerbasissen in deze regio. Voordeel hiervan is wel dat de wegen hier erg goed zijn want ze worden namelijk onderhouden door het leger. Geen potholes of hobbelige wegen te bekennen hier, terwijl we midden in de woestijn zitten. 

Dag 359: zaterdag 19 februari ( Jaisalmer)
De safari (die we uiteindelijk geboekt hebben bij Hotel Paradise omdat die man niet meer heeft gezeurd) begint echt op een Indiase manier. We vertrekken maar liefst een uur te laat, als we in de woestijn arriveren zijn de kamelen er nog niet en na goed twee uur rijden lassen we een lunch pauze in van maar liefst vier uur. Maar dat mag de pret niet drukken, het kameel rijden is makkelijk, afgezien van het op- en afstappen, maar erg saai. Het woestijnlandschap is niet echt spectaculair, of zijn we te verwend? De woestijn in NamibiŽ en Peru is mooier en indrukwekkender. Gelukkig valt het mee met het afval, als je de Lonely Planet moet geloven ligt de woestijn bezaait van de kamelensafari maar het valt tot nu toe reuze mee. Het is ook wel lekker om even een rustmoment te hebben van die hectische, drukke, Indiase steden. Als we ons kamp voor de nacht opslaan hebben we alle acht (twee Duitsers, twee AustraliŽrs en twee verschrikkelijke Amerikanen) een houten kont van het kameel rijden. 200 meter vanaf het kamp bevind zich een lokaal dorpje waar men koud bier verkoopt, midden in de woestijn. Soms zijn die IndiŽrs toch wel slim, alhoewel je er ook zat ontmoet die absoluut niet zakelijk zijn. 's Nachts worden we wakker van de kou, alhoewel we allebei opmerkelijk warme voeten hebben. Het is zelfs zo warm bij onze voeten dat we op onderzoek uitgaan. Er blijken zich twee kleine puppies op onze voeten genesteld te hebben. Zij prefereren de warme dekens die op ons liggen en wij laten ze maar liggen, lekker toch, warme voeten in een ijskoude woestijnnacht. 

Kamelensafari: 850 rs pp (2 dagen/1 nacht)

Dag 360: zondag 20 februari (Kamelensafari Jaisalmer)
Om 07.00 uur worden we alweer gewekt door onze kamelendrijvers. Ze hebben ontbijt klaar gemaakt en willen daarna meteen vertrekken. Plotseling hebben ze haast terwijl ze gisteren alle tijd hadden om te vertrekken en te pauzeren. Al het afval van het ontbijt laten ze gewoon in de woestijn slingeren terwijl het kookvuur nog brand, wij besluiten met een aantal even het heft in eigen handen te nemen en het afval te verbranden. Vandaag gaan we rennen met de kamelen en Anouk heeft geen sportbeha aan en ook het eten is niet zo goed gevallen met het gevolg buikkrampen. Geen pretje dus, het kameelrijden op deze manier. Daarnaast zijn kamelen niet onze favoriete beesten, ze stinken, laten constant winden en ze hebben wel een heel opmerkelijke manier om aandacht van vrouwtjeskamelen te trekken. De binnenkant van de wang en de tong komt naar buiten en daarbij maken ze een soort lebberend geluid, hoogt onaantrekkelijk maar die vrouwenkamelen schijnen er voor te vallen. We zijn allebei het kameelrijden helemaal beu en we zijn blij met een lange lunchpauze en een uur eerder stoppen. Anouk heeft geen kont meer over en Marcel vind er geen ruk aan omdat hij niet los mag rijden. Ze hebben hem namelijk een agressieve kameel gegeven die niet los kan lopen. Als de jeep ons op komt halen geven we ze een fooi, 100 rs voor de groep lijkt ons redelijk, ook gezien het feit dat we niet tevreden waren over een aantal zaken zoals bijvoorbeeld het eten. De Duitsers zijn wel tevreden en geven 200 rs fooi maar die achterlijke Amerikanen verzieken de boel weer en geven maar liefst 600 rs fooi. Terwijl ze ook niet echt te spreken waren over de gang van zaken. Ze snappen niet dat ze op deze manier het toerisme wel grotendeels verpesten voor anderen. Als we in de jeep stappen en nog willen zwaaien zitten die kamelendrijvers dan ook al geld te tellen, tja, helemaal ongelijk kunnen we natuurlijk ook niet geven met zo'n dagomzet. 's Avonds gaan we weer lekker eten bij The Refreshing Point, eindelijk fatsoenlijk eten. Ook moeten we onze kleren nodig wassen, echt alles stinkt naar kameel, tot aan onze rugzakken toe. Leuk hoor, zo'n kamelensafari. Het was voor ons een 'Once in a lifetime' experience en dit doen we dus nooit meer!

Dag 361: maandag 21 februari (Desert Festival Jaisalmer)
Vandaag begint het Desert Festival, wat meer een toeristische attractie blijkt te zijn dan iets echt authentieks. Om 12.00 uur begint er bij het fort een parade van kamelen (zucht, niet nog meer kamelen, paarden en diverse rijtuigen. Het is een hele kleurrijke optocht met dansers, muziek en heel veel mensen die op de been zijn om dit alles te bekijken. Het hele dorp lijkt uit gelopen te zijn voor deze parade. Er is ook een schoonheidswedstrijd met maar liefst twintig dames en deze kar trekt de meeste aandacht van de plaatselijke mannen. Ze rennen er als hongerige honden achteraan en als de wagen stilstaat staan ze met zijn alle te staren. In een land waar ondermeer Kama Sutra is uitgevonden kun je je soms verbazen over de seksuele gedragingen van sommige Indiase mannen. Het lijkt wel of ze allemaal zwaar gefrustreerd zijn hier. De optocht gaat naar het stadion waar in de loop van de dag allerlei wedstrijden plaats vinden, denk hierbij aan een wedstrijd tulband binden, schoonheidswedstrijden, grootste snor van Rajastan, etc. Als we het stadion binnenlopen lijkt het net of iedereen op kleur gerangschikt is. Er is een tribune heel kleurrijk terwijl een andere tribune erg grauw en saai uitziet. Als we dichterbij komen zien we waarom, er zijn aparte tribunes voor mannen en vrouwen. De vrouwen zitten in hun kleurrijke sari's allemaal bij elkaar en in tegenstelling tot de vrouwen zijn de Indiase mannen altijd saai en onopvallend gekleed. Vaak alleen een pantalon en een shirt in een onopvallend kleur. Wij hebben altijd het idee dat de mannen hier allemaal een tulband dragen maar ook dat is flauwekul, alleen de sikhs dragen een tulband en dat is maar een klein percentage van de Indiase bevolking. Tijdens het festival zijn de toeristen apart gezet van de lokale bevolking, geen vragen dus over country, alleen heel veel starende blikken vanaf de andere tribunes. Er zijn ook allerlei dranghekken opgezet maar de IndiŽrs klimmen daar weer gewoon overheen. Want luisteren, daar hebben ze hier nog nooit van gehoord. De politie slaat er flink op los met stokken en drijft ze terug achter de hekken. De paar toeristen die ook tussen de hekken door klimmen worden wel met rust gelaten, dat moet op die Indiase bevolking toch ook vreemd over komen. Om 16.00 uur houden we het voor gezien, Indiase schoonheidswedstrijden gaan er toch wel even iets anders aan toe dan thuis. Een beetje saai, men loopt naar voren, de naam wordt afgeroepen en men wandelt weer terug. Geen oproep voor wereldvrede, geen badpakcompetitie of niks. Terug in het fort vervallen we weer in onze dagelijkse routine sinds we in Jaisalmer zijn aangekomen, een rondje wandelen en uit eten met Jeff en Donna, de vogelverkenners.

Dag 362: dinsdag 22 februari (Desert Festival Jaisalmer)
We begeven ons vandaag weer naar het Desert Festival, helaas zijn we te laat voor het touwtrekken. Voor degene die geÔnteresseerd zijn in de uitslag, de toeristen hebben gewonnen van de lokalen, alhoewel de mannen het erg moeilijk hadden. Och, het is ook een kwestie van techniek natuurlijk. De daaropvolgende kamelenrace is hilarisch. Een kameel is namelijk een heel eigenwijs beest, dat zie je al aan de manier waarop ze met hun kin in de lucht staan rond te kijken. Echt met zo'n blik van, niemand doet mij wat. Er verschijnen zeven kamelen bij de start, vijf gaan er rechtdoor, twee gaan er recht het publiek in, helemaal de verkeerde kant op dus. Bij de daarop volgende race heeft een kameel geen zin, gaat zitten en rolt op zijn zij zodat zijn begeleider eraf valt. Grote hilariteit bij het publiek. Het kamelenpolo is al niet veel beter. Het spel is op zich heel simpel, men neemt twee teams, tien kamelen en twee doelen. Maar ja, dan houden ze geen rekening met het karakter van die kamelen. Een kameel heeft er na vijf minuten spelen al geen zin meer in en gaat gewoon op zijn kont zitten. Mr Moustache (de man met de grootste snor in Rajastan, maar liefst twee meter) komt nog even een auto trekken en ook is er nog een politieagent die hele flauwe kunstjes doet op zijn motor. De IndiŽrs vinden het prachtig, de toeristen zijn er niet weg van. Maar kan me voorstellen als je al de hele dag kamelen ziet dat je wel eens wat anders wilt zien. 's Middags proberen we nog wat te shoppen in Jaisalmer maar ze hebben niet echt bijzondere spullen en zijn verschrikkelijk duur. We proberen ook nog even te internetten maar ook dat is hier in Jaisalmer geen succes, ze werken met ISDN en dat is ontzettend traag. Wel krijgen we diverse berichten binnen via onze site en de e-mail dat Nepal weer toegankelijk is voor toeristen. Gunstig nieuws dus want we zijn van plan in maart/april naar Nepal te trekken.

Dag 363: woensdag 23 februari (Jaisalmer)
Vandaag is de laatste dag van het festival met o.a. een cricketwedstrijd. Aangezien cricket niet echt onze sport is besluiten we dit maar over te slaan en wat door de stad te slenteren. Misschien klinkt dit saai maar in een stad in India is op elke straathoek wel wat te beleven, wij vinden dit ook van de leukste dingen in India ook al wordt je soms moe van al het lawaai en alle vuiligheid. We brengen een bezoek aan de Jain tempel in het fort maar die is alleen 's ochtends open en wordt dan zo druk bezocht door alle toeristenbussen dat er bijna geen doorkomen meer aan is. Na vele omzwervingen komen we bij een handlezeres terecht en we besluiten een kijkje in onze toekomst te nemen. We krijgen beide drie kinderen, moeten op een oneven dag in een oneven jaar op een oneven leeftijd trouwen, met de gezondheid komt alles goed en we worden beide oud. Anouks kleur is rood (zou dat komen omdat ze op dat moment een rode fleece trui aan heeft?!) en ze moet ook een rode vlag in de auto hangen om veilig te rijden. En Marcel wordt een rijk man die wel weet te genieten van zijn geld. En of er bij Anouk in de familie nog tweelingen voorkwamen want Anouk had kans op een tweeling, tuurlijk, mijn oma is er eentje van een tweeling. Die kans zit er dus wel in. 's Avonds gaan we met de twee Australische meiden van de kamelensafari bij een ander restaurant eten want ons favoriete restaurant is gesloten. Het personeel is naar het vuurwerk kijken van het Desert Festival. We belanden dus bij een ander restaurant en de eigenaar is een brahma (afsplitsing van het Hindoestaans geloof). Sommige geloven hier in India hebben vreemde gewoontes. Om te tonen dat hij een brahma is draagt deze man een lange ketting bestaat uit zes kleine kettingen om zijn nek. Als hij naar de wc gaat wikkelt hij de ketting om zijn rechteroor zodat hij meer druk kan uitoefenen op zijn oor en daardoor beter naar de wc kan. Och, het is maar net waar je in gelooft natuurlijk!

Dag 364: donderdag 24 februari (Jodphur)
Om 10.00 uur stappen we in de bus naar Jodphur, een week Jaisalmer is meer dan genoeg. Het is op zich een kleine stad maar door het festival en de kamelensafari zijn we er nog best lang blijven hangen. Na 45 minuten wachten gaat de bus eindelijk rijden. Geen probleem, we vermaken ons ondertussen wel. In de tijd dat wij staan te wachten komen er diverse bussen aan met daarin reizigers en de touts vliegen er als haaien op af. De politie moet ze op een afstand houden. De busrit is ontzettend vervelend want om de haverklap wordt er gestopt. En de bus wordt natuurlijk vol met mensen gepropt, zelfs bovenop het dak zitten mensen. De verkopers en bedelaars zijn ook erg agressief. Als Anouk het raam van de bus open heeft staan slaat er zelfs een met een fles water op haar arm om aandacht te trekken. Om 16.00 uur zijn we eindelijk in Jodphur, de blauwe stad. Vanwege hun geloof hebben veel mensen hun huizen blauw geverfd, vandaar deze naam.

Busticket Jodphur: 120 rs pp
Hotel Shivam Guesthouse: 275 rs

Dag 365: vrijdag 25 februari (Jodphur)
De hele dag besteden we aan het slenteren door de vele kleine straatjes van Jodphur. Jodphur heeft duizenden kleine winkeltjes waar van alles te koop is tegen redelijke prijzen. Jodphur is ook niet zo toeristisch als bijvoorbeeld Udaipur of Jaisalmer. We kijken weer onze ogen uit naar alle kleuren en geuren van de Indiase straten. Deze stad hadden ze beter het blauwe doolhof kunnen noemen want we verdwalen gigantisch in alle kleine steegjes, gelukkig is iedereen erg hulpvaardig om ons de weg te wijzen. 's Avonds eten we in het hotel maar het eten is niet echt lekker dus we besluiten morgen eens ergens anders te gaan eten.

Dag 366: zaterdag 26 februari (Jodphur)
Midden in Jodphur ligt een metershoge berg met daarop een fort. Het is hemelsbreed niet zo'n grote afstand maar het is een behoorlijke klim naar boven. We kopen twee entreetickets en willen ons audiotape op gaan halen bij de counter maar lopen daar tegen een probleem aan. De audiotape is een gewone walkman met daarin een bandje met uitleg over het fort. Helaas hebben we geen creditcard of paspoort bij ons om in onderpand te geven. We proberen nog geld in onderpand te geven maar hebben hiervoor niet voldoende bij. We moeten maar terug naar beneden lopen en een paspoort gaan halen is het antwoord. Een korting op de behoorlijk heftige entreeprijs is ook niet mogelijk en echt veel medewerking willen ze ook niet verlenen. Weet je wat wij doen, wij geven ons entreebewijzen terug, vragen ons geld terug en wandelen weer naar beneden. Als het allemaal zo moeilijk is dan stoppen ze dat fort maar in hun kont. We besluiten naar het postkantoor te gaan want Marcel heeft een grote hoeveelheid wierook gekocht voor zijn vader en die moet naar huis gestuurd worden. Het inpakken bij het postkantoor (in katoen laken en wel twintig waxstempels) gaat nog voorspoedig. Ook het versturen gaat vrij simpel door de medewerking van een vriendelijk postbeambte die ons meeneemt achter het loket waardoor we niet in de rij hoeven te staan. Maar dan beginnen de problemen. We moeten namelijk ook een enveloppe kopen om CD-ROMís met fotoís naar huis te sturen en daar vragen ze het achterlijke bedrag van maar liefst 25 Eurocent voor. Volgens de vriendelijke postbeambte is dat veel te veel en moet een enveloppe hooguit drie rupees kosten en geen vijftien rupees. We vragen een Indiase man die net uit het postkantoor komt waar hij zijn enveloppe koopt en hij gaat altijd naar de boekenhandel. Het is ons dus inmiddels duidelijk dat de man met het inpakkraampje ons wil afzetten. We gaan op zoek naar een kantoorboekhandel mar kunnen niks vinden en slenteren doelloos door de straat, totdat er plotseling een motor stopt. Het is de man die uit het postkantoor kwam gewandeld en wij hebben hem gevraagd waar enveloppe te koop zijn. Hij is voor ons naar een winkel gereden en heeft enveloppen gekocht. En zo zit er tussen al die zeurende, vervelende, opdringerige IndiŽrs af en toe nog eens een vriendelijke persoon. Maar door het gedrag van de meerderheid raak je vaak afgestompt voor dit soort mensen. Dat blijkt vijf minuten later wel weer als we bij het postkantoor in de rij staan. Er wil er weer eentje voordringen en als Anouk er iets van zegt gaat hij luidkeels zijn keel op staan te halen en doet hij net alsof hij wil tuffen. Anouk reageert hierop door met haar tong uitgebreid over haar linker (en dus onreine) hand te likken. Het hele postkantoor staat haar aan te staren met een blik van gadverdamme, maar je neus ophalen, nee, dat is niet smerig hoor. Als we terug wandelen naar het hotel komen we langs National Handloom Corporation. Een soort warenhuis met kleding en huishoudartikelen en spotgoedkoop, ze hebben zelfs souvenirs tegen belachelijk lage prijzen dus we slaan even flink in. Ook kopen we allebei een Indiase pak, leuk voor de carnaval als we weer thuis zijn. Marcel wil diverse pakken passen maar op den duur willen ze het niet meer uit de verpakking halen voor hem. Even later blijkt waarom, de lokale mensen wandelen binnen, houden het voor zich, bekijken het twee seconden en besluiten tot koop over te gaan. Wij zijn maar lastige klanten voor hen, terwijl wij gewoon op zijn Nederlands winkelen. In het hotel ontmoeten we een Nederlands stel, Annette en Menno, zij hebben vijf maanden in Nepal vrijwilligerswerk gedaan en kunnen ons dus alles over Nepal vertellen. We besluiten met zijn vieren bij restaurant On the Rocks te gaan eten. Het is een bijna Onindiaas tafereel, de tafel wordt gedekt, er is een speeltuintje en de bediening is perfect. Het lijkt even alsof we in een andere wereld beland zijn.

Entree fort Jodphur: 250 rs pp
Riksja Jodphur: 20 rs

Dag 367: zondag 27 februari (Jodphur)
Vandaag is het precies een jaar geleden dat we op het vliegtuig stapten naar BraziliŽ, een jaar geleden dus dat we aan onze reis begonnen. Het is niet helemaal zonder horten of stoten gegaan het afgelopen jaar maar dat heeft ons er niet van weerhouden toch weer verder te reizen.
Vanavond om 22.00 uur stappen we in de bus naar Udaipur. We checken al om 11.00 uur uit en brengen de middag in de stad door. We brengen voor de laatste keer een bezoek aan de wereldberoemde omeletshop. Deze man maakt voor 12 rs een omelet met brood en is hiermee een bekende geworden in heel Jodphur, hij verkoopt wel 1000 eieren per dag en heeft daarmee zelfs de lokale kranten gehaald. Ook krijgt hij post vanuit de hele wereld met foto's van hemzelf en allerlei mensen die hij ontmoet heeft. Als we terugkeren naar het hotel lopen we Toon en Talitha tegen het lijf. We hebben hen drie weken geleden in Delhi ontmoet en hebben dus heel wat bij te kletsen, voordat we het weten is het alweer tijd om te vertrekken richting Udaipur. We hebben een sleeperbus geboekt en krijgen dus een kamertje in het bagagerek (ik weet niet hoe ik het anders moet omschrijven). Relax is het wel, we kunnen het afsluiten en het is nog behoorlijk ruim ook. Helaas slapen we opnieuw weinig, de weg lijkt wel een knollenveld.

Busticket sleeper Udaipur: 150 rs pp

 


Terug naar Reisverslagen                             Verder naar Noord India (maart)